Gelegen ten noordwesten van Nieuw-Zeeland is Australië het op vijf na (Rusland, Canada, Verenigde Staten, China en Brazilië) grootste land ter wereld. Niet Sydney, maar Canberra, is de hoofdstad van het land. De officiële taal is Engels. Iets meer dan de helft van de inwoners is christelijk, tegenover dertig procent die niet religieus is.
Route
Melbourne (1), Adelaide (2), Kangaroo Island, Alice Springs (3), Uluru-Kata Tjuta en King’s Canyon, Darwin (4), Litchfield Nationaal Park, Kakadu Nationaal Park, Darwin, Broome (5), Karijini Nationaal Park, Exmouth, Cape Range Nationaal Park, Coral Bay, Kalbarri Nationaal Park, Margaret River, Perth (6), Cairns (7), Great Barrier Reef, Daintree Rainforest, Cape Tribulation, Townsville, Magnetic Island, Airlie Beach, Whitehaven Beach, Agnes Water, Hervey Bay, Noosa, Brisbane (8), Byron Bay, Sydney (9), Blue Mountains, Melbourne.
In totaal bracht ik 85 dagen door in Australië. Omdat het een groot land is en ik besloot om zowel het centrum, als de Oost- en de Westkust te bezoeken, moest ik verschillende plekken overslaan. Hoeveel kilometer ik exact heb afgelegd is moeilijk te zeggen. Grofweg schat ik zo’n 12.000 kilometer. Dat komt neer op een gemiddelde van ongeveer 150 kilometer per dag.

Foto impressie
Mijn ervaring
Veiligheid
Ik heb mij in Australië geen moment onveilig gevoeld. Hoewel er in grote steden berovingen en verkrachtingen voorkomen, geloof ik niet dat dit anders is dan in Nederland. Zolang je je gezond verstand gebruikt en iemand van het thuisfront op de hoogte houdt van waar je je bevindt, is de kans klein dat er iets gebeurt.
Vervoer
De bus
Wie van plan is om op een goedkope manier veel van Australië te zien, doet er goed aan om bij Greyhound een WHIMIT-pas aan te schaffen. Met deze pas kun je onbeperkt met de bus door het land reizen, waarbij je van te voren bepaalt voor hoeveel aaneengesloten dagen je er één wil kopen. Voor $599 (€365) heb je al een pas voor negentig dagen.
De nadelen?
Hoewel het reizen per bus snel en goedkoop is, kleven er wel een aantal nadelen aan.
- Het traject Melbourne-Adelaide wordt niet door hen gereden en dien je apart te boeken bij Firefly voor $65 (€40).
- Je kunt je minder vrij bewegen dan wanneer je zelf een auto koopt of huurt.
- In tegenstelling tot de autobezitters in Australië, ben je als busreiziger veel afhankelijker van de organiseerde tours naar de vele nationale parken. Deze zijn vaak veel duurder dan een selfdrive er naar toe. Wil dat zeggen dat je als bezitter van een WHIMIT-pas per definitie aangewezen bent op deze georganiseerde tours? Nee. Er zijn altijd autobezitters die je graag meenemen in ruil voor een tegemoetkoming in de benzinekosten.
Hoewel de Greyhound het bekendste busbedrijf is, kun je ook kijken of een andere maatschappij wellicht beter bij je past. Premier rijdt ook langs de Oostkust en is goedkoper dan de Greyhound. Het nadeel is echter dat deze niet overal in het centrum stopt, waardoor je alsnog voor een shuttle moet betalen. Doe je liever de Westkust per bus? Ook dat is mogelijk.
De auto
Veel reizigers kiezen ervoor om in Australië een auto te kopen. Vooral wanneer je voor langere tijd in Australië bent, kan dit een uitkomst zijn. Je investeert eenmalig in een auto (die vaak ook compleet met kampeermateriaal geleverd wordt), en je bent voor de rest van de trip voorzien. Onderweg gratis kamperen is op deze manier uitermate gemakkelijk. Een aanzienlijke kostenbesparing wanneer je bedenkt dat je voor een bed in een slaapzaal gemiddeld zo’n $20 tot $30 betaalt.
Denk je erover om een auto aan te schaffen? Kijk dan eens op Gumtree Australia of Facebook (Australia Backpackers).
De nadelen?
Natuurlijk kleven er ook nadelen aan het rondrijden met een auto.
- Door de grootte van het land zul je aanzienlijke afstanden afleggen. En hoewel benzine in Australië goedkoper is dan in Nederland, is dit toch een grote kostenpost. Eentje die je natuurlijk flink terug kunt dringen wanneer je besluit andere reizigers (op een deel van je reis) mee te nemen en op die manier de kosten te delen.
- De auto’s worden vaak van backpacker tot backpacker overgedragen. Tenzij je verstand van auto’s hebt, weet je van te voren natuurlijk nooit helemaal wat je koopt. Dure reparaties kunnen het gevolg zijn.
- Wie al een vliegticket terug naar huis geboekt heeft en zijn of haar auto nog niet verkocht heeft, loopt het risico zijn of haar inleg te verliezen. Wat dan? Verkoop je je auto voor een habbekrats (waardoor je trip naar Australië ineens een stuk duurder uitvalt) of koop je een nieuw vliegticket naar huis? Dat en wanneer het bijvoorbeeld hoog- en laagseizoen is, zijn zaken om over na te denken voordat je een auto aanschaft.
Het vliegtuig
Wie slechts voor korte tijd in Australië verblijft of een hekel heeft aan lange bus- of autoritten, kan er voor kiezen om (een gedeelte van) de reis per vliegtuig af te leggen
Ik besloot het zelf één keer te doen, waarbij ik vanuit Perth naar Cairns vloog. Dankzij deze vlucht kon ik in drie maanden het hele land zien. En de prijs? Die viel reuze mee. Vooral als je je bedenkt hoeveel tijd en benzine het gekost zou hebben om die afstand zelf af te leggen.
Bevolking
De Australische bevolking is zeer vriendelijk, open en behulpzaam. Kijk niet vreemd op als een Aussie een spontaan gesprek met je aanknoopt in de bus, op de camping of in het park.
Zit je een keer in de knoei? Geen nood. Er is altijd een vriendelijke inwoner in de buurt om te helpen. Of je nu met de auto langs de kant staat of een lift nodig hebt. Hulp wordt hier snel geboden.
Schoonheid
Wie ooit voet in Nieuw-Zeeland heeft gezet, is voorgoed verpest. Naast dat land verbleekt werkelijk alles. Ook Australië. Hoewel sommige delen van het land (rondom Perth en heel Queensland) zelfs in de winter mooi groen zijn, moet het toch zijn meerdere erkennen in diens buurland. Grote uitzondering daarop is mijns inziens het Great Barrier Reef. Wat mij betreft is dat het hoogtepunt van jouw reis down under.
Geld
Betalen in het buitenland kost geld. Hoeveel dat precies is, is afhankelijk van de manier waarop je betaalt. Hoewel ik geen expert ben op financieel gebied, heb ik gedurende mijn reis het één en ander geleerd.
Contant geld opnemen
Wie contant geld opneemt krijgt te maken met drie verschillende soorten kosten: de kosten die jouw eigen bank rekent (in mijn geval is dat de ABN AMRO die naast een vast bedrag van €2,25 ook 1,2% valutakoersopslag rekent), de kosten die de bank waarbij je het geld opneemt rekent én een zogenaamde wisselkoersopslag als je de desbetreffende bank de wisselkoers laat berekenen. Wat betekent dat?
- Dat je altijd zoveel mogelijk contant geld in één keer moet opnemen. Meestal is dat een maximum van €500, maar dit kan per bank in een land verschillen.
- Dat ook de tarieven die de verschillende banken vragen kunnen verschillen. Probeer dus altijd de voordeligste bank in een land te zoeken.
- Dat je heel scherp moet zijn wanneer de bank vraagt of deze de wisselkoers voor je moet berekenen. In alle gevallen zal dat onvoordeliger zijn dan de wisselkoers die jouw bank rekent. Bij de vraag: with or without conversion, dien je dus altijd voor without te kiezen. Zo voorkom je dat je, net als ik op het vliegveld van Melbourne, bijna 12% betaalt!
Pinpas of creditcard?
Afhankelijk van je bank kan het in sommige gevallen voordeliger zijn om met je pinpas te betalen en in sommige gevallen geldt dat voor je creditcard. Aangezien het mij met mijn pinpas €2,25 + 1,2% valutakoersopslag kost, is het voordeliger om alle bedragen boven de €80 met mijn pinpas te betalen. Bij veel instellingen in het buitenland is dat echter niet mogelijk omdat het hier om een Maestropas gaat.
Wanneer ik met mijn creditcard betaal, kost mij dat 4%. Dat betekent dat dit voor alle bedragen beneden de €80 goedkoper is dan betalen met mijn pinpas.
Gaan of overslaan?
Hoewel Australië geen goedkoop land is, is het ontzettend populair onder toeristen. Vooral jongeren (<31 jaar) trekken er massaal naar toe om er één of meerdere jaren te werken. Het aantrekkelijke salaris, het sociale leven en de prachtige natuur zijn tal van redenen waarom zij tot dit besluit gekomen zijn. Wie, net als ik, te oud is of simpelweg niet zo lang naar het buitenland wil, kan ook als toerist het land bekijken. Met een busabonnement en een tent, hoeft dat niet eens zo duur te zijn. Waar wacht je nog op? Voor nog geen €25 koop je een tent bij de Decathlon. Gaan!
Blogs
Mijn reis
Dinsdag 18 tot en met donderdag 20 juni 2019
Melbourne
Met meer dan vier miljoen inwoners is Melbourne niet alleen de tweede stad (na Sydney) van Australië, maar ook van Oceanië. Het is tevens de hoofdstad van deelstaat Victoria en biedt genoeg vertier om een bezoek te rechtvaardigen.
De reis er naar toe
Met het vliegtuig
Voor €746,84 kocht ik via Expedia een retourticket van Amsterdam naar Melbourne bij China Southern Airlines met slechts één overstap. Aanvankelijk een topdeal, zij het niet dat een paar weken later mijn tweede vlucht vanuit Guangzhou (China) naar Melbourne gewijzigd werd. In plaats van een overstap van 02:10 uur kon ik nu rekenen op een overstap van 14:20 uur. Niet heel erg prettig als je bedenkt dat het vliegveld geen lekkere met tapijt bedekte verstopplekken heeft (zoals in Kuala Lumpur), waar je nog rustig even acht uur kunt ‘wegslapen’. Helaas. Wel werd mij een gratis (vliegtuig)lunch en diner op het vliegveld geboden. Dit woog natuurlijk niet op tegen de houten kont die ik had ontwikkeld na ongeveer twee en een half uur treinen, twintig uur vliegen en zeventien en een half uur wachten. Ik was dan ook heel blij toen het vliegtuig op dinsdagochtend eindelijk in Melbourne landde.
Reizen binnen de stad
Vanuit het vliegveld koop je gemakkekijk een kaartje voor de Skybus. Een enkeltje naar het stadscentrum (Southern Cross Station) kost $19,75 (€12). Vanuit hier kun je de tram naar je plaats van bestemming nemen.
Het openbaar vervoer
Wie in Melbourne gebruik wil maken van het openbaar vervoer (buiten de Free Tram Zone), heeft een MyKi-kaart nodig. Deze kaart is zowel op het vliegveld als op het busstation te koop en kost eenmalig $6 (€3,75). Voeg vervolgens zoveel krediet toe als je nodig hebt. Dit kan ook bij een covenience store zoals 7-Eleven.
Binnen de Free Tram Zone in het centrum van de stad kun je zonder in- en uit te checken gratis reizen. Je hebt hiervoor geen MyKi-kaart nodig.
Ligt jouw start of eindbestemming buiten de Free Tram Zone, maar binnen Zone 1? Dan hoef je alleen in te checken. Je betaalt dan eenmalig een vast bedrag van $4,40 en kunt vervolgens twee uur gratis met de tram reizen. Daarbij kun je zo vaak in- en uitstappen als je wil. Daarbij hoef je niet in- en uit te checken.
Reis je langer dan twee uur binnen Zone 1? Dan check je na twee uur nogmaals in. Je betaalt nu het maximale dagtarief van $8,80.
Mijn accommodatie
Met behulp van Booking.com boekte ik drie nachten in het Hub Hostel. Voor een vrouwenslaapzaal met vier bedden betaalde ik hier $22 (€13,50) per nacht. Ik zou het hostel zeker aanraden. De bedden liggen heerlijk, er zijn kluisjes aanwezig op de kamer en er wordt gedurende de dag verschillende keren schoongemaakt. Hoewel de keuken niet heel groot is, hoef je (tijdens de grootste drukte rond 19:00) niet lang te wachten als je wilt koken. Bij de receptie zijn ze vriendelijk en mag je zonder extra kosten eerder inchecken als dat nodig is. Het hostel is gelegen aan een park en op een loopafstand van tien minuten van een supermarkt (Woolworths) en de Free Tram Zone.
Wat is er te doen?
Hoewel er in Melbourne genoeg te doen is, lieten het weer (regen) en mijn jetlag het mij niet toe de stad te zien. Aangezien ik er mijn rondtrip ook weer eindig, is dat geen enkel probleem.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In drie dagen tijd gaf ik €85,20 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €28,40 per dag. Daarbij besteedde ik €13,50 aan de accommodatie, €7,90 aan eten en drinken en €7,00 aan vervoerskosten.
Vrijdag 21 tot en met dinsdag 25 juni 2019
Adelaide
De vijfde stad van Australië is tevens de hoofdstad van de deelstaat Zuid-Australië. In tegenstelling tot veel andere grote Australische steden, kent Adelaide nauwelijks hoogbouw in het centrum van de stad. Naast de ‘City of Churches’ wordt Adelaide ook vaak ‘Twenty Minute City’ genoemd vanwege de goede bereikbaarheid van plekken binnen en buiten de stad. Niet alleen de nabijheid van Kangaroo Island zorgt ervoor dat toeristen de stad graag bezoeken. Adelaide wordt ook omringd door wijngebieden, waarvan Barossa Valley één van de belangrijkste is.
De reis er naar toe
Bepakt en bezakt stond ik om 07:00 klaar bij bay 57 van het Southern Cross Station in Melbourne. Een paar dagen eerder had ik via Greyhound voor $65 (€40) een ticket naar Adelaide met Firefly gekocht. Omdat dit het enige traject is dat Greyhound niet rijdt, kon ik hierbij geen gebruik maken van mijn WHIMIT-pas. Achteraf helemaal niet zo erg, want de rit verliep voortreffelijk. De chauffeur was aardig, er werd regelmatig gepauzeerd op plekken waar men eten en drinken kon kopen en iedereen had maar liefst twee stoelen tot zijn beschikking. Keurig op tijd arriveerde de bus dan ook om 18:45 op het busstation in het centrum van Adelaide.
Een aanrader? Zeker. Het landschap was prachtig. En voor wie liever ’s nachts gaat, is er ook een optie. Deze vertrekt ’s avonds om 20:15 en komt de volgende ochtend om 06:00 aan.
Het openbaar vervoer
Met behulp van de Metro Card reis je eenvoudig door Adelaide. De kaart is gratis en wordt in elke convenience store verkocht. Voeg vervolgens jouw desgewenste krediet toe (met een minimum van $5 per keer).
Net als in Melbourne hoef je ook in Adelaide alleen in te checken. Je betaalt dan eenmalig voor twee uur het hoge tarief ($3,70) of het lage tarief ($2,03). Dit lage tarief geldt van maandag tot en met vrijdag tussen 09:00 en 15:00 en op zondag.
Als toerist kun je ook voor andere opties kiezen: het kopen van een enkele rit bij de chauffeur ($3,60 in het lage tarief en $5,50 in het hoge tarief), het kopen van een dagkaart bij de chauffeur ($10,40) of het kopen van een driedaagse pas voor $25.
Om je reis goed te kunnen plannen, kun je de App MetroMate downloaden. Deze vertelt je precies waar en wanneer je bus vertrekt. Deze werkt echter niet offline, dus plan je reis van tevoren.
Mijn accommodatie
Voor $17 (€10,35) per nacht boekte ik via Booking.com een zespersoons vrouwenslaapzaal in het Adelaide Backpackers and Travellers Inn. Vanwege de gunstige ligging in het centrum, stond ik binnen tien minuten lopen vanuit het busstation bij de receptie. Hier werd ik vriendelijk ontvangen en naar mijn kamer gewezen. In plaats van zespersoons bleek deze vierpersoons te zijn. Omdat het er koud was, was mijn kamergenote naar een andere kamer verhuisd. Dankzij mijn warme slaapzak was er echter niets aan de hand en genoot ik van de rust. Hoewel het gebouw en de faciliteiten verouderd waren, zou ik het zeker aanraden. De kleine keuken was goed uitgerust en met drie badkamers en toiletten, werd er ruim aan de vraag voldaan. Het enige wat hier ontbrak was een gezellige gemeenschappelijke ruimte.
Wat is er te doen?
Aangezien er in en rondom Adelaide meer dan voldoende te doen was, besloot ik mijn verblijf met twee dagen te verlengen.
Central Market, Adelaide Arcade en de Botanic Gardens
Omdat ik de avond ervoor geen zin had gehad om boodschappen te doen, besloot ik deze zaterdagochtend in de Adelaide Central Market te starten. De markt, die op zaterdag tussen 07:00 en 15:00 geopend is, bevond zich één straat achter het busstation. Bij binnenkomst struikelde ik bijna direct over de Aziatisch eettentjes, waar men rustig van het ontbijt genoot. Als kritische eter (en geen fan van Aziatisch), wandelde ik hier snel voorbij. Mijn idee om hier rustig met een boekje een kop koffie te drinken, moest ik snel laten varen. Het was enorm druk. Te druk naar mijn smaak, dus kocht ik een baguette met een paar plakken Australische truffelcervelaat en maakte dat ik weg kwam.
Met mijn brood in de hand vervolgde ik mijn weg naar de Adelaide Arcade. Gelegen aan de winkelstraat, lag deze op mijn route naar de botanische tuinen. Bijna wandelde ik er voorbij. Hoewel het een prachtig gebouw is, is het geen plek waar je lang kunt verblijven. Tenzij je een kop koffie wil drinken natuurlijk. In tegenstelling tot de markt kun je er hier wel in alle rust van genieten.
Al snel stond ik dus voor de ingang van de botanische tuinen. Een activiteit waar ik niet direct zelf voor zou kiezen, maar waar ik op aanraden van de receptioniste wel naar toe ging. De zon scheen en het was gratis. Achteraf gezien een goede keuze. Het was heerlijk rustig, groot en er was genoeg te zien. Ideaal voor een vogelliefhebber of iedereen die het fijn vind om te wandelen, een boek in het park te lezen of te picknicken.
Morialta Conservation Park
Op ongeveer dertig minuten rijden met de bus, ligt het Morialta Conservation Park. Ideaal voor alle wandel- en natuurliefhebbers, want in het park kun je verschillende wandelingen maken. Één daarvan (de Three Falls Grand Hike van 7,3 kilometer) maakte ik op maandag. De wandeling was prachtig en voerde langs de drie watervallen. Hoewel deze zelf niet veel voorstellen, is het een mooi gebied om een wandeling te maken. Daarbij kun je zomaar op een koala in de boom stuiten.
Hoe kom je er?
Met de bus (onder andere de H30) stap je voor het park uit bij Stop 26 (Morialta Road) of Stop 27 (Stradbroke Road). Vervolgens loop je langs de eerste parkeerplaats (naast de speeltuin) door naar de First Falls parkeerplaats. Vanuit hier starten bijna alle wandelingen en kun je kiezen hoeveel kilometers je wil maken.
Omdat de wegwijzering vanwege de vele routes soms wat verwarrend kan zijn, kun je gebruik maken van MAPS.ME. Dan weet je altijd waar precies in het park je je bevindt.

Het organiseren van een trip naar Kangaroo Island
Kangaroo Island. Is het de moeite en het geld waard of niet? Ik heb er even over zitten piekeren, maar uiteindelijk besloten om er wél naar toe te gaan. Via de Facebookpagina Australia Backpackers 2019 vond ik een reisgenoot en samen boekten we één dag van te voren de trip.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In vijf dagen tijd gaf ik €103,80 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €20,75 per dag. Daarvan ging €10,85 naar de accommodatie, €7,45 naar het eten en drinken en €2,45 naar de overige kosten. Deze laatste waren alleen de kosten van de metrokaart en het krediet dat ik er op heb gezet. Omdat ik door het plannen van mijn trip naar Kangaroo Island niet naar het Cleland Wildlife Park kon gaan, viel dit goedkoper uit dan gepland.
Gaan omdat…
De stad een geweldige vibe heeft. Door de laagbouw en het goed beloopbare centrum, voelt de stad niet zo stads aan als bijvoorbeeld Melbourne. Ideaal voor iedereen die op wat meer rust is gesteld.
Er net buiten Adelaide verschillende parken te vinden zijn waar men heerlijk kan wandelen. Hiervoor hoef je niet persé een auto te hebben. Ideaal voor natuurliefhebbers.
Cape Jervis, waar de veerboot naar Kangaroo Island vertrekt, op ongeveer anderhalf uur rijden van Adelaide ligt. De uitgesproken plek dus om een trip naar dit eiland te boeken.
Voorbij gaan omdat…
Je je vlucht moet halen. Ik zou niet weten waarom je Adelaide anders over zou slaan.
Woensdag 26, donderdag 27 en vrijdag 28 juni 2019
Kangaroo Island
Met een oppervlakte van 4.405 km² is Kangaroo Island het op twee na grootste eiland van Australië. Net als Adelaide behoort het tot de staat Zuid-Australië. Toeristen bezoeken het eiland graag vanwege de natuur en de verschillende diersoorten die er leven. Zowel inheems (onder andere de kangoeroe, wallaby en zeeleeuw) als ingevoerd (onder andere de koala en het vogelbekdier). Hoewel er vanuit Adelaide verschillende (dag)tours te boeken zijn vanaf $285 per persoon, kun je ook zelf een trip naar het eiland organiseren.
De planning
Wil je net als ik de wat toeristische tours laten voor wat ze zijn? Dan heb ik een aantal tips voor je om zelf een trip te organiseren. Al doende leert men, zeggen ze immers.
Sealink
Sealink organiseert zowel de busritten vanuit Adelaide naar Cape Jervis als de overtocht per veerboot naar Penneshaw. Hiervoor betaal je respectievelijk $57 (€35) en $98 (€60). Wie wil, kan ook nog een transfer naar de hoofdstad Kingscote regelen. Duurt deze trip je te lang? Dan kun je vanuit Adelaide ook naar Kingscote vliegen.
Auto huren
Op het eiland zelf ontkom je er niet aan om een auto te huren. Hoewel je met het veer wel een auto mee mag brengen, zullen de meeste autoverhuurbedrijven dit niet toestaan of je hiervoor niet verzekeren. Het is daarom verstandig om bij één van de maatschappijen (Hertz of Budget) op het eiland te huren.
Via Sealink boekten wij een Suzuki Swift bij Budget voor $114 (€70) per dag. (Wanneer je dit zelf boekt, is het waarschijnlijk goedkoper.) Voor dat bedrag mochten we een onbeperkt aantal kilometers rijden, maar was de auto niet helemaal verzekerd. We konden het eigen risico van $4.000 slechts omlaag brengen tot $600 voor een bedrag van $31 per dag. Ik besloot daarom een externe autohuurverzekering af te sluiten bij huurautoverzekering.com in Nederland. Dit kost €9 per dag wanneer je in Australië huurt en dekt tot een bedrag van €3.000. Je loopt hier alleen risico als je een groot ongeluk krijgt. In dat geval dekken ze maar tot €2.000 ($3.240), waardoor je $760 (€470) risico loopt.
Slapen
Wie goedkoop wil slapen op het eiland kan het beste gaan kamperen. Hoewel er ook hostels op het eiland liggen, zijn die vaak compleet gereserveerd voor de tours.
Kamperen kan op zeven verschillende campings die verspreid over het eiland liggen. Deze zijn voorzien van een toilet en een barbecue en bieden zowel plekken met als zonder stroom. Een aantal hiervan hebben ook een douche. De kosten voor een plek zonder stroom komen neer op $17 per tent (met een maximum van twee personen).
Wil je graag in het natuurreservaat zelf verblijven? Dan kun je er ook voor kiezen om op één van de campingplaatsen in het Flinders Chase National Park te verblijven. De kosten hiervan verschillen per camping en zijn afhankelijk van de faciliteiten. Je dient je plek van te voren te reserveren bij het Visitor Center, waarbij je tegelijkertijd de entree voor het park betaalt.
De reis er naar toe
Vanuit het busstation in Adelaide vertrok de bus naar Cape Jervis om 06:45. Precies op tijd voor de overtocht (09:00), kwam deze daar om 08:30 aan. Tijd om een broodje te kopen was er nauwelijks. We konden direct aan boord (waar men overigens ook eten en drinken kan kopen) en arriveerden om 09:45 in Penneshaw. In de terminal zelf konden we de auto direct bij Budget ophalen. Deze stond op de parkeerplaats naast de terminal al gereed. Sneller dan verwacht konden we beginnen aan ons avontuur op Kangaroo Island.
Onze accommodatie
Omdat het in de winter rustig is op het eiland, hoefden we van te voren geen plaatsen op de camping te reserveren.
Vivonne Bay Campground
De eerste nacht kozen we ervoor om in Vivonne Bay te verblijven, vanwege haar ligging tussen Seal Bay, de Kelly Hill Caves, Hanson Bay en het Flinders Chase National Park. Deze camping kan niet van te voren gereserveerd worden, waardoor je in het hoogseizoen wellicht tijdig zult moeten arriveren. De camping biedt vijftien plekken (waarvan acht met stroom), een toilet, douche ($2) en twee barbecues. Vanuit de camping heb je toegang tot het strand en de zee. Voor een nacht met de tent betaalden wij hier $17 voor twee personen. Dankzij de barbecues, konden we ons brood roosteren en aten we beter dan gedacht. Wie hier wil kamperen doet er echter goed aan om een dik matje mee te nemen. De grond is hard en oncomfortabel.
Snake Lagoon Campground
De tweede nacht kozen we ervoor om in het Flinders Chase National Park te verblijven. De Snake Lagoon Campground bestond uit acht plekken, twee toiletten en een picknicktafel. Er was geen stroom aanwezig, maar de grond was zachter dan de dag ervoor. Voor deze site betaal je $15 per auto (maximaal acht personen), en de entree van het park ($11). Hiervoor kun je vanaf 12:00 kamperen en tot 11:00 de volgende dag blijven. Een absolute aanrader als je een aantal hikes in het park wil doen.
Wat is er te doen?
Sommige reizigers doen het in één dag, anderen verblijven er een week. Voor ons gevoel was drie dagen een prima middenweg. In deze tijd hebben we een groot deel van het eiland gezien.
Dag 1
Seal Bay
Op iets meer dan een uur rijden van Penneshaw (88 kilometer) ligt Seal Bay. Voor $35,50 (€21,90) kun je hier een 45-minuten durende tour doen. Onder begeleiding van een gids betreed je het strand en zie je de zeeleeuwen van dichtbij. Uit respect voor de dieren blijf je uiteraard op gepaste afstand. Omdat wij dat te prijzig vonden, besloten wij voor $16 (€9,85) zelf over de boardwalk te lopen. Je mag dan niet op het strand komen, maar als je geluk hebt, zie je er enkele naast het pad liggen. Hoewel je er zo lang mag blijven als je wil, waren wij snel uitgekeken. Persoonlijk vond ik het de stop en het geld niet waard. In plaats van in Seal Bay, kun je de zeeleeuwen namelijk ook in het Flinders Chase National Park vinden.
Kelly Hill Caves
Omdat we al snel weer bij Seal Bay vertrokken en onze tenten ruim op tijd in Vivonne Bay hadden opgezet, besloten we naar de Kelly Hill Caves te rijden. Helaas waren deze gesloten en konden we er alleen wandelen.
Hanson Bay
Op nog geen tien minuten rijden van de grotten, ligt Hanson Bay. Wie koala’s in het wild wil zien, gaat dat hier gegarandeerd lukken. Wil je zelf een kijkje nemen in de laan waar ze verblijven? Dan betaal je $10 per persoon. Kies je voor een tour met een gids, dan betaal je $20. Wij besloten opnieuw tot het eerste en begonnen aan de wandeling. Met behulp van vlaggen (die aangaven in welke bomen de koala’s graag verblijven), konden we ze makkelijk spotten. Ook hier mochten we zo lang blijven als we wilden. Vanwege het late tijdstip, besloten we echter op tijd weer te vertrekken. In het donker rijden op het eiland, is immers niet aan te raden.

Dag 2
Flinders Chase National Park
De bekendste attractie van Kangaroo Island is zonder twijfel het Flinders Chase National Park. Hier kun je gerust meerdere dagen verblijven om te wandelen. Om stipt negen uur stonden wij daarom voor de deur van het bezoekerscentrum. Hier reserveerden we niet alleen onze campingplaats, maar betaalden we tegelijkertijd entree ($11) en vergaarden we informatie over de verschillende wandelingen en bezienswaardigheden.
Remarkable Rocks
In twintig minuten reden we als eerste naar de Remarkable Rocks. Deze rotsformatie is een ware trekpleister. Zo vroeg in de ochtend was er echter niemand.
Cape du Couedic Lighthouse en Admirals Arch
Op een paar minuten rijden van de rotsformatie, liggen zowel het Cape du Couedic Lighthouse als Admirals Arch. Het is de perfecte plek om de zeeleeuwen (gratis) te bekijken.
Black Swamp Hike
Omdat het nog geen twaalf uur was toen we wegreden bij de Admirals Arch, besloten we terug te rijden naar het bezoekerscentrum. Vanuit hier starten verschillende wandelingen door het park. Wij kozen voor de Black Swamp Hike, die negen kilometer lang was en drie uur zou duren. Onderweg kwamen we weinig wildlife en helemaal geen andere wandelaars tegen. Hoewel de natuur prachtig was, werd de wandeling op een gegeven moment eentonig. Een stuk eerder dan verwacht, stonden we dan ook weer op de parkeerplaats.
Snake Lagoon Hike
Terwij we naar de auto liepen, zagen we tot onze grote vreugde een koala in de boom. Eindelijk één die niet alleen heel actief was, maar ook van dichtbij te bekijken was. Na een paar foto’s te hebben genomen, reden we naar onze campingplaats. Tot onze verrassing waren we hier helemaal alleen. In mum van tijd hadden we onze tent opgezet en besloten we onze laatste wandeling van die dag te maken. Deze was niet al te lang, voerde ons naar het strand en de zee en begon op onze camping. Daarmee was het een goede afsluiter van een geslaagde dag.

Dag 3
Hoewel het mijn voorkeur had gehad om de ochtend van onze laatste dag nog (wandelend) in het park door te brengen, wilde mijn reisgenoot graag de oostkant van het eiland bekijken. Om acht uur zaten we daarom alweer in de auto.
Table 88
In de veronderstelling dat het een uitzichtpunt was, navigeerde mijn reisgenoot ons naar dit restaurant nabij Stokes Bay. Hoewel de autorit hier naar toe mooi was, moesten we concluderen dat hier verder niets te doen was.
Kingscote
In en rondom de hoofdstad zijn er verschillende dingen te ondernemen. Aangezien mijn reisgenoot in de hotel- en restaurantbranche werkzaam is, besloten we een wijngaard te bezoeken. Na een stop bij de bekendste, The Islander, die gesloten bleek te zijn, reden we verder naar Bay of Shoals. Hier kan men voor $5 verschillende goede wijnen proeven. Een aanrader voor iedereen die geïnteresseerd is in wijn. Omdat de dag nog jong was, besloten we ook bij KIB (Kangaroo Island Brewery) te stoppen voor een bierproeverij. Als BOB en geen liefhebber van bier, nam ik gewoon plaats achter de bar, en keek toe hoe mijn reisgenoot voor $12 vier biertjes geserveerd kreeg. Hoewel ik de sfeer in de bar ontzettend gezellig vond, stond mijn reispartner na vijf minuten al weer op. Het bier was niet lekker, mompelde hij onderweg naar de auto. Hoewel de veerboot pas om 19:30 vertrok, stelde hij voor om terug naar Penneshaw te rijden. Wellicht dat we een boot eerder terug konden nemen.
Penneshaw
Zoals verwacht, was dat niet mogelijk. De busservice naar Adelaide reed alleen aansluitend op de laatste veerboot. En dus vulden we onze laatste uren met een lunch in het Penneshaw Hotel (aanrader) en een laatste ritje naar Cape Willoughby (geen aanrader).
Hoeveel heeft het mij gekost?
In totaal gaf ik in drie dagen tijd €296,40 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €98,80 per dag. Daarbij besteedde ik €75,70 aan het vervoer (de bus, ferry, autohuur, verzekering en benzine), €4,95 aan het kamperen, €9,50 aan eten en drinken en €8,65 aan de parkentrees en wijnproeverij.
Omdat de vervoerskosten verreweg de hoogste kosten zijn, ben je erbij gebaat als je met meerdere mensen naar Kangaroo Island gaat. De kosten die je daar maakt, hoeven helemaal niet hoog te zijn. Vooral als je kampeert en je eigen eten kookt.
Gaan omdat…
Het eiland prachtig is. Alleen het rijden is al een mooie ervaring. Hiervoor hoef je geen 4WD te huren. Met een 2WD kun je bijna overal komen.
Het er in de winter (buiten de schoolvakanties) heerlijk rustig is. Op de camping stonden we (bijna) alleen en tijdens onze wandelingen zagen we geen mens.
Voorbij gaan omdat…
Het prijzig is. Het zijn voornamelijk de vervoerskosten die de prijs omhoog drijven. Wanneer je je eigen auto hebt, wordt de trip al een stuk betaalbaarder. Vooral als je voor een wat langere tijd gaat.
Je te weinig tijd hebt. In één dag alle toeristische highlights zien voor $285 is geen aanrader. Doe het op je eigen voorwaarden en in je eigen tijd.
Zaterdag 29 en zondag 30 juni 2019
Adelaide
Voordat ik de bus naar Alice Springs nam, besloot ik nog twee dagen bij te komen in Adelaide. Opnieuw verbleef ik in het Adelaide Backpackers and Travellers Inn.
Hoewel ik nog een aantal zaken in Adelaide wilde bezoeken, liet de regen het niet toe. Heb jij wel meer tijd en/of beter weer? Dan kun je overwegen om een bezoek te brengen aan het Cleland Conservation en/of Wildlife Park, het Belair National Park, het Hallett Cove Conservation Park, het Shepherds Hill Recreation Park, het Anstey Hill Recreation Park of het Cobbler Creek Recreation Park. Natuurlijk is een bezoek aan één van de beroemde wijngaarden ook altijd een aanrader.
Maandag 1 en dinsdag 2 juli 2019
Alice Springs
Gelegen in het Rode Centrum van Australië is Alice Springs, na Darwin, de grootste stad van het Noordelijk Territorium. Omdat er in de stad zelf weinig te doen is, bezoeken toeristen Alice Springs voornamelijk vanwege haar ligging ten opzichte van Uluru (466 kilometer) en King’s Canyon (473 kilometer).
De reis er naar toe
De bus vanuit Adelaide naar Alice Springs vertrekt iedere avond om 18:00. Omdat het een rustige route is, had iedere passagier twee stoelen tot zijn of haar beschikking. Een ideaal uitgangspunt voor een nachtrit. Uitgerust bereikten we om 05:30 Coober Pedy. Hoewel een bezoek aan deze kleine stad (die gedeeltelijk onder de grond ligt) een aanrader zou zijn, besloot ik verder te reizen naar de eindbestemming. Deze bereikten we keurig op tijd om 14:30, waarna ik na een korte wandeling bij het hostel arriveerde.
Mijn accommodatie
Via Booking.com had ik voor $20,90 (€13) per nacht, twee nachten in het Alice Lodge Backpackers geboekt. Een heel aangenaam hostel, waarbij ik een kamer met slechts twee andere meiden deelde. Hoewel er geen gelegenheid is om binnen te eten, is dat geen probleem. Het weer is er zelfs in de winter aangenaam. Is het hostel een aanrader? Ja. Hoewel de keuken aan de kleine kant is en de receptie tussen 14:15 en 16:30 gesloten is, ben ik er prima verbleven.
Wat is er te doen?
In Alice Springs zelf is vrij weinig te doen. Wie niet geïnteresseerd is in kunst of cultuur is al snel aangewezen op een bezoek aan de botanische tuinen, een korte wandeling naar Anzac Hill (uitzichtpunt) of een bezoek aan de bioscoop.
Gelukkig hoefde ik me niet lang alleen te vermaken. Terwijl ik door een aantal folders over Uluru bladerde, werd ik aangesproken door een drietal. De twee Nederlanders en Amerikaan waren van plan om de volgende drie dagen naar Uluru en King’s Canyon te rijden, en vroegen of ik mee wilde gaan. Niet alleen leek dit veel gezelliger dan een georganiseerde tour – het was ook goedkoper. Natuurlijk ging ik mee.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In totaal gaf ik in twee dagen €39,30 uit. Dat komt neer op €19,65 per dag. Daarbij besteedde ik €13 aan de accommodatie en €6,65 aan eten en drinken.
Gaan omdat…
Het nabij Uluru en King’s Canyon ligt. Wie zelf geen auto heeft of nog op zoek is naar een reispartner, kan vanuit hier een tour boeken of een reispartner vinden.
Voorbij gaan omdat…
Er in de stad zelf weinig te doen is. En hoewel het niet onveilig voelde, is de criminaliteit in de stad groeiende. Backpackers worden gewaarschuwd om ’s avonds voorzichtig te zijn. In het verleden vonden er verschillende verkrachtingen plaats.
Woensdag 3, donderdag 4 en vrijdag 5 juli 2019
Uluru-Kata Tjuta en King’s Canyon
Uluru (of Ayers Rock) is een reusachtige rotsformatie, gelegen in het nationaal park Uluru-Kata Tjuta. Sinds 1985 behoort de rots officieel toe aan de Anangu (de lokale Aborigines). Voor hen is het een belangrijke religieuze plaats, die verbonden is aan de Tjukurpa (hun mythologie). Voor niet ingewijden is deze grotendeels geheim en het is dan ook niet toegestaan om verschillende delen van de rots op camera vast te leggen. Hoewel de rots beklommen kan worden, is dit voor de Anangu taboe. De kans is dan ook groot dan dit zeer binnenkort verboden wordt.
Naast Uluru bevindt zich in het nationaal park ook de rotsformatie Kata Tjuta. Deze wordt ook wel vaker The Olgas genoemd.
Wie Uluru-Kata Tjuta bezoekt, combineert dit vaak met een bezoek aan King’s Canyon. Deze kloof, die zich op een afstand van 321 kilometer van Uluru bevindt, is gelegen in het Watarrka Nationaal Park.
De reis er naar toe
Met twee auto’s (één 2WD en één 4WD) vertrokken we om 11:00 vanuit Alice Springs naar Uluru. Na een aantal stops onderweg, bereikten we het park om 17:30. Daarbij waren we precies op tijd voor de zonsondergang.
Onze accommodatie
Omdat de mannen ook voorzien waren van een tent, matras en een slaapzak, besloten we drie dagen te kamperen op gratis plaatsen. De eerste twee nachten vonden we een plek op zo’n vijftien minuten rijden van het Uluru-Kata Tjuta Nationaal Park, en de laatste nacht kampeerden we op zo’n 120 kilometer afstand van King’s Canyon.
Wat is er te doen?
Wie in alle rust wil genieten van alles wat er te zien en te doen is, moet rekenen op een verblijf van minimaal drie nachten. Twee daarvan brachten wij door rondom Uluru en één rondom King’s Canyon.
Dag 1
Omdat we de eerste dag grotendeels rijdend doorbrachten, was het zien van de zonsondergang in Uluru het hoogst haalbare. Na lang zoeken vonden we een plaatsje tussen de andere auto’s, en installeerden onszelf in de campingstoelen met onze gezichten naar de rots. Nadat de zon ongeveer een uur later onderging, besloten we naar de dichtstbijzijnde gratis camping te rijden. Hoewel deze al behoorlijk vol was, slaagden we erin een plaatsje te vinden en onze tenten op te zetten. Vanwege het late tijdstip waren we gedwongen in het donker te koken.

Dag 2
De volgende ochtend vertrokken we al voor dag en dauw om de zonsopgang in Uluru te bekijken. Dit uitzichtpunt bevond zich op een andere locatie dan van waaruit we de ondergang de dag ervoor hadden bekeken. Hoewel bijna iedereen al snel na zonsopkomst vertrok, besloten wij nog even te blijven. Ruim op tijd reden we naar het Mala Carpark, van waaruit een aantal activiteiten begonnen. Om 10:00 meldde de Amerikaan en één van de Nederlanders zich bij de start van de klim van Uluru. Net als vele anderen, hadden zij zich er toe gezet. Terwijl zij de klim in anderhalf uur voltooiden, lieten de andere Nederlander en ik ons op een bankje voor de rots vallen. Hier genoten we in alle rust van de chaos die zich voor ons voltrok.
Toen de beide mannen weer beneden waren, besloten drie van ons de wandeling rondom de rots te maken. Deze was iets meer dan tien kilometer lang, en werd door weinig mensen gelopen. Toen we rondom waren, besloten we dat het tijd werd voor de lunch. Deze genoten we naast het culturele centrum, waarna we vervolgens gemakkelijk alle informatie tot ons konden nemen.
Gestimuleerd door de tijd die begon te dringen, besloten we laat in de middag nog naar Kata Tjuta te rijden. Hier hadden we nog net genoeg tijd voor een korte wandeling. Hoewel we oorspronkelijk van plan waren geweest om diezelfde avond nog een stuk in de richting van King’s Canyon te rijden, zagen we al snel in dat dit onmogelijk was. In plaats daarvan parkeerden we de auto opnieuw voor een zonsondergang bij Uluru en besloten we dit maal om direct hier te koken. Opnieuw bereikten we de kampeerplaats pas in het donker, maar gelukkig wisten we alweer een plek te bemachtigen.

Dag 3
De laatste dag besloten we niet al te laat op te staan, zodat we op tijd in King’s Canyon zouden arriveren. Hoewel hier een paar verschillende wandelingen gemaakt kunnen worden, hadden wij onze zinnen gezet op de Rim Walk. Deze is zes kilometer lang, duurt ongeveer twee tot vier uur en voert je onder andere langs de rand van de kloof. Hoewel (mijns inziens) alleen het eerste gedeelte omhoog vermoeiend was, was iedereen erna wel uitgewandeld en besloten we al gedeeltelijk terug te rijden. Op een afstand van ongeveer 120 kilometer vonden we een grote gratis kampeerplaats, waarbij we er zelfs in slaagden om een plek voor onszelf te vinden. Ongestoord zetten we hier onze tenten op, maakten een kampvuur, draaiden muziek en dronken we de laatste wijn op.

Hoeveel heeft het mij gekost?
In totaal gaf ik in drie dagen tijd €139,20 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €46,40 per dag. Daarbij was de accommodatie gratis, gaf ik €3,55 uit aan eten en drinken, €5,20 aan de entree voor het park en €37,65 aan benzine.
Omdat we samen kookten, was het eten en drinken spotgoedkoop. Van te voren kochten we alle benodigdheden in Alice Springs. Wie nog meer op benzine wil besparen, kan er voor kiezen om met meerdere personen in één auto te reizen. Nu deelden we de kosten door twee. Achteraf gezien was dit echter nog steeds veel goedkoper dan een driedaagse tour. Hiervoor betaal je ongeveer het dubbele.
Gaan omdat…
Het één van de belangrijkste bezienswaardigheden van Australië is. Omdat je entreeticket geldig is voor drie opeenvolgende dagen, kun je er in alle rust van genieten.
Wie net als ik met de bus reist, heeft maar weinig mogelijkheden om vrij te kamperen. Een Australische must-do die je absoluut niet wilt missen. En hoewel de nachten koud kunnen zijn, leent deze omgeving zich er uitstekend voor.
Voorbij gaan omdat…
Het best een eind rijden is. Wie weinig tijd heeft, kan dit wellicht het beste overslaan.
Het erg toeristisch is. Wellicht hadden wij pech omdat onze trip in de Australische schoolvakanties viel, maar het was ontzettend druk. Dat maakte het genieten van de religieuze betekenis van deze rots soms erg moeilijk.
Zaterdag 6 en zondag 7 juli 2019
Alice Springs
Na drie dagen kamperen zonder douche en toilet, durf je niet direct dezelfde avond in de bus te stappen. Ik besloot daarom nog één keer in Alice Springs te overnachten, voordat ik de bus naar Darwin zou nemen. Omdat het Alice Lodge Backpackers compleet volgeboekt was, boekte ik voor $30,50 (€19) één nacht in het Alice Springs YHA. Hier kon ik rustig douchen, wassen en drogen ($10) en slapen.
Maandag 8 juli 2019
Darwin
Vlak voordat ik Alice Springs verliet, las ik een oproep op Facebook. Een groep van vier personen had een auto gehuurd om zes dagen door Litchfield en het Kakadu Nationaal Park te rijden. Er was nog één plek over. Hoewel de groep op dinsdagochtend zou vertrekken (en ik pas op maandagavond in Darwin arriveerde), besloot ik een bericht terug te sturen. Al snel kreeg ik antwoord. Er was nog plek. Ik zou de stad nog even laten voor wat het was. Gelukkig kon ik mijn boeking bij Frogs-Hollow Backpackers aanpassen en mijn spullen hier gedurende mijn trip achterlaten.
Dinsdag 9 tot en met zondag 14 juli 2019
Litchfield en het Kakadu Nationaal Park
Zowel het Litchfield Nationaal Park als het Kakadu Nationaal Park zijn gelegen in het Noordelijk Territorium. Vanuit Darwin kunnen beide parken gemakkelijk in een paar dagen met de auto bezocht worden. Terwijl Litchfield met een oppervlakte van 1.461 km² makkelijk in korte tijd bezocht kan worden, is het aan te raden om meer tijd te nemen voor Kakadu. Met een oppervlakte van 19.804 km² biedt het park zowel natuur als cultuur. Het bestuur ligt in handen van zowel de Australische overheid als de oorspronkelijke Aboriginals. De prijs voor een bezoek aan het park is $40 en wordt besteed aan het onderhoud van het park. Hoewel men een auto nodig heeft om het park te kunnen bekijken, rijdt de Greyhound ook naar Jabiru, de belangrijkste plaats in het park.
De reis er naar toe
Om acht uur ’s ochtends ontmoetten we elkaar voor het eerst op de stoep van het Thrifty-kantoor op Mitchell Street. Hier hadden we voor zes dagen een 4WD gehuurd voor de prijs van $600 (€375). Omdat het eigen risico $5.500 (€3.430) was, besloot ik opnieuw een externe verzekering bij huurautoverzekering.com af te sluiten. Hoewel we met vijf personen en een heleboel bagage waren, pasten we allemaal in de Mitsubishi Pajero Sport.
De accommodatie
Omdat we allemaal zo goedkoop mogelijk wilden reizen, besloten we zes dagen te kamperen. In Litchfield betaalden we hier $6,60 per persoon voor (hoewel er ook kampeerplaatsen voor de helft van de prijs zijn) en in Kakadu betaalden we $6 (alleen toiletten en picknicktafels) of $15 (ook voorzien van water en douches) per persoon voor een overnachting.
Wat is er te doen?
Als een groep van drie onbekenden en één stel, durfden we het aan om samen zes dagen een auto te huren en een bezoek te brengen aan onder andere Litchfield en Kakadu.

Dag 1
Nadat we de auto om acht uur op Mitchell Street ophaalden, sloegen we alle boodschappen voor de komende vijf nachten in. Omdat we maar één (tweedehands) gaspit hadden gekocht, besloten we iedere avond samen te koken.
Berry Springs
Nadat alle boodschappen ingeladen waren, besloten we als eerste naar Berry Springs te rijden. Dit natuurpark, waar men voornamelijk kan zwemmen, ligt op nog geen uur rijden van Darwin. Omgeven door een prachtige natuur is het de ideale plek om (met vrienden of een gezin) van het water te genieten. Ondanks de drukte vond ik het een absolute aanrader.
Magnetic Termite Mounds en de Florence Falls
Na het zwemmen en een uitgebreide lunch, besloten we onze weg naar het Litchfield Nationaal Park te vervolgen. Via Batchelor reden we het park binnen. Omdat het al laat op de middag was, hadden we niet veel tijd om iets te bezoeken. We stopten daarom kort bij de vier meter hoge termietenheuvels en de Florence Falls. Via de Shady Creek Walk liepen we naar de plunge pool.
Vlak voordat het donker werd, reden we naar de Florence Falls Campground. Helaas bleek zowel de 2WD- als de 4WD-camping geheel volgeboekt te zijn. Gelukkig vonden we twee Australiërs die hun plek met ons wilden delen. Middels een honesty-box betaalden we $6,60 voor de overnachting. In ruil daarvoor konden we gebruik maken van zowel douche als toilet.
Tip
Wanneer je naar Litchfield gaat, dien je je zwemspullen mee te nemen. Er zijn hier eindeloos veel plekken waar men probleemloos kan zwemmen. In verband met de aanwezigheid van krokodillen is dat in Kakadu op veel plaatsen niet mogelijk.
Dag 2
Omdat er rondom de Florence Falls meer te doen is dan alleen het bekijken van de watervallen, besloten we er de volgende ochtend opnieuw naar toe te rijden.
Buley Rockhole
Wie vroeg in de ochtend vertrekt kan vanuit de Florence Falls naar Buley Rockhole wandelen en nog steeds als eerste daar zijn. Deze laatste plek is echter ook direct met de auto bereikbaar. Wie graag in de zon en het water van de natuur geniet, is hier helemaal op zijn plek. Een aanrader. Vooral wanneer je vroeg op de ochtend de drukte voor bent.
The Lost City
Wie een 4WD gehuurd heeft, kan er voor kiezen om The Lost City te bezoeken. De weg er naar toe is ongeveer negen kilometer en vanwege de krapte zeker niet gemakkelijk te berijden. Wie het aandurft, wordt beloond met een wandeling tussen de zandstenen aardlagen die lijken op de overblijfselen van een oude beschaving.

Wangi Falls
Na een bezoek aan de verloren stad, reden we naar de Wangi Falls om daar te lunchen. Hier kun je gratis gebruik maken van de barbecues. Iets dat de lunch een stuk aangenamer maakt! Onderweg er naar toe stopten we ook bij de Tolmer Falls. Door middel van twee uitzichtpunten heb je hier een goed zicht op de waterval.
Na een uitgebreide lunch bij de Wangi Falls, besloten we naar de waterval zelf te lopen.
Omdat het vrij druk was in het water, besloten drie van ons aan de 1,6 kilometer lange Wangi Falls Walk te beginnen. Nadat iedereen uit- gezwommen en gewandeld was, besloten we verder te rijden naar de laatste stop van die dag.
Cascades
De wandeling naar de Lower Cascades is 2,6 kilometer lang (heen en terug). Hoewel je hier ook kunt zwemmen, vond ik het persoonlijk geen fijne plek. Toen we ook nog een slang in het water aantroffen, vond ik het de hoogste tijd om te gaan. We wilden de camping immers voor het donker bereiken.
Hoewel we in eerste instantie op de Surprise Creek Campground wilden verblijven, moesten we onze plannen vlug bijstellen toen we de weg opreden en zagen dat grote delen hiervan (te) diep onder water stonden. We besloten Litchfield daarom via Batchelor te verlaten en vlak buiten de stad op een gratis kampeerplaats te verblijven. In tegenstelling tot de eerste nacht, stond hier slechts één andere camper.
Dag 3
De derde dag besloten we in alle rust naar het Kakadu National Park te rijden. Onderweg maakten we een tweetal stops.
Robin Falls
In ongeveer een half uur reden we vanuit onze kampeerplek naar de Robin Falls. Omdat het de vorige dag al te laat (en donker) was, hadden we hier niet gekampeerd. Anders zou het zeker een aanrader zijn geweest. Gratis, mooi en rustig gelegen. In plaats daarvan besloten we nu alleen een kort bezoek aan de watervallen te brengen. Hoewel wij de enigen waren en het dus heerlijk rustig was, was het tegelijkertijd ook de zoveelste waterval. Niets bijzonders.
Douglas Hot Springs Park
We pakten daarom al snel onze spullen bij elkaar en reden naar de volgende bestemming. Ideaal naast een camping gelegen, waren dat de Douglas Hot Springs. De thermale bronnen zorgen ervoor dat het rivierwater op sommige plekken heerlijk warm is. Ideaal om even te relaxen.
Gunlom Waterfall Creek
Aan het eind van de middag reden we via de zuidelijke ingang het Kakadu Nationaal Park binnen. Omdat het al laat begon te worden, begaven we ons direct naar de Gunlom Falls Campground. We betaalden hier $15 per persoon voor één overnachting. Vanuit de camping kun je een wandeling maken naar de Gunlom Waterfall Creek en genieten van een prachtige zonsondergang.

Dag 4
Hoewel we van plan waren geweest om de volgende ochtend opnieuw naar boven te lopen en even te zwemmen, werd er vlak na ons ontwaken al roet in het eten gegooid. Een lekke band. Omdat dit vaak voor komt – met name op 4WD-routes – zou dit geen probleem moeten zijn. Wij bleken echter geen reserveband te hebben. Zonder bereik of telefoon op de camping waren we even radeloos. Gelukkig schoot de campingmanager te hulp. Hij pompte de band op en adviseerde ons naar Cooinda en vervolgens Jabiru te rijden. Gelukkig hield de band het zo lang en konden we in Cooinda contact opnemen met het verhuurbedrijf en een autogarage in Jabiru. Omdat deze in het weekend gesloten was, moesten we er diezelfde dag nog naar toe rijden. In afwachting van het oordeel van de monteur (of de band wel of niet geplakt kon worden), zou het verhuurbedrijf één dan wel twee banden vanuit Darwin laten brengen. Gelukkig kon de band geplakt worden en bedroegen de kosten hiervan slechts $45. In afwachting van het verhuurbedrijf, besloten we naar Ubirr te rijden.
Tip
Bekijk voordat je de auto meeneemt goed of alle schade genoteerd is. Neem zonodig foto’s als bewijs. Hoewel je er van uit mag gaan dat er een reserveband aanwezig is, is het verstandig om ook dit te controleren. Het schijnt namelijk vaker voor te komen dat een kapotte band door vorige huurders ergens achter gelaten wordt.
Ubirr
Ongeveer veertig kilometer boven Jabiru ligt Ubirr. Door middel van een wandelpad wordt je hier langs verschillende rotsschilderingen geleid. De meest zichtbare zijn in de laatste tweeduizend jaar gemaakt. Na het zien van enkele galerieën, kun je de Ubirr rotsformatie beklimmen. Vanuit hier heb je een prachtig uitzicht over het park.


Nadat het verhuurbedrijf de band had gebracht en onder de auto had bevestigd, was het al laat op de middag. We besloten naar de Garrnamarr Campground te rijden, zodat we de volgende ochtend vroeg bij de Jim Jim Falls konden zijn. Ook voor deze camping betaalden we $15 per persoon. Dit bedrag hoefden we niet bij de campingmanager te betalen, maar werd ’s avonds door een ranger opgehaald.
Dag 5
Na al dat zwemmen was iedereen toe aan een lange wandeling. Om de hete zon voor te zijn, vertrokken we vlak na zonsopkomst naar de Jim Jim Falls.
Jim Jim Falls
Rondom deze watervallen kun je twee wandelingen maken: de Jim Jim Falls plunge pool van twee kilometer en de Barrk Marlam Walk van zes kilometer. Omdat iedereen wel zin had in een uitdaging, kozen wij voor de tweede die ons helemaal omhoog zou voeren. Helaas misten we de richtingaanwijzer naar rechts en maakten we de eerste. Pas na aankomst bij de plunge pool, zagen we dat we ons vergist hadden. Na even te genieten van alle rust en stilte besloten we terug te lopen en de andere wandeling alsnog te maken. Deze duurde ongeveer drie uur (heen en terug) minus de tijd die we op de top door brachten. Hoewel het heet was en we flink wat water moesten drinken, is de wandeling een absolute aanrader. Onze klim werd uiteindelijk beloond met een prachtig uitzicht. Wie wil, kan er zelfs nog even afkoelen in het water.

Omdat het na de twee wandelingen en de lunch al laat was, besloten we naar de laatste camping te rijden. Omdat deze weinig voorzieningen had en we inmiddels behoorlijk bezweet waren, stopten we bij de Garrnamarr Campground voor een snelle douche. Na een lange autorit, arriveerden we vlak voor zonsondergang bij de Jim Jim Billabong Campground. Hier betaalden we via de honesty-box $6 per persoon voor een waterloos toilet. Hoewel we een mooi uitzicht op het water hadden, was de camping zelf geen aanrader. De grond was hard en vies.
Dag 6
Hoewel drie van ons (waaronder ik) na vijf dagen in het gezelschap van vreemden te hebben doorgebracht, helemaal gesloopt waren, wilden de andere twee de verloren dag goed maken en behoorlijk wat kleine bezienswaardigheden afraffelen.
Yellow River
Een zestal keer per dag kan men in Cooinda de Yellow Water Cruise boeken. Het is de uitgelezen kans om het wildlife op de rivier van dichtbij te aanschouwen. De ochtend- (06:45 of 09:00) en avond- (16:30) cruises zijn verreweg de populairste. Vanwege het (koelere) weer is dit namelijk de gelegenheid om dieren te spotten. Voor deze twee uur durende cruise, betaal je respectievelijk $99, $90 en $90. Voor een anderhalf uur durende cruise in de middag, betaal je $79. Omdat alle anderen dit te duur vonden, maakten we zelf geen cruise, maar volgden we het pad naast de rivier om in ieder geval een glimp van het waterleven op te vangen. Voor wie het geld wel te besteden heeft, vind ik het een aanrader. Het is druk en toeristisch, maar de omgeving is prachtig.
Warradjan Aboriginal Cultural Centre
Om 09:00 gaat het Aboriginal Cultural Centre open. Het is een prachtig opgezet en informatief centrum, dat geschikt is voor iedereen die graag iets wil leren over de oorspronkelijke bewoners van het park en hun manier van leven. Zelfs voor een natuurliefhebber als ik, was het interessant om er doorheen te lopen en de verhalen te lezen. Het kost je ongeveer een half uur.
Lookouts
Nadat iedereen uitgekeken en gelezen was, besloten we nog bij een aantal lookouts te stoppen. We wandelden onder meer naar de Mirrai Lookout, de Nawurlandja Lookout en de Gunnwarrdehwarrdde Lookout. Deze laatste twee bevinden zich op dezelfde plek, waarbij men van de ene naar de andere kan lopen, en men ondertussen kan genieten van verschillende rotsschilderingen.
Omdat iedereen inmiddels helemaal uitgeput was, besloten we op de weg terug bij het Bowali Visitor’s Center in Jabiru te stoppen om te lunchen. Keurig op tijd leverden we die avond de auto op het vliegveld in.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In totaal betaalde ik voor zes dagen en vijf nachten €200,40. Met het avondeten en de overnachting op de zesde dag in Darwin, komt dat neer op een gemiddelde van €36,45 per dag. Daarbij betaalde ik €21,30 aan vervoerskosten (huur, verzekering, benzine en extra kilometers*), €6,45 aan de accommodaties, €4,55 aan eten en drinken en €4,15 aan entreekosten voor het Kakadu Nationaal Park.
*Omdat wij door het ontbreken van de reserveband veel extra kilometers hadden afgelegd en een dag ‘verspeeld’ hadden, kregen wij in plaats van 100 kilometer per dag, 200 kilometer per dag gratis. Uiteindelijk betaalden we voor ongeveer driehonderd extra kilometers.
Omdat de parkpas voor het Kakadu Nationaal Park in het park zelf niet overal te koop is, is het het makkelijkste om deze van te voren online te kopen.
Tip
Omdat het soms lastig is om de financiën te verdelen, kan men de app Tricount gebruiken. Met behulp van deze app wordt alles dusdanig berekend dat iedereen maar één persoon hoeft terug te betalen. Dat scheelt een heleboel gedoe wanneer je met een grote groep onderweg bent.
Gaan omdat…
De natuur prachtig en divers is. Terwijl er in Litchfield veel mogelijkheden zijn om te zwemmen, kan er in Kakadu volop gewandeld worden. Wie besluit te gaan, dient zijn of haar zwemspullen mee te nemen.
Het vanuit Darwin makkelijk te rijden is. Hoewel het raadzaam is om van te voren alle boodschappen in te slaan, zijn er in het park (Cooinda of Jabiru) ook voorzieningen om iets te eten, te drinken of wat boodschappen te doen.
Voorbij gaan omdat…
Het vrij prijzig kan zijn als je een auto moet huren. Denk daarbij ook aan de verzekering, benzine en extra kilometers waarvoor je vaak moet bijbetalen. Overigens is deze optie nog altijd goedkoper dan een georganiseerde tour. Mits je voldoende passagiers mee neemt natuurlijk.
Het in het hoogseizoen vrij druk kan zijn. Wie geen kampeerplaats van te voren reserveert, kan het risico lopen dat er geen plek meer is. Hoewel we dat in Kakadu niet hebben gezien (er zijn daar veel kampeermogelijkheden), overkwam ons dit wel in Litchfield.
Maandag 15 tot en met donderdag 18 juli 2019
Darwin
De hoofdstad van het Noordelijk Territorium is de noordelijkst gelegen stad van het land. Dankzij haar ligging leent de stad zich uitstekend voor een bezoek aan de nationale parken Litchfield en Kakadu.
De reis er naar toe
Vanuit Kakadu (Jabiru) reden we in ongeveer twee en een half uur terug naar Darwin. Omdat één van ons het vliegtuig moest halen, leverden we de auto op het vliegveld in. Twee van ons logeerden bij een local en werden door haar opgehaald. Zij bood mij en één van de andere meiden een lift naar de stad aan. Vanuit Mitchell Street liep ik opnieuw naar Frogs-Hollow Backpackers.
Mijn accommodatie
Omdat geen van de hostels in Darwin goed aangeschreven staat, besloot ik opnieuw in het Frogs-Hollow Backpackers te logeren. Met een bedrag van $20 (€12,30) per nacht, is het het goedkoopste hostel in de stad. Gelukkig trof ik mijn backpack nog in de kamer aan en kon ik mijn spullen opnieuw uitsorteren.
Zou ik het hostel kunnen aanbevelen? Niet direct. Het is het slechtste hostel waar ik tot nu toe verbleven ben, maar tegelijkertijd geloof ik niet dat de rest van Darwin veel beter te bieden heeft. De kamer is ruim, heeft voldoende stopcontacten en grote kluizen waar de hele backpack in past. De keuken is voorzien van voldoende pannen om te koken, maar heeft slechts zes pitten die werken. Omdat er maar één broodrooster is en een gratis ontbijt, is het vooral in de ochtend erg druk. Er zijn meer dan voldoende toiletten en douches. Hoewel alles dagelijks schoon gemaakt wordt, is het al gauw weer vies en rommelig. Dit is vooral te wijten aan de (vaste) gasten die er verblijven. Verwacht niet dat het ’s avonds stil is. Hoewel het hostel op tien minuten lopen van Mitchell Street ligt, zul je hier ook niet altijd een goede nachtrust hebben.
Wat is er te doen?
Wie Darwin bezoekt, brengt bijna zeker ook een bezoek aan Litchfield en/of Kakadu. Toch kan het geen kwaad om ook nog een paar dagen in de stad door te brengen.
Mitchell Street
In het hart van het centrum ligt Mitchell Street. Niet alleen liggen hier de meeste hostels, het is ook de uitgaansspot van de stad. Ideaal voor een hapje en een drankje en het ultieme vakantiegevoel.
Deckchair Cinema
Op loopafstand van Mitchell Street ligt deze prachtige openlucht bioscoop. Hoewel de film pas om 19:30 begint, kan men er al vanaf 18:00 terecht. Voor de zonsondergang, om een hapje te eten of om alvast een plekje (met een kussen) te reserveren. Een kaartje kost $16 (€10).
Fannie Bay Gaol
Deze gevangenis, die gelegen is in Fannie Bay, was geopend tussen 1883 en 1979. Vanuit het stadscentrum is het ongeveer vijf kilometer lopen, maar je kunt er ook een bus naar toe nemen. De entree is gratis, maar wie wil kan een donatie geven. Er is geen gids aanwezig, maar de vele informatie-borden zijn zeer informatief. Wie nog energie over heeft, kan op de weg terug door de botanische tuinen richting de stad lopen.
Vanwege de kosten, tijd of dagen dat ik er was, zijn er een aantal dingen die ik niet heb gezien of gedaan, maar wel had willen doen.
Crocodile Jumping Cruise
Op de Adelaide River (op ongeveer een uur rijden van Darwin), organiseren verschillende bedrijven deze cruises. Gedurende één uur worden krokodillen gelokt met buffelvlees. Doordat deze boven het water worden gehouden, wordt de krokodil gedwongen om deze al springend uit de lucht te grissen. Wie een eigen auto heeft kan deze cruise voor $30 tot $45 boeken. Een tour er naar toe kost doorgaans $95 tot $100.
Mindil Beach Sunset Market
Iedere donderdag en zondag van april tot oktober, kun je deze markt op het strand tussen 16:00-21:00 bezoeken. De zonsondergang schijnt prachtig te zijn. Wie echter later op de avond gaat, kan met flinke korting eten.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In de drie volle dagen die ik er doorbracht, gaf ik €91,65 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €30,55 per dag. Daarbij besteedde ik €12,30 aan de accommodatie, €10,10 aan eten en drinken en €8,15 aan overige kosten. Onder dit laatste heb ik ook de biertjes gerekend die ik op één avond met Fanny op Mitchell Street dronk.
Wie op een budget naar Darwin komt, doet er verstandig aan om tijdens het Happy Hour naar Mitchell Street te gaan.
Gaan omdat…
Het de perfecte uitvalsbasis is voor een bezoek aan Litchfield en Kakadu.
Het in de winter, in tegenstelling tot het zuiden, nog steeds heerlijk weer is. Wil je lekker aan het zwembad liggen of naar het strand? Darwin leent zich hier gedurende de wintermaanden uitstekend voor.
Je op een uur rijden van Darwin een Jumping Crocodile Cruise kunt maken. Verschillende bedrijven bieden deze op verschillende boten en voor verschillende prijzen ($30-$45) aan. Wie niet over een auto beschikt kan ook een tour boeken. Deze kosten doorgaans $95-$99.
Voorbij gaan omdat…
Er in Darwin zelf niet bijzonder veel te beleven is. Veel backpackers kiezen er voor om hier te gaan drinken in één van de vele bars die op Mitchell Street gelegen zijn.
Vrijdag 19 tot en met maandag 22 juli 2019
Broome
Broome is gelegen in de deelstaat West-Australië. In het begin van de twintigste eeuw was de stad voornamelijk bekend vanwege de parelvisserij. Vandaag de dag speelt het toerisme hier een belangrijke rol. Cable Beach, het strand van Broome, dankt haar naam aan de telegraafkabel die hier in 1889 werd aangelegd. De kabel verbond West-Australië met Java, Singapore en uiteindelijk Londen.
De reis er naar toe
De Greyhound vertrok om 15:20 vanuit het busstation in Darwin. Net als de laatste keer vanuit Alice Springs, werden we ook nu weer vriendelijk verzocht de bus midden in de nacht een uur te verlaten. Helaas dit keer op een gesloten tankstation, waardoor iedereen versuft en verveeld gedwongen werd om buiten op de bankjes plaats te nemen. Gelukkig verliep de verdere reis voorspoedig en arriveerden we rond 15:30 in Broome. Vanuit het bezoekerscentrum liep ik in ongeveer vijf minuten naar het hostel.
Mijn accommodatie
Voor $26 (€16,90) per nacht boekte ik een zespersoons slaapzaal voor vrouwen in de Kimberley Travellers Lodge. Hoewel de kamer klein en rommelig (niet de schuld van het hostel) was, zou ik de accommodatie zeker kunnen aanraden. ’s Ochtends is er een gratis ontbijt en de keuken is goed ingericht en rustig, waardoor je er prettig kunt koken. Er zijn meer dan voldoende douches en toiletten en de gezamenlijke ruimte is groot genoeg. Helaas werkt alleen de wifi niet overal.
Wat is er te doen?
Broome staat bekend om de relaxte sfeer die er heerst, niet om de hoeveelheid activiteiten die men er kan ondernemen. Wie zin heeft kan in het hostel voor $40 per dag een scooter huren of een tour om walvissen te spotten boeken. Omdat ik in Exmouth graag met walvishaaien wil zwemmen, besloot ik dat laatste niet hier te doen. In plaats daarvan koos ik voor minder dure ondernemingen.
Sun Pictures
Deze openlucht bioscoop werd in 1903 gebouwd en is de oudste openlucht bioscoop ter wereld. Voor $17,50 (€10,95) kun je hier genieten van een filmvoorstelling. Op dinsdag is een kaartje goedkoper. Verwacht daarbij echter geen ongestoord kijkgenot. Vanwege de nabijheid van het vliegveld, wordt het geluid regelmatig verstoord door een laag overvliegend vliegtuig.
Cable Beach
Vanuit het bezoekerscentrum kun je elk half uur voor $4 per rit de bus naar Cable Beach nemen. Voor een dagje strand, een kamelentocht of alleen het bekijken van de zonsondergang. Onthoud daarbij wel dat de laatste bus terug om 18:45 vertrekt.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In vier dagen tijd gaf ik €127,50 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €31,90 per dag. Daarbij besteedde ik €16,90 aan de accommodatie, €10,05 aan eten en drinken (en andere boodschappen zoals een tube zonnebrandcrème), €1,25 aan vervoer en €3,70 aan alle overige zaken (de bioscoop en het wassen van mijn kleren).
Gaan omdat…
De ontspannen sfeer in dit kleine dorp ideaal is om even helemaal bij te komen. Omdat het er altijd warm is, kun je iedere dag naar het strand. Ideaal als je de koude winter niet in het zuiden van het land door wil brengen.
Voorbij gaan omdat…
Er buiten naar het strand gaan niet veel te doen is. Wie zich snel verveelt, zit hier niet op de juiste plek.
Dinsdag 23 juli tot en met maandag 12 augustus 2019
West-Australië
West-Australië is de grootste deelstaat van het land en beslaat de gehele westkust. In 1616 zetten de Nederlanders hier als eerste westerlingen voet aan wal na het lijden van schipbreuk. De hoofdstad Perth is verreweg de grootste stad van de deelstaat. Ongeveer driekwart van de bevolking woont hier.
Mijn vervoersmiddel
Waar de oostkust overspoeld wordt door toeristen, is de westkust nog redelijk onbegaan. Wie dit gebied wil ontdekken heeft twee opties: het boeken van een georganiseerde tour of het regelen van eigen vervoer. Waar de eerste optie je in (vaak) veertien dagen langs alle highlights brengt, stelt de tweede optie je in staat in alle rust te reizen. Omdat de eerste optie mij niet aanstond en de tweede optie niet tot mijn mogelijkheden behoorde, koos ik voor een tussenoptie.
Sharebus
Dit bedrijf, dat op het moment van schrijven pas een jaar bestaat, biedt reizigers de mogelijkheid om de westkust op een goedkope en leuke manier te bereizen. Samen met maximaal elf anderen huur je een minivan, trailer en al het benodigde (kampeer)materiaal. Het bedrijf betaalt niet alleen de benzine en ongelimiteerde kilometers, maar ook de toegang tot de nationale parken en enkele basisvoorzieningen zoals kookolie, koffie, thee en schoonmaakmiddelen. Voor de trip van Broome naar Perth in eenentwintig dagen betaalde ik $750 (€455). Deze prijs is exclusief de eventuele overnachtingen (wanneer deze niet gratis dan wel geboekt en betaald door Sharebus waren) en mijn eten en drinken. Omdat ik ervoor koos om deze reis in de winter te maken en de temperaturen richting Perth sterk daalden, zat de bus niet vol. In plaats van twaalf, namen slechts zes personen (met mij erbij) deel aan deze trip. Een luxe, gezien de bus was ingericht op twee keer zoveel mensen.
Hoe werkt het?
Omdat het geen georganiseerde tour is, heb je als groep alle vrijheid om te gaan waar je wilt. Hoewel het bedrijf je voorziet van een uitgebreide planning, kun je ervoor kiezen om deze naar eigen inzicht te volgen. Naast de belangrijkste bezienswaardigheden, bevat dit plan ook tips waar (gratis) te overnachten.
Mijn reis
Karijini Nationaal Park
Een van de belangrijkste bezienswaardigheden langs de westkust is het Karijini Nationaal Park. Omdat het vanuit Broome 930 kilometer rijden is en we alle tijd hebben, besluiten we de eerste twee dagen eerst een aantal andere stops te maken. Zo stoppen we voor een mango-wijnproeverij ($5) bij de Mango Place net buiten Broome en zoeken we schelpen op het Eighty Mile Beach, alvorens we op de derde dag via de oostingang het park binnenrijden.
Hier betalen we de entree van $12 per auto en rijden naar de eerste plek. Bij de Fortescue Falls hijsen we onszelf in bikini en wagen we ons in het koude water. Vlakbij bezoeken we Fern Pool en wandelen we naar Circular Pool.
Na een gezellige avond rijden we de vierde dag van onze trip naar de Weano Gorge waar we, naast een wandeling, ook de Spider Walk naar Kermit’s Pool volgen. Dit laatste is een absolute aanrader en één van de hoogtepunten van onze trip.

De vijfde dag besluiten we vroeg op te staan om de wandeling van negen kilometer naar de top van Mount Bruce te maken. In tegenstelling tot een andere groep backpackers, die de wekker om vier uur ’s nachts besloten te zetten om de zonsopgang op de top te zien, namen wij genoegen met alleen het mooie uitzicht. In ongeveer vier uur liepen we heen en terug en spendeerden we voldoende tijd op de top om foto’s te maken.

Vervolgens reden we door naar Tom Price om, naast enkele boodschappen te doen, ook onze lunch te nuttigen. Pas later in de middag arriveerden we bij Hamersley Gorge, waar we vlak voor zonsondergang nog even in het water doken.
Kamperen en douchen
De eerste vijf nachten kampeerden we gratis buiten het nationale park. Achtereenvolgens was dat op een rustplaats nabij het Sandfire Roadhouse (1), Blakeys Spot (2), Rest Area Sealed Road before Tom Price (3) bij de Fortescue Falls, Roundabout Mountain Views (4) bij Mt. Bruce en een kampeerplek vlakbij Hamersley Gorge (5).
Omdat we hier nergens konden douchen, besloten we dat gratis in Port Hedland (bij de Pretty Pools) te doen en voor $4 voor vijftien minuten in Tom Price. (Wanneer je voorganger de deur open houdt kun je gratis douchen, waarbij het dan alleen niet mogelijk is om de deur op slot te doen.)
Exmouth
Na een paar dagen in het nationaal park te hebben doorgebracht, was iedereen blij om twee dagen in Exmouth door te brengen. Hoewel je ook hier een tour kunt boeken, besloten drie van ons dat in Coral Bay te doen. In plaats van het zwemmen met walvishaaien, besloot ik een poging te wagen om met bultrugwalvissen te zwemmen. Het bezoekerscentrum maakte deze reservering voor ons in orde. Om te vieren dat we terug in de bewoonde wereld waren, besloten we een bar te bezoeken voor een hapje en een drankje en ons even weer mens te voelen. Toen we aan het eind van de dag terug naar onze auto liepen, bleken we de sleutel van de auto verloren te zijn. Na wat paniek en een uur zoeken, vond ik deze uiteindelijk terug op de parkeerplaats. Een enorme opluchting.
Kamperen en douchen
De eerste nacht verbleven we gratis op het Yannarie Rest Area (6), op tweehonderd kilometer voor Exmouth. De tweede nacht brachten we door op Termite Nests (7), gelegen op zeventig kilometer voor Exmouth. Hoewel we hier gratis sliepen, waren er geen faciliteiten en geen beschutting. Vanwege de wind besloot één van ons in de auto te slapen.
Als je wil douchen kun je dat het beste voor vertrek richting Exmouth nog in Tom Price doen. Het alternatief is de douche aan het strand van Exmouth. Deze bevindt zich aan de buitenkant van het toiletgebouw, dus het dragen van zwemkleding is verplicht.
Cape Range Nationaal Park
Dag acht en negen brachten we door in het Cape Range Nationaal Park, rondom Exmouth. De entree, die door Sharebus werd betaald, was $13 per auto per dag.
In het park bevinden zich verschillende stranden waar men kan zonnen, zwemmen en snorkelen. Wij bezochten zowel Turquoise Bay als Oyster Stacks. Deze laatste was bij laagtij ontzettend tricky, vanwege het weinige water dat zich nog boven het koraal bevond.
Omdat de rest geen zin had om te wandelen, reden John en ik de tweede dag alleen naar de Charles Knife Canyon voor de zeven kilometer lange Badjirrajirra Walk.
Kamperen en douchen
Net als de nacht ervoor, kampeerden we ook nu weer op Termite Nests (8). De tweede nacht was al geboekt en betaald door Sharebus voor $11 per persoon op Camp Ground (9) in Cape Range. Het was een prachtige, rustige plek op loopafstand van het strand, waar we in alle rust van de zonsondergang genoten. Helaas gooide de heftige zeewind ’s nachts roet in het eten. In het donker was ik gedwongen om mijn eigen kleine tent op te zetten, terwijl drie van ons de nacht in de auto doorbrachten.
Coral Bay
Dag tien, elf en twaalf brachten we door in Coral Bay. Een kleine gezellige kustplaats, die (net als Exmouth) volledig op het toerisme is gericht. Buiten het zwemmen of snorkelen vanuit het strand of het boeken van een tour is er niet veel te doen. Terwijl twee van mijn reisgenoten er voor kozen om te gaan snorkelen en duiken met de mantarog, koos ik voor het zwemmen met de bultrugwalvissen. Hiervoor betaalde ik $195 (€120), waarbij er nog eens $160 (€98) extra zou worden gerekend wanneer we erin slaagden om daadwerkelijk met ze te zwemmen. Helaas was dat laatste niet het geval. De omstandigheden leenden zich er niet voor en de enkele keer dat we in het water belandden, zwommen de walvissen zo diep onder ons door dat het onmogelijk te zien was. In totaal brachten we zo’n negen uur op het water door, en lukte het wel om met de dwergvinvis te zwemmen.
Beide avonden die we in Coral Bay doorbrachten, besloten we in één van de barretjes een drankje te doen. Van een goede douche op de camping en het aantrekken van iets leuks, knapten we allemaal enorm op.
Kamperen en douchen
Voor $17,50 per persoon per dag, had Sharebus twee plekken op de camping (10 en 11) voor ons geboekt en betaald. Deze was enorm druk en volgeboekt, waardoor het een stuk minder gezellig was dan veel gratis kampeerplaatsen. Het toiletgebouw met goede douche maakte dat uiteraard meer dan goed. Na nog een laatste dag in de stad te hebben doorgebracht, reden we de derde avond anderhalf uur naar het gratis Yalabia Rest Area (12).
Monkey Mia
Op dag dertien en veertien verplaatsten we ons snel van de ene naar de andere attractie. Zo bezochten we onder andere de Quobba Blowholes, Shell Beach, Monkey Mia, Little Lagoon, Eagle Bluff en Hamelin Pool. Op Monkey Mia na (dat $15 per persoon kostte), bezochten we alles gratis. Hoewel het leuke, korte stops waren, is het zeker geen schande om ze over te slaan. De enkele dolfijnen die we in het toeristische Monkey Mia vanaf het strand zagen, waren geen $15 waard. Gelukkig betaalde Sharebus en konden we er (stiekem) douchen.
Kamperen en douchen
Voor $15 per auto verbleven we de eerste nacht in Fowlers Camp (13). Van te voren dien je dit online te boeken en betalen, waarbij de ranger ’s ochtends komt controleren. De tweede nacht kampeerden we opnieuw gratis vlakbij Hamelin Pool (14). Omdat er op geen van beide kampeerplaatsen gedouchet kon worden, deden we dit stiekem bij het zwembad in Monkey Mia.
Kalbarri Nationaal Park
Dag vijftien en zestien brachten we door in het Kalbarri Nationaal Park. Hiervoor betaalden we $13 per auto per dag.
In deze dagen bezochten we onder andere Z Bend, Nature’s Window en Red Bluff Lookout. Hoewel Nature’s Window geen onaardige foto opleverde, is een bezoek aan dit nationaal park geen must. De tweede dag reden we daarom al gauw door naar het Pink Lake en Hutt River Province, waar we ons paspoort lieten stempelen omdat dit kleine stuk grond zich van Australië heeft laten scheiden.

Kamperen en douchen
De eerste nacht kampeerden we gratis in het Galena Bridge Camp Area (15). Deze kampeerplaats was prachtig gelegen aan de rivier en voorzien van een toilet. De tweede nacht kampeerden we voor $5 per persoon op de Hutt River Campground (16). Gelukkig konden we hier opnieuw douchen.
Geraldton
Op de zeventiende dag reden we naar Geraldton voor de laatste boodschappen. Onderweg naar onze kampeerplaats, stopten we bij zowel Dynamite Bay als Sandy Cape Beach.
Kamperen
Het Tuarts Reserve Free Camp (17), dat midden in de bossen lag, was de mooiste kampeerplek aan de westkust. Klein, rustig en zonder faciliteiten, maar absoluut een aanrader.
Nambung Nationaal Park
Op de achttiende dag van onze trip bezochten we het Nambung Nationaal Park. Hiervoor betaalden we $13 per auto per dag.
Omdat we meer dan voldoende tijd hadden, koppelden we de trailer los op de parkeerplaats en reden door de Pinnacles Desert. Na terugkomst op de parkeerplaats,
besloten we ook de wandelroute af te leggen. Helaas voegde deze niets toe aan de eerdere rit.
Na de lunch reden we door naar de Lancelin Sand Dunes, waar de mannen een quad huurden om door de duinen te scheuren. Wie dit niets vindt, kan er ook een board huren om te sandboarden.
Kamperen
Op aanraden van de verhuurders kampeerden we gratis in de Wilbinga Grove (18).
Yanchep Nationaal Park
Nadat één van de meiden zich door iemand had laten ophalen en zich naar Perth had laten rijden, bezochten we met zijn vijven het Yanchep Nationaal Park. Ook hiervoor betaalden we $13 per auto per dag.
Voor dat geld deden we de Koala Walk (waarbij we enkele koala’s spotten) en de Wetlands Walk Trail rondom het meer.
Kamperen
Voordat we naar onze kampeerplaats reden, zetten we nog één van de meiden af in Perth. Ook zij wilde niet langer in de kou kamperen. Wij sloegen vervolgens ons kamp op in de Iron Stone Gully Falls (19), onderweg naar Margaret River.
Margaret River
Hoewel Margaret River niet op de oorspronkelijke planning van Sharebus stond (gezien haar locatie ten zuiden van Perth), besloten wij in de eerdere dagen wat tijd te winnen om dit wél te realiseren. Een uitstekende beslissing, want niet alleen de wijn, maar ook de omgeving, was fantastisch. Omdat de verschillende wijnhuizen te ver uit elkaar lagen, bood ik aan te rijden. Achtereenvolgens bezochten we de volgende wijnhuizen voor een gratis proeverij: Gralyn Estate, Providore: Goward & Black, Ashbrook Estate, Leeuwin Estate en Redgate Wineries. Daarbij was vooral Gralyn Estate een enorme aanrader. Zij waren niet alleen gul en professioneel, maar ook de wijn was heerlijk. Daarnaast waren Leeuwin Estate en Redgate Wineries ook niet slecht. Om ervoor te zorgen dat we niet op een lege maag dronken, lunchten we bij Cheekey Monkey en proefden we gratis chocolade bij The Chocolate Company.
Kamperen en douchen
Voor $12,50 per persoon verbleven we één nacht in het Glenbrook Estate Camp (20). Een geweldige aanrader vanwege de enorm behulpzame eigenaar en prettige faciliteiten.
Perth
De laatste dag maakten we de auto en de trailer grondig schoon. Voordat we terug naar Perth reden, bezochten we Redgate Beach, waar het zelfs op maandagochtend al stikte van de surfers. De laatste avond sliepen we in een vierpersoons gemengde slaapzaal in de Palmerston Lodge (21). Dit hostel, dat $15 per nacht kostte, was in het bezit van de eigenaar van Sharebus en werd nog door hen betaald. Met een heleboel goon, sloten we de avond en reis in stijl af.
Hoeveel heeft het mij gekost?
Voor eenentwintig dagen betaalde ik in totaal €786,35. Dat komt neer op een gemiddelde van €37,45 per dag. Daarbij betaalde ik €21 aan vervoerskosten (huur, verzekering en benzine), €2,35 aan kampeerkosten, €3,90 aan eten, €3,20 aan alcohol en snacks, €1,25 aan overige kosten (wassen, douchen, entreegeld) en €5,85 aan de tour om met walvissen te zwemmen.
Daarbij kreeg ik $70 korting op de oorspronkelijke boekingsprijs bij Sharebus en hoefde ik geen $160 te betalen voor mijn tour in Coral Bay omdat het niet gelukt was om daadwerkelijk met de bultrug walvissen te zwemmen.
Gaan omdat…
Het een goedkope en leuke manier is om de westkust te bereizen. In tegenstelling tot een tour, heb je hier wel alle vrijheid om (onderling) te bepalen wat je wel en niet wilt zien.
De borg bedraagt slechts $100. Wanneer er iets gebeurt, kun je nooit voor méér dan dit bedrag aansprakelijk worden gesteld.
Voorbij gaan omdat…
Niet alle vans en trailers zich in de beste staat bevinden. Zo zijn de grote tenten niet altijd bestand tegen sterke windstoten. Het is daarom prettig om zelf een kleine tent mee te brengen. Daarnaast is het verstandig om voldoende warme kleding en een warme slaapzak mee te nemen. De temperaturen kunnen tijdens de winter in het zuiden flink afnemen. Het maken van vuur is daarbij niet altijd toegestaan.
Eenentwintig dagen is een lange tijd om te reizen met mensen die je nog nooit hebt ontmoet. Wanneer het niet klikt of de bus daadwerkelijk gevuld is met twaalf personen, kan de trip nog weleens tegenvallen. Gelukkig was dat bij mij niet het geval.
Dinsdag 13 tot en met donderdag 15 augustus 2019
Perth
Perth is gelegen in het zuidwesten van Australië en is de hoofdstad van de deelstaat West-Australië. Vanwege de lage bevolkings-dichtheid van de deelstaat is Adelaide, dat 2.700 kilometer verder ligt, de dichtstbijzijnde metropool. De stad is per trein vanuit Perth te bereiken.
De reis er naar toe
Vanuit Broome reisde ik met vijf anderen in eenentwintig dagen in de Sharebus naar Perth.
Mijn accommodatie
Ik boekte twee nachten in het Koala’s Perth City Backpackers Hostel. Hier betaalde ik $13 (€7,85) per nacht voor een gemengde vierpersoons slaapzaal. Het hostel, dat ruim en schoon is en zich op loopafstand van het centrum bevindt, is zeker een aanrader.
Wat is er te doen?
Omdat ik slechts twee volle dagen de tijd had en daarbij een aantal afspraken midden op de dag had gepland met mijn Sharebus-reisgenoten, heb ik geen tijd gehad voor een bezoek aan de belangrijkste trekpleister van de stad.
Rottnest Island
Het eiland, dat dagelijks met de veerboot vanuit Fremantle te bezoeken is, staat voornamelijk bekend om zijn grote populatie quokka’s. Door middel van een bus of een fiets, kun je het eiland in een dag verkennen. Vergeet daarbij je zwem- en/of snorkelspullen niet.
Swan Valley en/of Margaret River
Wie van wijn houdt, zit in Perth op de juiste plek. Vanuit hier kan men zowel Swan Valley (30 minuten) als Margaret River (drie uur) bezoeken. Hoewel Swan Valley dichterbij gelegen is, raadt iedereen je aan om de laatste te bezoeken.
Wave Rock
De rots in de vorm van een golf is op ongeveer vier uur rijden van Perth gelegen. Omdat dat voor ons te ver was, besloten we deze bezienswaardigheid over te slaan.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In twee volle dagen gaf ik €39,05 uit. Dat komt neer op €19,55 per dag. Daarbij gaf ik €7,85 uit aan de accommodatie, €8,95 aan eten en drinken en €2,75 aan alle overige kosten (wassen en drogen).
Wanneer je bovenstaande bezienswaardigheden graag wil bezoeken, dien je uiteraard meer geld uit te trekken. Zo kost een retour voor de veerboot naar Rottnest Island ongeveer $40 (€25).
Tip
Via de site Bookme kun je korting krijgen op verschillende georganiseerde tours in Australië. Zo kost een retour per veerboot naar Rottnest Island hier geen $40 maar $32.
Gaan omdat…
Het een sfeervolle en goedkope stad is. De omgeving rondom de stad (met name Margaret River) is een bezoek absoluut waard.
Voorbij gaan omdat…
Het ver buiten je route ligt. Wie de westkust niet bereist, hoeft niet alleen voor de stad naar Perth te vliegen. Tenzij je op zoek bent naar een baan in deze regio, natuurlijk.
Vrijdag 16 tot en met maandag 19 augustus 2019
Cairns
Vanwege haar vele bezienswaardigheden is de stad, die gelegen is in het noordoosten van het land, een belangrijke toeristische trekpleister. Het oudste regenwoud ter wereld (Cape Tribulation) en het Great Barrier Reef zijn de belangrijkste redenen voor backpackers om de stad te bezoeken.
De reis er naar toe
Vanuit mijn hostel in Perth nam ik voor $4,90 de bus (lijn 40) naar het vliegveld. Vervolgens vloog ik met Jetstar voor €152 (inclusief twintig kilo ingecheckte bagage) naar Cairns.
Na een vlucht van ongeveer vier uur, landde ik om 06:30 in Cairns. Hoewel je op het vliegveld een shuttlebus kunt boeken, moet je niet te lang blijven twijfelen. Om zeven uur was de balie alweer gesloten en werd deze pas weer een uur later geopend. Ik besloot daarom mijn oorspronkelijke plan te volgen en de zeven kilometer naar het stadscentrum (en mijn hostel) te lopen. Hoewel je over het fietspad moet lopen en de wandeling door het gewicht van mijn tas redelijk zwaar werd, was het zeker niet onmogelijk. Beleefd sloeg ik daarom een lift af van een vriendelijke voorbijgangster.
Mijn accommodatie
Voor $17 (€10,35) per nacht boekte ik een gemengde achtpersoons slaapzaal in het Mad Monkey Backpackers Village. Het hostel, dat in Cairns vele broers en zussen telt, is absoluut een aanrader. Ruime, nieuw gerenoveerde kamers, een uitgebreid ontbijt en bijna iedere avond een gratis maaltijd. Bovendien bevindt Happy Travels zich in het hostel, waardoor je goed geïnformeerd een trip kunt boeken.
Wat is er te doen?
Afhankelijk van het aantal dagen dat je in de stad verblijft en het budget dat je ervoor uit wilt trekken, is er meer dan genoeg te ondernemen.
Great Barrier Reef
Omdat er enorm veel maatschappijen zijn bij wie je een tour naar het Outer Great Barrier Reef kunt boeken, is het verstandig om van te voren wat onderzoek te doen. Happy Travels hielp me vervolgens met het maken van de juiste keus. Voor $245 (€150) boekte ik een dagtour op de Island Diver van het Cairns Dive Center. Dit bedrijf heeft het alleenrecht om Brigg’s Reef en Sudburry Cay te bezoeken. Met maximaal vijftig personen aan boord en een goede ondersteuning voor toeristen die voor het eerst duiken, is dit een aanrader.

Om 09:00 op zaterdagochtend meldde ik me bij pier E in de Marlin Marina. Samen met drieëntwintig anderen vertrokken we die ochtend eerst naar Brigg’s Reef om te snorkelen en/of te duiken. Omdat er vanwege het beperkte aantal instructeurs slechts vijftien personen per trip kunnen duiken, was het vrij rustig aan boord. Na aankomst en een korte duikinstructie werden we in vijf groepen van twee of drie personen verdeeld. Samen moesten we drie proeven doorstaan alvorens we het water in mochten. Omdat er hier en daar wat mensen terug krabbelden, dook ik samen met de instructeur en één andere duiker naar beneden. Hoewel het spannend was, zou ik het absoluut kunnen aanraden. Voor slechts $60 is dit een betere ervaring dan alleen snorkelen. Toen iedereen terug was, was het tijd voor een heerlijke lunch. Vervolgens werden we binnen vijftien minuten afgezet op de volgende plek. Hoewel we hier voor $60 opnieuw konden duiken, besloot ik te gaan snorkelen. Op deze manier had ik de gelegenheid om rustig foto’s te maken.
Tip
Wanneer je het Great Barrier Reef bezoekt, wil ik je aanraden om een onderwatercamera mee te nemen. Alleen tijdens je eerste duik mag je deze niet gebruiken. Wie er geen heeft kan er één huren voor $45 per dag en/of voor $40 de foto’s van de fotograaf aan boord te kopen. (Deze laatste zijn wel heel toeristisch en in scène gezet.)

Daintree Rainforest en Cape Tribulation
Omdat ik geen eigen vervoer tot mijn beschikking had, was ik gedwongen om online een tour te boeken. Via Bookme vond ik er één van $99 (€60). De betreffende organisatie, Rainforest Spirit Tours, neemt maximaal twaalf personen per tour mee. Dat klonk een stuk aangenamer dan de veertig personen voor $185, die het hostel me aanraadde.
Zou ik de tour aanraden? Als je er op gebrand bent om met een organisatie te gaan wel. De groep is klein en de benadering persoonlijk. Maar voor mij was het korte bezoek aan veel verschillende bezienswaardigheden niet helemaal mijn ding. In één dag bezochten we Ellis Beach, Rex Lookout, de Mossman Gorge, het Wallabies Sanctuary, Cape Tribulation, de Alexandra Range Lookout en Port Douglas. Vlak voor de lunch, maakten we een korte cruise over de rivier op zoek naar krokodillen.
Wie het toeristische net zo verafschuwt als ik, kan beter zelf een auto huren om er op uit te trekken. Op die manier heb je de gelegenheid om een aantal wandelingen te maken. Geen tijd? Geen probleem. Hoewel de omgeving prachtig was, vond ik het regenwoud minder indrukwekkend dan ik had gehoopt.

Naast het Great Barrier Reef en Cape Tribulation, is er nog veel meer in de stad te ondernemen. Breng een bezoek aan de Esplanade, waar je heerlijk kunt zwemmen in de Lagoon (een zwembad met klein strand aan het water). Bezoek de Night Market, die iedere dag tussen 16:00 en 23:00 geopend is, of bestel een hamburger bij The Lush.
Wil je nog een dagtrip ondernemen? Bezoek dan Fitzroy Island (vanaf $79 voor de veerboot of goedkoper via BookMe). Hier kun je niet alleen wandelen, maar ook snorkelen vanaf het strand. Naast een bezoek aan dit eiland, is een bezoek aan de watervallen in de omgeving van Cairns ook een aanrader. Uncle Brian’s Tours schijnt er goede tours naar toe te organiseren. Een prettige optie voor reizigers die geen eigen vervoer hebben.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In vier dagen tijd gaf ik €292,80 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €73,20 per dag. Daarbij gaf ik €10,35 uit aan de accommodatie, €7,50 aan eten en drinken en €55,35 aan alle overige kosten. Daarbij was de duik in het Great Barrier Reef (€160) verreweg het duurst. Overigens was het wel elke cent waard.
Gaan omdat…
Het Outer Great Barrier Reef daadwerkelijk fantastisch is. Wie (net als ik) nog nooit gedoken heeft, kan het hier laagdrempelig voor het eerst proberen. Een duik op mijn boot kostte $60 per keer.
Er in de omgeving veel moois is te zien. Denk daarbij aan het oudste regenwoud ter wereld, diverse watervallen en Fitzroy Island.
Voorbij gaan omdat…
Het zomer is. In de regenachtige, vochtige en hete zomer kan een verblijf in de stad onaangenaam zijn.
Dinsdag 20 tot en met donderdag 22 augustus 2019
Townsville en Magnetic Island
Net voor de kust van Townsville in de deelstaat Queensland, ligt Magnetic Island. Dit bergachtige eiland is grotendeels afhankelijk van het toerisme dat er komt om te wandelen, zwemmen, snorkelen en relaxen. Zowel Sealink als Magnetic Island Ferries, kunnen je vanuit Townsville op het eiland afzetten. Hoewel de eerste duurder is, is deze ook sneller.
De reis er naar toe
De bus vanuit Cairns vertrok om 08:15 en zette mij zes uur later in Townsville af. Omdat mijn hostel aan de andere kant van het water lag, moest ik nog twee kilometer lopen.
De volgende dag nam ik voor $14 de Magnetic Island Ferries naar het eiland. Omdat deze aan dezelfde kant als mijn hostel lag, was het in de ochtend slechts een korte wandeling. Vanuit Nelly Bay nam ik voor $3 de bus naar Bungalow Bay. Deze stopte precies voor het hostel.
Mijn accommodatie
Hoewel ik vanuit de bus ook direct de veerboot naar het eiland had kunnen nemen, besloot ik één nacht in Townsville door te brengen. Omdat alle goedkope accommodaties al volgeboekt waren, boekte ik voor $22,50 (€13,75) een vierpersoons slaapzaal voor vrouwen in Adventurers Backpackers. Hoewel de bedden afschuwelijk slecht waren, was de rest van het hostel prima. In de uitgebreide keuken kon ik voor drie dagen koken, zodat ik geen dure boodschappen op het eiland hoefde te doen.
De volgende ochtend vertrok ik naar het eiland. Voor $32 (€19,60) per nacht logeerde ik hier in een achtpersoons slaapzaal in het Bungalow Bay Koala Village YHA. Hoewel het zeven kilometer van de veerboot (en de IGA supermarkt) ligt, is het hier aangenaam verblijven. Op loopafstand van zowel het strand als wandelroutes en voorzien van een goede keuken, zwembad en bar met eten en drinken.
Wat is er te doen?
Behalve relaxen aan het zwembad, zwemmen, snorkelen of wijn drinken aan de bar?
Forts Walk
Eén van de populairste wandelingen van het eiland is de Forts Walk. Middels een loop kun je hier de overblijfselen van de Tweede Wereldoorlog bekijken. Wie geluk heeft, ziet onderweg ook een koala.
Rock Wallabies
Op ongeveer vijf kilometer lopen van mijn accommodatie, ligt Geoffrey Bay. Hier kun je in de ochtend of in de avond de rotswallabies zien. Wie wat voer meebrengt, zal ze gegarandeerd zien. Ze zijn gewend aan mensen en niet bang om dichtbij te komen.

Hoeveel heeft het mij gekost?
In totaal gaf ik in drie dagen tijd €83,50 uit. Dat komt neer op €27,85 per dag. Daarbij besteedde ik €17,65 aan de accommodatie, €6,25 aan eten en drinken (zelf koken) en €3,95 aan vervoerskosten (waarbij ik de veerboot terug niet heb meegerekend).
Wie geld wil besparen kan beter in Townsville verblijven. De accommodaties zijn hier goedkoper en in een dag kun je veel van het eiland zien. Wie wel besluit te overnachten, doet er goed aan om de inkopen in Townsville te doen. De kleine supermarkt in Horseshoe Bay is zeer prijzig.
Gaan omdat…
De veerboot er naar toe vrij goedkoop is. Voor slechts $14 (enkele reis online) kun je al zwemmen, snorkelen en wandelen op het eiland.
Je hier in het wild zowel koala’s als wallabies kunt spotten. Een must-do in Australië.
Voorbij gaan omdat…
Je al genoeg gezwommen, gesnorkeld en/of gewandeld hebt. En je daarnaast echt geen koala en/of wallabie meer kunt zien.
Het verblijf (accommodatie en eten/drinken) wat duurder is dan op het vasteland.
Vrijdag 23 tot en met zondag 25 augustus 2019
Airlie Beach en Whitsundays
Arlie Beach is een kleine stad in Queensland die een grote aantrekkingskracht op toeristen uitoefent vanwege haar toegang tot de Whitsundayeilanden en het Great Barrier Reef.
De reis er naar toe
Vanuit het hostel nam ik om 10:40 de bus naar de veerboot. Omdat deze rechtstreeks op de dienst van Sealink aansloot, moest ik nog even wachten. Om 11:40 kon ook ik aan boord en een half uur later werd ik aan de overkant afgezet. Vanuit hier moest ik opnieuw twee kilometer naar de andere kant lopen om de bus naar Airlie Beach te nemen. (Voor iets meer geld koop je een ticket van Sealink. Deze sluit beter aan op zowel de bus op Magnetic Island als de Premier en Greyhound in Townsville.) Hoewel er een snellere bus om 16:00 vertrekt, besloot ik die van 14:30 te nemen. Om 19:30 bereikte ik (ietwat verlaat) mijn plaats van bestemming. Gelukkig lag het hostel op loopafstand en was ik er zo.
De volgende ochtend nam ik de eerste bus (06:10) vanuit Coconut Grove naar Shute Harbour voor mijn transfer naar Whitehaven Beach met Scamper. Hoewel we om 07:00 hoorden te vertrekken, werd dit een stuk later vanwege alle passagiers die ingecheckt moesten worden. Rond 09:00 konden we uiteindelijk voet aan land zetten.
Mijn accommodatie
Voor $27 (€16,50) per nacht boekte ik een achtpersoons gemengde slaapzaal in het Airlie Beach YHA. Hiet verbleef ik zowel vrijdag- als zondagnacht. Op de badkamer na (die in de kamer zelf lag en daardoor vaak bezet was), was dit een prettig hostel om te verblijven.
Zaterdagnacht verbleef ik voor $6,65 (€4,05) op één van de tien kampeerplekken op Whitehaven Beach. Een absolute aanrader! De kampeerplekken zijn netjes, van elkaar gescheiden en liggen op steenworpafstand van de zee. Er is zelfs een toilet aanwezig, voor kampeerders die niet gewend zijn om wild te kamperen.
Wat is er te doen?
Hoewel bijna iedereen vanuit Airlie Beach een cruise naar de Whitsundays boekt, besloot ik het anders te doen.
Kamperen
Via de Queensland Parks and Wildlife Service, kocht ik voor $6,65 (€4,05) een kampeervergunning voor één persoon op Whitehaven Beach. Ik liet me daar op zaterdagochtend door Scamper voor $150 (€91,50) (retour) afzetten en de volgende ochtend weer ophalen. Op deze manier was mijn bezoek aan het beroemdste eiland niet alleen vluchtig, maar kon ik rustig een wandeling naar Chance Bay maken en van zowel de zonsondergang als zonsopgang genieten.
Tip
Wie graag wil kamperen op één van de eilanden kan bij Scamper terecht. Zij regelen het vervoer naar verschillende eilanden en verhuren ook kampeerspullen als je deze zelf niet hebt. Vergeet alleen de kampeervergunning niet te regelen!
The Lagoon
Geen fan van de zee? Geen probleem. In Airlie Beach kun je rustig zwemmen in de lagoon. Dit zwembad aan het water is niet alleen vrij toegankelijk, maar biedt ook meer dan voldoende ruimte om te relaxen.
Eettip
Wie geen zin heeft om te koken kan bij Beaches terecht. Alle gerechten kosten hier $17 (€10), inclusief een gratis drankje. Wanneer je in het YHA verblijft, kun je zelfs een gratis voucher bij de receptie ophalen zodat je slechts $10 betaalt. Een topdeal!
Hoeveel heeft het mij gekost?
In Airlie Beach betaalde ik €23,20 per dag. Daarbij besteedde ik €16,50 aan de accommodatie en €6,70 aan eten en drinken.
Een nacht kamperen op Whitehaven Beach is echter een stuk duurder. In één dag gaf ik hier €125 uit. Daarbij besteedde ik €4,05 aan het kamperen, €22 aan eten en drinken (inclusief alcohol), €95,90 aan vervoer en €3,05 aan de bagageopslag in het hostel zodat ik niet alles mee hoefde te nemen.
Gaan omdat…
De Whitsundays één van de hoogtepunten van iedereens reis is. Of je nu een meerdaagse boot boekt of zelf gaat kamperen; je zult er van genieten.
Airlie Beach zelf is een prachtig klein plaatsje met genoeg gezellige cafeetjes en restaurants. Ideaal om te relaxen en van het weer te genieten.
Zelfs tijdens onze transfer naar Whitehaven Beach zagen we al walvissen. Kun je nagaan wat je ziet als je daadwerkelijk een tour boekt.
Voorbij gaan omdat…
Whitehaven Beach toeristisch is. Zelfs als alle daggasten vertrokken zijn heb je niet dat alleen-op-een-eiland-gevoel. Alle privéboten blijven er ’s nachts namelijk gewoon liggen. Wie dat wil vermijden, kan wellicht beter op Chance Bay kamperen. Hoewel het strand minder mooi is, leek het wel verlaten. En vanuit hier kun je mooi naar Whitehaven wandelen.
Maandag 26 en dinsdag 27 augustus 2019
Agnes Water
In Agnes Water ligt het noordelijkst gelegen strand aan de Oostkust dat geschikt is om te surfen. Daarnaast biedt het toegang tot het zuidelijke gedeelte van het Great Barrier Reef. Het plaatsje in Queensland is slechts enkele kilometers verwijderd van Seventeen Seventy, waar James Cook voor de tweede keer voet aan land zette.
De reis er naar toe
Om 10:40 nam ik de bus naar Agnes Water. Om 21:05 dezelfde dag kwam ik hier aan en werd ik opgehaald door het hostel.
Mijn accommodatie
Voor $23 (€13,80) boekte ik een achtpersoons slaapzaal voor vrouwen in het Cool Bananas Backpackers. Omdat het extreem rustig was, had ik deze de tweede dag geheel voor mijzelf.
Is het een aanrader? Jawel. Het personeel is vriendelijk en wordt goed aangestuurd door de eigenaresse die ervoor zorgt dat alles klopt. Daarbij wordt er rekening gehouden met de bustijden. In de ochtend wordt de keuken voor het vertrek van de eerste bus geopend en staat er een shuttle klaar om je te brengen. Wanneer het druk is in het hostel, zul je echter goed moeten plannen wanneer je gaat koken. Er zijn slechts acht gaspitten en weinig zitplaatsen om aan tafel te eten.
Wat is er te doen?
Agnes Water heeft een klein centrum en wie geen beschikking heeft over een auto, is veelal aangewezen op een bezoek aan het strand of het volgen van een surfles. Omdat de golven hier niet heel groot zijn, is dat gemakkelijk voor beginners.
Paperbark Forest Boardwalk en de Discovery Trail
Op drie kilometer lopen van het hostel (aan dezelfde weg), ligt de Paperbark Forest Boardwalk. Hoewel deze slechts 400 meter lang is, is deze wel mooi genoeg om te lopen als je tijd hebt. Op de terugweg kun je gelijk de Discovery Trail meepikken.

Hoeveel heeft het mij gekost?
In totaal gaf ik in één dag €17,10 uit. Daarbij kostte de accommodatie €13,80 en het eten (boodschappen) €3,30. Omdat ik de volledige eerste dag in de bus zat, reken ik die niet mee.
Gaan omdat…
Je een auto hebt en de omgeving kunt bekijken. Het Deepwater Nationaal Park schijnt een aanrader te zijn.
Voorbij gaan omdat…
Het een hele kleine plaats is waar, behalve het volgen van surflessen en het ontdekken van het nationaal park, niet veel te doen is. Als je pech hebt, kun je vanwege de golven zelfs niet surfen.
Woensdag 28 en donderdag 29 augustus 2019
Hervey Bay
In het zuidoosten van Queensland is het zowel in de zomer als de winter aangenaam vertoeven. Het wordt hier niet te warm én niet te koud. Toeristen bezoeken de stad veelvuldig in de hoop walvissen van dichtbij te zien. Het hoogseizoen daarvoor is juli en augustus, maar tot en met oktober kunnen er nog tours worden geboekt. Helaas is het in dit laagseizoen niet mogelijk om ook daadwerkelijk met ze te zwemmen. De andere grote trekpleister is het grootste zandeiland ter wereld: Fraser Island.
De reis er naar toe
Om 06:30 in de ochtend nam ik de bus naar Hervey Bay. Deze arriveerde probleemloos om 11:00 bij Palace Hostels. Vanuit hier liep ik in tien minuten naar het hostel.
Mijn accommodatie
Voor $24 (€14,50) per nacht boekte ik een vierpersoons gemengde slaapzaal met ensuite badkamer in Hervey Bay Flashpackers. Op de lokatie na (ver van het centrum en de Urangan-pier), is dit een uitstekend hostel. Schoon, goed georganiseerd en sfeervol. Wellicht het beste hostel waar ik ooit ben verbleven. Wie geen zin heeft om de twee kilometer naar Woolworths te lopen, kan gebruik maken van de gratis shuttle die daar elke avond om vijf uur naar toe rijdt zodat iedereen boodschappen kan doen.
Wat is er te doen?
Hoewel de meeste backpackers in Hervey Bay stoppen om Fraser Island te kunnen bezoeken, besloot ik een tweede poging te wagen om met de bultrugwalvissen te zwemmen.
Hervey Bay Dive Centre
Voor $202 (€123) boekte ik een zwemtocht met de walvissen bij het Hervey Bay Dive Centre. Omdat de tour pas om 09:30 vanaf de Urangan-pier vertrok, kon ik er in alle rust naar toe lopen. Samen met negen anderen (vierentwintig is het maximum), de kapitein en twee crewleden, ging ik aan boord van de Arcadia. Dit keer was ik vastbesloten om met de walvissen te zwemmen. Na zes uur op zee, kwam mijn wens uit. Hoewel we al veel walvissen vanuit de boot hadden gezien, troffen we eindelijk een nieuwsgierig tweetal. Aan een lijn gingen we het water in en wachtten hier rustig af tot de walvissen ons benaderden. Dat deden ze. En hoe! Op één à twee meter van ons vandaan zwommen ze onder en langs ons door. Omdat het inmiddels laat begon te worden, moesten we na ongeveer vijftien minuten het water weer verlaten. Gelukkig slaagden we er vanaf de boot in om nog een paar geweldige foto’s te knippen voordat de kapitein terug naar de haven voer. Hier kwamen we anderhalf uur later dan gepland aan.
Zou ik deze tour met deze organisatie aanraden? Absoluut! De crew is professioneel en vriendelijk en gaat tot het uiterste om die ultieme droom te realiseren. Zelfs als dat betekent dat ze daarvoor wat langer dan gepland op zee moeten blijven. Ronduit klasse!


Hoeveel heeft het mij gekost?
In totaal gaf ik in twee dagen €164,20 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €82,10 per dag. Daarbij besteedde ik €14,50 aan de accommodatie, €6,10 aan eten en drinken en €61,50 aan overige kosten (alleen de walvissentour). Wie ook nog een tour naar Fraser Island boekt, is uiteraard veel duurder uit.
Gaan omdat…
Je in juli en augustus de kans hebt om met bultrugwalvissen te zwemmen. Dat is hier goedkoper (en beter!) dan in bijvoorbeeld Exmouth of Coral Bay. Als je net zo veel geluk hebt als ik, zwemmen ze letterlijk op één meter afstand om je heen. Een ervaring die je nooit meer zult vergeten en het absolute hoogtepunt van je Australiëreis. Zorg ervoor dat je de batterij van je onderwatercamera een beetje spaart. De mijne begaf het al snel nadat we in het water waren. Eeuwig zonde!
Voorbij gaan omdat…
Je een hekel aan walvissen hebt en absoluut niet met ze wil zwemmen. Hervey Bay is dé plek om dit te doen.
Vrijdag 30 en zaterdag 31 augustus 2019
Noosa
Het toeristisch centrum van het Noosa-district is Noosa Heads. In Hastings Street vindt men volop restaurants, bars en winkels, wat de stad tot een aantrekkelijke vakantiebestemming maakt. Naast de verschillende stranden, waar gesurfd kan worden, telt de stad diverse wandelroutes. Het Noosa Nationaal Park is vanuit diverse delen van de stad gemakkelijk bereikbaar.
De reis er naar toe
Om 07:50 nam ik de Greyhound vanuit Hervey Bay. Deze arriveerde zonder problemen een kwartier te vroeg (12:30) op het Noosa Junction busstation. Daar werden we opgewacht door een busje van het hostel. Hoewel de afstand ook te lopen is, was het wel prettig om dat een keer niet te hoeven doen.
Mijn accommodatie
Voor $28 (€17) per nacht boekte ik een tienpersoons gemengde slaapzaal in Noosa Flashpackers. Qua concept was het exact hetzelfde als in Hervey Bay: gastvrij, goed georganiseerd en ruimtelijk. Net als in Hervey Bay, is ook dit een absolute aanrader. De evenementen die ’s avonds worden georganiseerd door de eigenaar, versnellen het leggen van contact met de andere backpackers. Ideaal voor iedereen die alleen reist.
Wat is er te doen?
Ben je Hervey Bay en Rainbow Beach voorbij gegaan en heb je Fraser Island nog niet bezocht? Ook in Noosa kun je een tour er naar toe boeken. Vanwege de (korte) tijd die mij nog restte, besloot ik dit niet te doen. In plaats daarvan koos ik ervoor om lekker te gaan wandelen.
Noosa Nationaal Park
Vanuit het hostel maakte ik een wandeling van meer dan twaalf kilometer. Daarbij wandelde ik via Devils Kitchen, Alexandria Bay, Hell’s Gates, Dolphin Point, Boiling Pot en Coles (voor de boodschappen) weer terug naar het hostel. Met het doen van de boodschappen, kostte dit mij nog geen drie uur. Uiteraard kun je langer de tijd nemen wanneer je op een van de stranden besluit te stoppen om te zonnen of te zwemmen.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In twee dagen tijd gaf ik €46 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €23 per dag. Daarbij besteedde ik €17 aan de accommodatie en €6 aan eten en drinken.
Gaan omdat…
Je van wandelen houdt. In het nationaal park kun je verschillende routes lopen. Daar heb je geen auto voor nodig. Het is vanuit de stad (en alle hostels) makkelijk bereikbaar.
Hastings Street voelt als een vakantieoord. Wie even uit wil puffen en wil genieten van de zon, zee, het strand en het lekkere eten, zit in Noosa goed. Uiteraard geldt dit voor meerdere plekken aan de Oostkust (waaronder Airlie Beach).
Voorbij gaan omdat…
Het geen must-see is. Noosa biedt niets dat ergens anders niet óók gedaan kan worden.
Zondag 1 en maandag 2 september 2019
Brisbane
De hoofdstad van de deelstaat Queensland is na Sydney en Melbourne de grootste stad van Australië. Jonge toeristen komen er graag vanwege het rijke uitgaansleven. Ben je, net als ik, geen feestbeest? Bezoek dan één van de musea, kunstgalerieën of de botanische tuinen. Wil je ontsnappen aan de drukte van de stad? Met de veerboot ben je in ongeveer vijfenzeventig minuten op Moreton Island.
De reis er naar toe
De shuttlebus van het hostel zette mij keurig op tijd bij de bus af. Deze vertrok om 10:30 en arriveerde om 13:10 in Brisbane. Vanuit het busstation was het ongeveer tien minuten lopen naar het hostel.
Mijn accommodatie
Voor $20 (€12,25) per nacht boekte ik een vierpersoons slaapzaal voor vrouwen in het Brisbane City YHA. Hoewel het hostel, net als alle andere YHA’s, goed georganiseerd is, is het ook gigantisch en daardoor wat onpersoonlijk. Verwacht niet dat je lekker aan het zwembad kunt relaxen. Er staan slechts twee hangmatten. Bovendien heb je je keycard nodig om iedere ruimte te kunnen betreden. Daarbij kun je wél genieten van gratis WiFi in het hele gebouw en staat het hostel niet toe dat gasten er langer dan twee weken verblijven, waardoor het makkelijker is om verschillende reizigers te ontmoeten.
Wat is er te doen?
Omdat ik geen idee had
wat ik in Brisbane nu wel en niet moest bekijken, gaf ik mij op voor de gratis stadswandeling die het hostel organiseerde. Ik was de enige.
Gratis stadswandeling
Samen met de gids vertrok ik vanuit het hostel voor een twee en een half uur durende wandeling. Omdat ik de enige was, konden we de route ietwat aanpassen, zodat we niet bij de botanische tuinen, maar bij de South Bank Parklands zouden eindigen. Omdat ik mijn handdoek en bikini had meegenomen, kon ik hier na de wandeling de rest van de middag aan het water van de zon genieten.
Hoewel ik er van te voren niet veel van had verwacht, was de wandeling verrassend informatief en interessant. Achtereenvolgens bezochten we de Roma Street Parklands, The Old Windmill en City Hall. In dit laatste gebouw, waar zich ook een museum bevind, worden elke dinsdagmiddag om 12:00 gratis concerten gegeven.
Hoewel ik na de tour geen zin meer had om nog meer te wandelen, raadde mijn gids me nog twee dingen aan: het nemen van de gratis veerboot die vanaf North Quay vertrok en het bezoeken van de Kangaroo Point lookout voor een spectaculaire zonsondergang.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In totaal gaf ik in twee dagen €51,45 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €25,75 per dag. Daarbij besteedde ik €12,25 aan de accommodatie, €10,60 aan eten en drinken en €2,90 aan alle overige zaken (het wassen en drogen van mijn kleding).
Gaan omdat…
Je een stadsmens bent en graag omringd bent door drukte, restaurants cafés en winkels. Van alle grote steden in Australië, heeft Brisbane het beste klimaat. De zon schijnt er bijna altijd en zelfs in de winter kun je hier aan je kleurtje werken.
Omdat het Brisbane aan een strand ontbreekt, heeft de stad in Southbank Parklands een zwembad met strand aan laten leggen. Ideaal om te relaxen.
Voorbij gaan omdat…
Je, net als ik, geen stadsmens bent. Wie niet al te veel tijd heeft, kan Brisbane laten voor wat het is: een stad met een prettig klimaat.
Dinsdag 3 tot en met donderdag 5 september 2019
Byron Bay
Byron Bay is gelegen op het meest oostelijke punt van Australië in de deelstaat New South Wales. Naast het boeken van een tour om de walvissen te bekijken, kan er ook worden gesurft, gesnorkeld en gedoken.
De reis er naar toe
Vanuit Brisbane nam ik de bus van 09:05 naar Byron Bay. Deze kwam hier om 12:45 aan. Hoewel het hostel zich op een loopafstand van tien minuten bevond, werd ik opgehaald door één van de medewerksters.
Mijn accommodatie
Voor $27 (€16,55) per nacht, boekte ik een zespersoons slaapzaal voor vrouwen in het Backpackers Inn On The Beach. Dankzij het vriendelijke personeel, de grote kamer, schone en ruime keuken en voldoende gelegenheid om buiten van de zon te genieten, was het een aanrader. Het enige nadeel was dat er binnen niet aan tafels gegeten kon worden, waardoor je na zonsondergang iets warmers aan moest trekken voor het eten.
Wat is er te doen?
Hoewel Byron Bay een charmante, kleine kustplaats is, is er niet bijzonder veel te doen. Net als veel andere plaatsen aan de Oostkust, komen backpackers hier om te surfen, zonnen en drinken. In tegenstelling tot veel andere plaatsen, is Byron Bay (mijns inziens) wel één van de leukste om dit te doen. Het stadscentrum telt vele leuke winkels om te shoppen en wie echt niet stil kan zitten, kan naar het Cape Byron Lighthouse wandelen of een gratis fiets in het hostel lenen.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In twee volle dagen tijd gaf ik €45,10 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €22,55 per dag. Daarbij ging €16,55 naar de accommodatie en €6 naar het eten en drinken (zelf koken).
Gaan omdat…
Je geen genoeg kunt krijgen van schattige kustplaatsen, zoals Airlie Beach en Noosa, die het ultieme vakantiegevoel oproepen.
Voorbij gaan omdat…
Byron Bay zich, ondanks zijn charme, niet zozeer onderscheidt van Airlie Beach en Noosa. Sterker nog: er is nóg minder te doen. Men kan van hieruit geen bezoek aan de Whitsundays brengen of verschillende wandelingen in het nationaal park maken.
Vrijdag 6 tot en met zondag 8 september 2019
Sydney
Hoewel Sydney de grootste en oudste stad van het land is en tevens de hoofdstad van de deelstaat New South Wales, is het niet de hoofdstad van Australië. Bondi Beach, Sydney Harbour Bridge en het Sydney Opera House, zijn slechts enkele van de vele attracties die de stad telt.
De reis er naar toe
Vanuit Byron Bay nam ik om 18:20 de nachtbus naar Sydney. Hoewel de bus van te voren al vertraging had opgelopen, slaagde deze erin om een half uur te vroeg (om 06:45) op het Central Station aan te komen. Omdat het hostel pas om acht uur open zou gaan, besloot ik nog even wat te lezen op het station. Rond half acht wandelde ik in alle rust naar de plaats van bestemming.
Mijn accommodatie
Voor $19 (€11,75) per nacht boekte ik een twaalfpersoons gemengde slaapzaal in het Summers House Kings Cross. Deze werd gratis geüpgraded naar een zespersoons slaapzaal. Hoewel je hier prima twee dagen kunt verblijven, zou ik het hostel niet aanraden. Er zijn nauwelijks badkamers en de douches werken slecht. De keuken bevat alle benodigdheden, maar is klein en druk doordat iedereen er voortdurend doorheen moet lopen.
Wat is er te doen?
In en rondom Sydney is zoveel te doen dat drie dagen eigenlijk niet genoeg zijn.
Sydney Opera House en Harbour Bridge
Vanuit Woolloomooloo loop je in ongeveer dertig tot vijfenveertig minuten naar het Sydney Opera House. Deze route loopt door de botanische tuinen. Als je via Mrs. Macquaries Point loopt, heb je een fantastisch zicht op zowel het Opera House als de Harbour Bridge. Prima plek voor een selfie met dé iconen van Sydney.

Blue Mountains
Om zeven uur in de ochtend nam ik de trein (T1) op platform 18 naar Blacktown. Vanuit daar vertrokken er bussen naar de verschillende dorpen in de Blue Mountains. (Omdat er aan het spoor werd gewerkt kon ik de trein niet rechtstreeks naar Katoomba nemen. Hierdoor betaalde ik slechts $7,20 voor een retour van en naar Blacktown.)
In Katoomba liep ik in ongeveer dertig minuten naar Echo Point, van waaruit verschillende wandeltracks starten. Hoewel veel toeristen er voor kiezen om gebruik te maken van de rode Explorer Bus ($55), die langs de belangrijkste attracties rijdt, besloot ik alles lopend af te leggen. Daarbij had ik het plan gevat om in Katoomba te starten en in Wentworth Falls te eindigen. Hoewel dit haalbaar is, zou ik het niet direct aan iedereen aanraden. In totaal legde ik die dag ongeveer twintig kilometer af in zeven uur. Uiteraard nam ik tussendoor een aantal korte pauzes om iets te eten of een foto te maken. Denk je eraan om hetzelfde te doen? Dit is de route die ik aflegde:
- Van Echo Point naar de Leura parkeerplaats, via de Giant Stairway, Dardanelles Pass en Federall Pass. Deze route is ongeveer 5,5 kilometer en kostte mij zo’n zeventig minuten. Daarbij moet ik iedereen waarschuwen. Je gaat een behoorlijk eind naar beneden, en moet daarna dus ook weer omhoog.
- Van de Leura parkeerplaats naar de Gordon Falls Lookout via de Prince Henry Cliff Walk. Deze route is ongeveer 3 kilometer lang, en kostte mij zo’n zestig minuten. Ik stopte onder meer bij de Bridal View Lookout. Omdat hier weinig hoogteverschillen zijn, is dit een vrij makkelijke route. Vanwege de enorme wind, was deze echter minder plezierig. De bergen bieden hier geen bescherming.
- Van de Gordon Falls Lookout naar het Fairmont Resort, via de Pool of Siloam Track, Gladstone Road, Fitzroy Street, Watkins Road en Fairmont Place. Deze route is ongeveer 3,5 kilometer lang en duurt zestig minuten. Hoewel de Pool of Siloam wel mooi is, is de rest van de wandeling (door de stad) vrij saai.
- Vanuit het Fairmont Resort naar het Wentworth Falls station, via de Grand Cliff Top Track, de Nature Track, de Wentworth Pass, de National Pass Track en de Charles Darwin Walk. Deze route is ongeveer 8,5 kilometer lang en kostte mij zo’n twee en een half uur. Vanwege het vele klimmen en dalen was het een pittige track. Desondanks was het wel de moeite waard. De vele watervallen onderweg (waaronder de Wentworth Falls) zijn prachtig.
Heb je meer dan één dag de tijd in de Blue Mountains? Neem dan een kijkje in één van de andere plaatsen. Vanuit Blackheath kun je de Hanging Rock bezoeken en als je een auto hebt, kun je vanuit Lithgow over de Glow Worm Tunnel Road naar de Glow Worm Tunnels rijden. In deze oude spoorwegtunnel bevinden zich gloeiwormen, die in het donker oplichten.
Tip
Veel backpackers kiezen ervoor om de Blue Mountains op zondag te bezoeken. Je kunt op deze dag (in heel Sydney) onbeperkt gebruik maken van het openbaar vervoer voor slechts $2,80.
Eastern Beaches Coastal Walkway
In ongeveer één tot anderhalf uur loop je vanuit Coogee Beach naar Bondi Beach via de Coastal Walkway. Onderweg passeer je verschillende leuke stranden waar je kunt zonnen, zwemmen of surfen. Hoewel Bondi Beach wereldberoemd is, zou ik aanraden om hier te beginnen en daarna de rust van een van de andere stranden op te zoeken. Beide plekken zijn met de bus gemakkelijk bereikbaar.
Hoeveel heeft het mij gekost?
In twee volle dagen tijd gaf ik hier slechts €50,10 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €25,05. Daarvan besteedde ik €11,75 aan de accommodatie, €7,15 aan eten en drinken en €6,15 aan vervoerskosten. (Ik kocht een Opal-card met een krediet van $20, maar gebruikte maar $10.) Daarnaast at ik de eerste avond gratis in het hostel en had ik de tweede avond geen fut om te koken of uit eten te gaan. De kosten voor eten en drinken vielen daardoor een stuk lager uit.
Gaan omdat…
Er in de stad ontzettend veel te doen is. Buiten de bekende bezienswaardigheden, is Sydney ook een goede uitvalsbasis voor een bezoek aan de Blue Mountains.
Voorbij gaan omdat…
Als je geen stadsmens bent en liever meer tijd in de Blue Mountains doorbrengt, kun je er ook voor kiezen om daar een paar dagen te verblijven. Als ik meer tijd had gehad, had ik dat absoluut gedaan. Katoomba is groot genoeg voor een langdurig verblijf. Buiten het YHA vind je hier ook veel supermarkten en restaurants.
Maandag 9 en dinsdag 10 september 2019
Melbourne
Tachtig dagen na mijn vertrek uit de stad, arriveerde ik weer exact waar ik begon. Iets ouder, viezer en een hoop ervaringen rijker…
De reis er naar toe
De bus, die om 18:30 vanaf Central vertrok, zette ons iets later dan gepland (om 07:30 de volgende ochtend) af op het Southern Cross Station. De bus zat bijna helemaal vol en ik had geluk dat ik twee stoelen voor mijzelf had. In tegenstelling tot sommige andere ritten, mochten we tijdens de pauzes in Canberra en Albury gewoon in de bus blijven zitten.
Vanuit het station in Melbourne liep ik in ongeveer tien minuten naar mijn hostel.
Mijn accommodatie
Voor $27,50 (€17) per nacht boekte ik een zespersoons slaapzaal voor vrouwen in het Melbourne Central YHA. Deze werd gratis geüpgraded naar een vierpersoons slaapzaal. Het hostel is zeker een aanrader. De kamer is ruim genoeg, de badkamers zijn zeer prettig en de keuken is ruim genoeg om te koken. Het vinden van een plekje in de koelkast of een goed mes om mee te koken is alleen een uitdaging. Wil je veel andere reizigers ontmoeten? Dan kun je beter voor een ander hostel kiezen. In een YHA is dat altijd lastiger dan op andere plekken.
Wat is er te doen?
Omdat het ook nu weer regende, verkoos ik een Black Mirror-marathon boven het ontdekken van de stad. Deze besloot ik alleen te doorbreken voor een bezoek aan St. Kilda.
Souvenirs
Is Melbourne ook jouw laatste stop? Loop dan het stadscentrum in voor het kopen van een souvenir. Wie niet op een dollar meer of minder kijkt, zal bij Melbournalia zeker slagen.
St. Kilda Pier
Na zonsondergang keren de pinguins terug naar hun nesten tussen de rotsen. Omdat het er wemelt van de toeristen die dit schouwspel willen zien, is het aan te raden om vroeg te komen en een fijne plek te vergaren. Ik kwam er echter zo vroeg (ongeveer twee uur vóór zonsondergang), dat ik het geduld niet meer had om te wachten.
Buiten het bezoek aan de pinguins op de pier, is er in St. Kilda nog veel meer te doen. Wie de drukte van de stad wil ontvluchten, kan hier heerlijk komen uitwaaien. Dat wil zeggen, gedurende de wintermaanden. Wellicht dat het in de zomer net zo druk is als in de stad. Als ik wat langer in Melbourne was verbleven, had ik absoluut gekozen voor een accommodatie in St. Kilda. Op de boulevard kom je meer tot rust dan in de aanhoudende chaos van het stadscentrum.

Hoeveel heeft het mij gekost?
In twee dagen tijd gaf ik €64,35 uit. Dat komt neer op een gemiddelde van €32,20 per dag. Daarbij besteedde ik €17 aan de accommodatie, €9,05 aan eten en drinken (zelf koken) en €6,15 aan vervoerskosten (het ticket naar het vliegveld).
Omdat ik door het weer weinig in de stad heb ondernomen, zal ik geen oordeel geven over het gaan of voorbij gaan van de stad.
Reisinformatie
Een visum voor Australië is verplicht en dien je van te voren in Nederland aan te vragen. In Australië zelf is dit niet meer mogelijk. In Australië wordt er betaald met de Australische dollar. Voor Australië zijn er standaard geen vaccinaties verplicht of aanbevolen. Er gelden voor het land geen bijzondere veiligheidsrisico’s.
Visum
Een visum voor Australië kun je eenvoudig zelf online aanvragen. Dit is kosteloos en wordt in de meeste gevallen snel toegewezen. Ga hiervoor naar de website van de Australische overheid. Het eVisitor visum is een jaar lang geldig. Daarbij mag je maximaal drie maanden achter elkaar in het land verblijven, en in dat jaar meerdere keren in- en uitreizen.
Wil je graag werken tijdens je verblijf om je reis te bekostigen? Dat kan alleen als je tussen de 18 en 31 jaar oud bent, maar hiervoor dien je een ander visum aan te vragen.
Budget
Wil je weten hoeveel een low-budget backpack vakantie naar Australië kost? Wellicht geven mijn gemaakte kosten enig inzicht en helpt het jou je reis te plannen.
- Vliegtickets: €746,84. Ik vloog vanaf Amsterdam naar Melbourne en terug met een tussenstop in Guangzhou (China). De vlucht werd uitgevoerd door China Southern Airlines.
- Visum: €0.
- WHIMIT 90-dagen busticket: €421,65. Met dit ticket kun je onbeperkt voor negentig achtereenvolgende dagen door Australië reizen. Omdat de route Melbourne-Adelaide niet door hen wordt uitgevoerd, heb ik hiervoor een apart ticket gekocht en dat bij de prijs van de Whimit-pas opgeteld.
- Accommodatie: €732,35. Dat komt neer op een gemiddelde van €8,60 per dag. Van de vijfentachtig dagen heb ik echter eenendertig dagen (gratis of goedkoop) gekampeerd en een aantal dagen in de nachtbus doorgebracht. Voor een overnachting in een hostel moet je rekenen op €8 (Perth) tot €20 (Magnetic Island). Met een budget van €15 per nacht zou je uit moeten kunnen komen.
- Eten en drinken: €623,60. Dat komt neer op een gemiddelde van €7,35 per dag. Voor dat bedrag heb ik bijna uitsluitend zelf gekookt en af en toe wat alcohol gedronken.
- Overige vervoerskosten: €1.243,75. Dat komt neer op een gemiddelde van €14,65 per dag. Als ik de Westkust niet had bezocht (waardoor de huur van de Sharebus en het vliegticket naar Cairns weg zouden vallen), zou het neerkomen op €7,70 per dag. Uiteraard zijn deze kosten afhankelijk van jouw manier van reizen. Koop of huur je een auto (duurder) of boek je vooral tours waardoor deze kostenpost aanzienlijk lager uitvalt maar juist de overige kosten omhoog schieten?
- Overige kosten: €708,65. Dat komt neer op een gemiddelde van €8,35 per dag. Daarbij zijn ook de kosten van het wisselen en/of pinnen van geld gerekend.
- Totale kosten: €4.476,85. Dat komt neer op een gemiddelde van €43,90 per dag (exclusief de vliegtickets).
Gepland en gerealiseerd budget
Voor Australië had ik rekening gehouden met een totaal dagbudget van €45. Daarbij had ik €15 gereserveerd voor de accommodatie, €15 voor het eten en drinken en €15 voor alle overige kosten. Met de kosten van het vliegticket
en de buspas, kwam dat neer op een totaal van €5.000.
Uiteindelijk gaf ik slechts €4.476,85 uit. Daarbij hield ik dus €523,15 over. Als ik de vliegtickets niet meereken, kom ik uit op een gemiddelde van €43,90 per dag. Als ik daar ook de buspas vanaf trek (zoals ik in eerste instantie gedaan had), komt dat neer op €38,90 per dag.
Let op
De kosten van het wisselen en opnemen van geld heb ik in bovenstaande onder ‘overige kosten’ meegerekend. Deze komen neer op €75. Daarbij heb ik de kosten van de creditcard niet gerekend. Deze waren al in de uitgaven zelf berekend.



















