Bolivia

Reisinformatie

Bolivia is gelegen in Zuid-Amerika en grenst aan een vijftal landen: Peru, Brazilië, Paraguay, Argentinië en Chili. Net als de rest van Zuid-Amerika werd ook Bolivia lange tijd gekolonialiseerd door Spanje. Sinds 1825 is het land onafhankelijk, maar lange tijd nog was het het speelveld van oorlog en ellende. Hoewel er 36 officiële talen worden erkend in Bolivia, is Spaans de meest gesproken taal. Het land heeft een oppervlakte van 1.098.581 km². De hoofdstad van het land is Sucre en het grootste gedeelte van de bevolking is katholiek.

Onze ervaring

Veiligheid

Bolivia voelt als een veilig land om doorheen te reizen. De bevolking is vriendelijk en wij hebben geen moment het idee gehad dat we bepaalde wijken in de grote steden moesten ontwijken.

Wat voor gevaar zou je hier dan kunnen lopen? Buiten het verongelukken op de Death Road en bedolven worden onder het puin in de mijnen van Potosí? Waarschijnlijk het oplopen van hoogteziekte. Grote delen van Bolivia liggen tussen de 3.500 en 4.000 meter. Wanneer je niet geacclimatiseerd bent, kan dat tot hoofdpijn en andere kwalen leiden. Houd hier rekening mee en neem voldoende tijd om te wennen als je vanuit een lager gelegen gebied bent komen reizen.

Vervoer

Net als in de meeste landen, is ook de bus in Bolivia een populair vervoersmiddel. Hoewel het mogelijk is om ruim van te voren kaartjes te kopen, is het soms verstandig om hiermee tot het laatste moment te wachten. Afhankelijk van het aantal verkochte tickets, kan het kaartje last-minute goedkoper worden aangeboden. Afdingen op de prijs is helemaal niet ongebruikelijk en zou je weleens flink wat op kunnen leveren.

Met welk busbedrijf kun je het beste reizen?
Naast Bolivia Hop, staan de volgende busbedrijven goed aangeschreven: El Dorado, Boliviar, Trans Copacabana en Todo Tourismo. Je betaalt hier vaak wat meer, maar je eigen veiligheid is dat wel waard, niet waar?

Waar dien je op te letten als je met de bus door het land reist?
Diefstal op het busstation en in de bus zelf schijnt veelvuldig voor te komen in Bolivia. Zorg ervoor dat je je meest waardevolle spullen op je lichaam draagt en geen waardevolle spullen in je grote rugzak stopt. Wanneer je uitstapt om bijvoorbeeld te gaan plassen, dien je je spullen mee te nemen. Let met name ’s nachts goed op door je rugzak af te sluiten en deze niet voor het grijpen te leggen.

In de bussen is het vaak koud. Zorg dat je voldoende laagjes draagt en neem indien mogelijk een dekentje mee. Het zal de reis een stuk aangenamer maken.

Bevolking

De bevolking in Bolivia is over het algemeen vriendelijk en behulpzaam. Wanneer je een woordje Spaans spreekt, zal dat zeker in je voordeel werken. Lang niet iedereen spreekt Engels en er wordt vaak van jou verwacht dat je hun taal spreekt. Wil je een tour maken, dan dien je er rekening mee te houden dat deze af en toe alleen in het Spaans (of met een minimale Engelse vertaling) beschikbaar zijn.

Schoonheid

Hoewel Peru door bijna iedereen de hemel wordt ingeprezen, waren wij veel meer onder de indruk van Bolivia. Ja, Peru heeft een heleboel highlights, maar het land voelt tegelijkertijd ook erg toeristisch aan. Bolivia daarentegen voelt puur en onbezorgd. Naast de jungle (vanuit Rurrenabaque), het Torotoro Nationaal Park, het Eduardo Avaroa Nationaal Park (in het zuidwesten van het land) en de Salar de Uyuni, biedt het land ook genoeg avontuur: een fietsrit over de Death Road, een tocht door de Umajalanta grotten en een tour door de mijnen in Potosí.

Twijfel je over een bezoek aan Bolivia? De vierdaagse tour vanuit Tupiza naar Uyuni behoort tot de hoogtepunten van onze wereldreis. Tel daarbij op dat Bolivia spotgoedkoop is en er zou geen twijfel meer over mogen bestaan: een bezoek aan dit prachtige, authentieke land is een must-do!

Gaan of overslaan?

Gedurende onze reis door Zuid-Amerika vernamen wij verschillende verhalen over Bolivia. Het was ofwel top ofwel flop. Wat die tweede groep mensen bezield heeft, begrijpen wij werkelijk niet. Want naar onze mening was Bolivia top. De Sud Lipez Salar Tour was één van de hoogtepunten van onze wereldreis. Gaan dus!


Reisverslagen

Ode aan Bolivia

Bolivia is niet het land met de allervriendelijkste inwoners. Zoals Nepal. Het heeft niets dat zo indrukwekkend is dat het de lijst van de zeven (nieuwe) wereldwonderen heeft gehaald. Zoals de Taj Mahal in India of Machu Picchu in Peru. Het is niet de hemel op aarde. Zoals Nieuw-Zeeland. En het heeft geen…

Cerro Rico

Onze gids wijst naar een gebouw een paar meter verderop. “Wie van de dames nog moet plassen, kan achter het gebouw daar gaan.” Je leest het goed. Niet in het gebouw, maar achter het gebouw. Even kijken we elkaar aan. Maar met een twee uur durende tour in het vooruitzicht, is het besluit…

Beter laat dan nooit

Om ons heen wordt er geschreeuwd. In het Spaans, maar de strekking ervan is duidelijk. Één van de passagiers staat op van zijn plaats en houdt vlak voor de busconducteur halt. Hun gezichten raken elkaar bijna. De sfeer is intimiderend, maar een confrontatie met een slechte afloop blijft gelukkig uit. Terwijl het geschreeuw…


Onze reis

Route

Copacabana (1), La Paz (2), Cochabamba (3), Torotoro Nationaal Park (4), Potosí (5), Tupiza (6) en Uyuni (7). Vanuit Tupiza maakten we de Sud Lipez Salar Tour, die ons via Quetena Chico, Villa Mar en Villa Candalaria naar Uyuni voerde. Vanuit hier namen we de bus naar Villazón om de grens naar Argentinië over te steken. Onderweg in Bolivia besloten we Rurrenabaque en Samaipata over te slaan. Omdat we niet bepaald weg zijn van (grote) steden, stonden Santa Cruz en Sucre nooit op de planning. Mocht je echter een talencursus willen volgen, dan schijnt Sucre een aanrader te zijn.

In totaal brachten we 21 dagen door in Bolivia. Onze route was 2.288 kilometer lang, wat neer komt op een gemiddelde van 109 kilometer per dag.


Donderdag 7 juni 2018

De grens over

Dankzij Titicaca Bolivia, het busbedrijf dat ons de grens overbracht, verliep de overgang gesmeerd.

Het busbedrijf

Voor 65 soles (€16,90) bracht Cruz del Sur ons van Cuzco naar Puno (Peru). Hier kochten we voor 25 soles (€6,50) een kaartje naar Copacabana. Daarbij betaalden we waarschijnlijk 10 soles teveel. Desondanks stapten we om zes uur ’s ochtends op de bus die ons vier uur later op onze eindbestemming afzette.

Bij de grens

Om er voor te zorgen dat de grensovergang vlot en probleemloos verliep, ontvingen we voor vertrek duidelijke instructies van de busmedewerker. Om oponthoud bij de grens te voorkomen, liet hij ons van te voren twee formulieren invullen. Waar het ene formulier door het busbedrijf werd bewaard, dienden we het andere formulier af te geven bij het Boliviaanse immigratiekantoor.

Voordat we daar arriveerden, stopte de bus eerst bij een geldwisselkantoor. Omdat er in Copacabana twee bolivianos (€0,25) belasting betaald moet worden, is het verstandig om hier te wisselen. Nadat iedereen gewisseld had, reed de bus ons naar het Peruaanse immigratiekantoor. We lieten ons paspoort stempelen en liepen te voet driehonderd meter verder naar hun Boliviaanse collega’s. Daar ontvingen we een gratis visum, met een geldigheid van dertig dagen. Iedereen die langer (tot een maximum van negentig dagen) wil blijven, kan dit visum gratis verlengen in een (middel)grote stad. Nadat iedereen weer buiten stond en ook de bus gecontroleerd was, vervolgden we onze reis.

Donderdag 7 tot en met zaterdag 9 juni 2018

Copacabana

Op de grens van Peru en Bolivia ligt het Titicacameer, het grootste meer van Zuid-Amerika. Vanuit de stad Puno (Peru) bezoeken veel toeristen de rieteilanden van de Uros-indianen. Deze indianen maken complete kunstmatige eilanden, waarop ze wonen, van het riet dat langs de oevers van het meer groeit. De grootste stad aan het Titicacameer is Copacabana (Bolivia). Vanuit hier varen de boten met toeristen naar Isla del Sol, een heilig Inca-eiland.

De reis er naar toe

De totale reis van Cuzco (Peru) naar Copacabana duurde twaalf uur. Daarvan brachten we er anderhalf uur wachtend door op het busstation van Puno. Benadert hier iemand van het reisbureau jou om je een ticket naar Copacabana te verkopen? Ga hier dan niet op in. Deze kun je het beste bij het desbetreffende busbedrijf op het station kopen. In ons geval was dat Titicaca Bolivia.

Onze accommodatie

Voor €4,95 per persoon per nacht verbleven we in een tweepersoonskamer met eigen badkamer in Hostal Puerto Alegre. Vanwege de ruime, schone kamer, warme douche en redelijke wifi was dit één van de beste hostels waar we in lange tijd zijn verbleven. De hoteleigenaren waren vriendelijk, serveerden een redelijk gratis ontbijt (met koffie, thee, sap, brood, jam, boter en een ei) en gaven ons een extra deken toen we daar om vroegen vanwege de kou in de kamer. Zoek je een goedkope accommodatie in Copacabana? Dan is dit absoluut een aanrader!

Wat is er te doen?

Omdat de Ayahuasca (die we in Peru hadden genomen) nog steeds in ons lichaam doorwerkte, voelden we ons nog niet helemaal lekker. De busrit hiernaartoe was alles behalve comfortabel geweest (vanwege de buikpijn en de misselijkheid) en Noëlle heeft zelfs nog een aantal keren moeten overgeven. We besloten daarom geen tours (naar het Isla del Sol) te boeken en in plaats daarvan lekker van de zon te genieten. Gewapend met een pak kaarten, installeerden we ons voor een hapje en een drankje op het terras.


Isla del Sol
Ben jij in een betere conditie? Dan raad ik je aan om de veerboot van 08:30 naar Cha’llapampa (het noorden van het eiland) te nemen. Deze zal je hier ongeveer twee uur later afzetten. Vanuit hier wandel je in ongeveer drie uur zuidwaarts. Houd er rekening mee dat je onderweg enkele malen moet betalen om de trail te bewandelen. Het is daarom verstandig om kleingeld op zak te hebben.

Hoewel je ruim genoeg tijd hebt om van het noorden naar het zuiden te lopen, dien je wel in acht te nemen dat de veerboot naar Copacabana om 16:00 weer vertrekt. Wie niet op tijd is, dient in Yumani te blijven overnachten. Bereik je de boot wel tijdig? Reken er dan op dat deze dag je ongeveer 65 bolivianos (€17) zal kosten. Voor dat bedrag dien je wel je eigen lunchpakket mee te nemen.

Hoeveel heeft het ons gekost?

In totaal gaven we in Copacabana €15,20 per persoon per dag uit. Daarvan spendeerden we €4,95 aan de accommodatie, €8 aan het eten en drinken, €2,15 aan het vervoer vanuit Puno en €0,10 aan alle overige kosten.

Omdat wij het dieet na de Ayahuasca nog moesten volgen, viel het eten voor ons duurder uit. Voor 15 tot 20 bolivianos (€2,15) eet je normaal gesproken al een menu met voor-, hoofd- en nagerecht. Probeer daarbij wel de menu’s met pasta te vermijden. Tenzij jij ketchup als een acceptabele tomatensaus ziet natuurlijk.

Besluit jij wel naar Isla del Sol te gaan? Dan zullen je overige kosten beduidend hoger uitvallen. Maar met een gemiddeld dagbudget van €20 per persoon per dag, zou je prima uit moeten kunnen komen.

Gaan omdat…
Je vanuit Copacabana iedere dag, twee keer per dag, naar Isla del Sol kunt varen. De wandeling van noord naar zuid schijnt de moeite waard te zijn.

Voorbij gaan omdat…
Het vanwege de hoogte vrij koud is in Copacabana wanneer de zon niet schijnt. Een extra deken om de nacht door te komen is absoluut geen overbodige luxe.

Er naast een trip naar Isla del Sol niet veel te doen is in de stad. Zorg er dus voor dat je niet te lang blijft plakken.

Zondag 10 tot en met woensdag 13 juni 2018

La Paz

Gelegen op een hoogte van 3.660 meter, wordt La Paz regelmatig omschreven als de hoogst gelegen hoofdstad ter wereld. La Paz is echter de officieuze hoofdstad van het land, terwijl Sucre de wettelijke hoofdstad van Bolivia is. Door de ijle lucht op deze grote hoogte kun je als toerist last krijgen van hoogteziekte. De metropool, die zelf niet veel bezienswaardigheden heeft, is populair doordat zij spotgoedkoop, relatief veilig en makkelijker bereikbaar is vanuit alle andere grote steden in de buurt (in zowel Bolivia als Peru en Chili). Het meeste spectaculaire aan de stad is het uitzicht bij aankomst: vanaf hier is goed te zien dat de stad in een kom ligt.

De reis er naar toe

Vanaf zeven uur ’s ochtends kun je op Plaza Sucre een minibus (25 bolivianos) of de reguliere bus (20 bolivianos) naar La Paz nemen. Wij kozen voor het laatste en arriveerden drie en een half uur later op onze bestemming. Vanuit het Cemetario in La Paz, besloten we de twee en een halve kilometer naar ons hostel te lopen. Een rit met de taxi zou ons 25 bolivianos (€3,10) hebben gekost.

Onze accommodatie

Voor een grote tweepersoonskamer met gedeelde badkamer in Hospedaje Yanacocha betaalden we €5,15 per persoon per nacht. Dit was de allergoedkoopste accommodatie die we op Booking.com konden vinden en we waren meer dan tevreden. De eigenaresse was vriendelijk, de kamer groot en we konden gebruik maken van een gedeelde keuken. Hoewel de koelkast hier ontbrak, kookten we vier avonden op een rij. Zowel de lokale markt als de supermarkt (Ketal) lagen op loopafstand van het hostel.

Wat is er te doen?

Hoewel we van te voren van plan waren om over de beroemde Death Road naar Coroico te fietsen, besloten we er vanwege de kosten (€90) vanaf te zien. In plaats daarvan genoten we in alle rust van de stad en (na te lange tijd weer van) onze eigen gekookte maaltijden.

Mercado de las Brujas en Mercado Lanza
Hoewel Mercado de las Brujas niets meer is dan een kleine straat met slechts tien winkels, ligt het in het stadscentrum en op een steenworp afstand van Mercado Lanza. Het kan dan ook geen kwaad om een kijkje te nemen op deze bijzondere markt waar ze dode babylama’s en skeletten ter bevordering van een zwangerschap verkopen. Heb je besloten dat je liever niet (of op natuurlijke wijze) zwanger wil worden? Dwaal dan op je gemak over Mercado Lanza. Deze markt, die verschillende verdiepingen telt, heeft voor ieder wat wils. Merk je dat je door al dat reizen een vitaminetekort bent opgelopen? Stop dan zeker bij één van de vele smoothie-kraampjes. Een aanrader!

Mi Teleférico
Waar het het openbaar vervoer betreft, is La Paz ultramodern: een kabelbaan met verschillende lijnen, zorgt ervoor dat men zich in La Paz snel, gemakkelijk en goedkoop kan verplaatsen. Ook voor toeristen is het een prettige manier om de stad te bekijken. Vanuit onze accommodatie liepen we in ongeveer dertig minuten naar Taypi Uta (het centraal station) van de Teleférico. Vanuit hier kun je voor 3 bolivianos (€0,35) per rit op de rode of de oranje lijn stappen.

Vanwege het uitzicht, besloten wij de rode lijn naar El Alto te nemen. Onderweg passeerden we slechts één station en zagen we, onder meer, het kerkhof waar we met de bus arriveerden. Boven aangekomen, genoten we van het mooie uitzicht over de stad. Hoewel je vanuit hier over kunt stappen op de blauwe lijn, besloten wij dezelfde weg terug te nemen en, via de supermarkt, weer terug naar ons hostel te lopen.

La Valle de la Luna
Wie na La Valle de la Luna wil reizen, kan vanuit Plaza de San Francisco lijn 11, 43 en 407 naar Mallasa nemen. Helaas was deze halte vanwege een demonstratie gesloten en moesten wij een alternatief zoeken. Gelukkig zagen wij na een uur dwalen eindelijk bus 902 langsrijden en betaalden wij €0,30 om ons een uur later op de plaats van bestemming af te laten zetten.

Na het betalen van 15 bolivianos (€1,85) entree, namen we de wandelroute die ons in vijfenveertig minuten door het park zou leiden. Hoewel een bezoek aan het park geen reden is om La Paz te bezoeken, is het een leuk tijdverdrijf voor iedereen die het even rustig aan wil doen.

Hoeveel heeft het ons gekost?

In La Paz gaven we slechts €11,90 per persoon per dag uit. Daarvan ging €5,15 naar de accommodatie en €5,30 naar het eten en drinken. Voor dat bedrag kookten we elke dag zelf. Omdat men voor 10 bolivianos (€1,25) al een dagmenu eet, is dat niet per se goedkoper dan buiten de deur eten.

Zowel onze vervoerskosten (€0,80) als onze overige kosten (€0,65), waren minimaal. Alleen degenen die zich aan de rit over Death Road wagen, moeten wat dieper in de buidel tasten.

Gaan omdat…
La Paz een niet al te dure en gezellige stad is, waar je uitstekend kunt verblijven. Het feit dat er in de stad een goede bakker, markt en supermarkt is te vinden, is voor ons een groot pluspunt. Er is niets dat men op reis meer mist dan het eten van thuis. Zorg er daarom voor dat je een hostel met keuken boekt.

Je voor slechts 3 bolivianos (€0,35) al één van de kabelbanen neemt. Hoewel ze door de inwoners gebruikt worden om zich snel, goedkoop en makkelijk binnen de stad te verplaatsen, is het voor toeristen een leuke manier om de stad te bekijken.

Je vanuit La Paz de beroemde Death Road per mountainbike kunt berijden. Lees voordat je een tour boekt, de recensies van de maatschappij. Wij ontmoetten twee toeristen die (na de fietstocht) door een dronken chauffeur terug naar La Paz gebracht moesten worden. Geen plezierig vooruitzicht op een weg die niet voor niets de Death Road wordt genoemd.

Voorbij gaan omdat…
La Paz in een kom ligt, waardoor het onvermijdelijk is dat je op een gegeven moment heuvelopwaarts moet lopen. Op een hoogte van 3.660 meter is dat niet altijd even prettig.

Rurrenabaque

Vanuit La Paz kun je de bus nemen naar Rurrenabaque. De rit naar deze kleine junglestad duurt zo’n veertien tot zestien uur. Het is de startplek voor een tocht naar het tropisch regenwoud van het Madidi National Park of de pampa’s (een subtropisch natuurlijk grasland dat voorkomt in Zuid-Amerika). In de lager gelegen pampa’s leven onder meer anaconda’s, kaaimannen, luiaards, vele soorten apen, vogels en andere dieren.

Wij besloten de trip naar het jungle (en in dit geval ook de pampa’s) over te slaan. De busreis ernaartoe, duurt niet alleen heel erg lang (als je pech hebt komt de bus vast te zitten in de modder), maar de rit voert ook nog eens over Death Road. Op de gevaarlijkste weg ter wereld, vallen jaarlijks zo’n driehonderd doden. Wie toch naar Rurrenabaque wil gaan, maar het risico niet wil nemen, kan ernaartoe vliegen. Vanuit La Paz betaal je ongeveer €180 voor een retourvlucht. Voor deze vlucht en de trips in de pampa’s zelf, zou ons budget van €25 per dag niet toereikend zijn geweest. Omdat we de jungle in Ecuador al hadden bezocht, besloten we onze reserves niet aan te breken en Rurrenabaque over te slaan.

Donderdag 14 tot en met maandag 18 juni 2018

Het Torotoro Nationaal Park

Op zo’n vier tot vijf uur rijden van Cochabamba ligt het Torotoro Nationaal Park. Het park heeft een oppervlakte van zo’n 165 vierkante kilometer en hoogtes die variëren van 2.000 tot 3.500 meter boven zeeniveau. De toegang tot het Nationale Park kost 100 bolivianos (€12,30) en is vier dagen geldig. Het park is echter niet te bezoeken zonder gids, die een vast bedrag per tour ontvangt. De prijs is daarom afhankelijk van het aantal personen dat er mee gaan. De twee populairste tours binnen het park zijn de ‘Ciudad de Itas’ in combinatie met de ‘Caverna Umajalanta’ (die zeven tot negen uur duurt) en de trip naar de ‘Vergel’ waterval en terug (die vier tot vijf uur duurt).

De reis er naar toe

Wie het Torotoro Nationaal Park wil bezoeken, zal eerst naar Cochabamba moeten reizen. Vanuit La Paz betaalden we hiervoor 50 bolivianos (€6,15) bij El Dorado. Vanwege een vertraging arriveerden we negen uur later op onze bestemming. Omdat we de volgende ochtend pas naar het Torotoro Nationaal Park door wilden reizen, boekten we voor één nacht een hostel op loopafstand van het busstation.*

*Vanwege de accommodatieprijzen in Cochabamba (die boven het Boliviaanse gemiddelde liggen), hadden we beter de nachtbus kunnen nemen, zodat we ’s ochtends gelijk naar het nationaal park hadden kunnen doorreizen.

De snelste manier om naar het Torotoro Nationaal Park te reizen, is het nemen van de minibus. Voor 35 bolivianos (€4,35) per persoon, zet deze je vier tot vijf uur later op de plaats van bestemming af. Hoewel de eerste minibus al vanaf acht uur op Calle Mairana klaar staat, wordt er pas gereden wanneer deze volledig volgeboekt is. Is er nog één onbegeerlijk plekje over? Dan kan het zijn dat de minibus na jou, eerder vertrekt dan die van jou. Het maken van een strikte planning is daarom een afrader. Vind je het niet erg om iets langer onderweg te zijn? Dan is de reguliere bus ook een optie. Deze is goedkoper, maar vertrekt maar één keer per dag en nooit op maandag.

Let op
In het Torotoro Nationaal Park kan niet gepind worden. Zorg dat je van tevoren genoeg contant geld opneemt in Cochabamba. Het zou zonde zijn wanneer je bepaalde tours niet kunt maken omdat je te weinig geld op zak hebt.

Onze accommodatie

Vanwege onze late aankomst in Cochabamba, besloten we om er één nacht te verblijven en de volgende ochtend de eerste minibus naar het Torotoro Nationaal Park te nemen.

Cochabamba
De accommodaties in Cochabamba staan op Booking.com niet alleen vrij slecht aangeschreven, maar zijn ook nog eens duurder dan de gemiddelde accommodatie in Bolivia. Voor €7 per persoon boekten we een tweepersoonskamer in Hostal Elisa, dat zowel op loopafstand van het busstation als de minibussen naar het Torotoro Nationaal Park lag.

Torotoro Nationaal Park
Omdat er voldoende vrije accommodaties in Torotoro zijn, is het niet nodig om van te voren een kamer te reserveren. Voor 40 bolivianos (€5) per persoon per nacht, boekten wij een tweepersoonskamer met gedeelde badkamer in Hostal San Miguel. Hoewel we hier geen gebruik konden maken van een gedeelde keuken, waren wij blij met deze accommodatie. Het aanbod in de lokale winkels is zo beperkt, dat het beter is om uit te gaan eten.

Tip
Verblijf je een aantal dagen in het Torotoro Nationaal Park? Download dan van tevoren een aantal films op Netflix. De kans dat je internet hebt is zeer klein. Op deze manier kun je ’s avonds in ieder geval heerlijk ontspannen. Vooral wanneer je niet graag leest.

Wat is er te doen?

Wie het park wil bezoeken dient eerst 100 bolivianos (€12,50) entree te betalen bij de toeristeninformatie naast het tourbureau. Met deze entreekaart kun je het park vier dagen lang, onder begeleiding van een gids, bezoeken. Voor het boeken van een ochtend- en/of middagtour kun je iedere dag vanaf 07:30 en 13:30 binnen lopen bij het tourbureau. Omdat de tours (ongeacht het aantal deelnemers) een vaste prijs hebben, is het verstandig om van tevoren al een groep van maximaal zes personen te vormen. Spreek je geen Spaans? Zorg er dan voor dat iemand het een en ander voor je kan vertalen. De gidsen zelf spreken geen Engels, en geven hun tours volledig in het Spaans.

Let op
Omdat niemand graag te veel betaalt, is het gebruikelijk om groepen van zes te vormen alvorens er een tour geboekt wordt. Hoewel het mogelijk is om dit op het tourbureau zelf te doen, zijn er veel reizigers die in de minibus ernaartoe of in het hostel al een groep hebben gevormd. Zorg er dus voor dat je tijdig contact legt met andere reizigers, zodat je op het bureau zelf niet teleurgesteld wordt of je tour een dag uit moet stellen.

Ciudad de las Itas en Caverna Umajalanta
De tour naar de Ciudad de las Itas en de Caverna Umajalanta wordt vaak gecombineerd en is tezamen één van de populairste tours van het park. Voor 106 bolivianos (€13,25)* per persoon (op basis van zes deelnemers), boek je een gids met chauffeur. Hoewel je voor 25 bolivianos (€3,10) een lunch bij het tourbureau kunt bestellen, is het goedkoper om van tevoren op de markt (tegenover Hostal Edén) broodjes te kopen.

*Zorg ervoor dat je gepast geld meeneemt. Het tourbureau heeft vaak geen wisselgeld.

Na een uur rijden bereik je de eerste bestemming van de tour. In de Ciudad de las Itas loop je in twee en een half uur langs een aantal bijzondere rotsformaties. Met een beetje fantasie zie je diverse dieren: van vissen en schildpadden tot cobra’s en mammoeten. Hoewel de ochtendtour zeker geen straf is, is de tour naar de Caverna Umajalanta het hoogtepunt van de dag.


Na de lunch loop je in ongeveer twintig minuten naar de Caverna Umajalanta. Voordat je naar binnen gaat, kun je je spullen opbergen in een kluisje.

Tip
Hoewel het in de grotten -10 graden is, volstaat het dragen van een trui of jas. Door het klimmen krijg je het snel genoeg warm. Om het klimmen aangenamer te maken, kun je ervoor kiezen om handschoenen te dragen. Het meenemen van een fototoestel is een aanrader, mits je deze op kunt bergen in bijvoorbeeld de zak van je jas.

Nadat wij onze spullen hadden opgeborgen en iedereen een helm had gekregen, klommen we de grot in. Terwijl alle groepen voor en na ons aan de rechterkant naar binnen gingen, gingen wij op aanraden van onze gids Francisco aan de linkerkant naar binnen. Omdat wij het rondje andersom maakten, kruisten wij de andere groepen, maar werden we niet opgehouden of opgejaagd door een groep die te langzaam of juist te snel was. Twee uur lang klauterden we met behulp van touwen omhoog en naar beneden. Grote ruimtes maakten plaats voor nauwe gangen. Hoewel het uitdagender was dan ik van tevoren gedacht had, zou iedereen de tocht moeten kunnen maken.

Vergel
Voor 17 bolivianos (€2,10) per persoon, gingen we de volgende ochtend opnieuw op tour. Omdat we de auto niet nodig hadden kon een Duitse toeriste, die in hetzelfde hotel als onze Franse metgezellen verbleef, met ons mee. De wandeling naar de Vergel-waterval en het ravijn was (heen en terug) zeven kilometer lang en nam (met pauzes) zo’n vijf uur in beslag.

De tocht, die we opnieuw met gids Francisco ondernamen, voerde onder meer langs de voetstappen van dinosauriërs, de waterval en het ravijn. Omdat de waterval in deze tijd van het jaar droog stond, konden we het laatste stuk naar het ravijn door de droge rivierbedding afleggen. In overleg besloten we via achthonderd trappen het 250-meter diepe ravijn te betreden. Wie moe is en dezelfde weg terug niet af kan leggen, kan de gids vragen om de langere, minder steile route naar boven te nemen.

Hoeveel heeft het ons gekost?

In Torotoro gaven we €22,30 per persoon per dag uit. Daarbij ging €5 naar de accommodatie, €6,10 naar het eten en drinken, €1,45 naar het vervoer en €9,75 naar alle overige kosten. Hieronder vielen het entreeticket van het park, de kosten van de tours en de fooi voor de gids.

Gaan omdat…
Het park dankzij haar vele Boliviaanse bezoekers niet zo toeristisch aanvoelt.

De tours zeer betaalbaar zijn. Na het betalen van de entree en de drie tours, slaagden we er nog steeds in om binnen ons dagbudget te blijven.

De tours heel verschillend zijn. Van wandelingen langs rotsformaties, watervallen en door ravijnen tot het bestuderen van de voetstappen van dinosauriërs. Daarbij was de verkenning van de Umajalantagrot bij ons verreweg favoriet.

Voorbij gaan omdat…
Het geen garantie is dat je samen met andere reizigers een groep kunt vormen. Dan sta je voor de keuze: betaal je meer of ga je niet?

De gids vaak alleen Spaans spreekt. Spreek je zelf geen woord? Probeer dan een groep te vormen met iemand die dat wel doet en wil vertalen. Het zou zonde zijn als je helemaal niets mee krijgt.

Dinsdag 19 en woensdag 20 juni 2018

Potosí

Gelegen op een hoogte van 4.090 meter, wordt Potosí de hoogste stad ter wereld genoemd. Hoewel zij dankzij de ontdekking van zilver in de zeventiende eeuw uit kon groeien tot één van de grootste en rijkste steden van Zuid-Amerika, kreeg de stad in de negentiende eeuw ook een enorme terugval. De mijnen waren uitgeput en het zilver leverde niet meer zoveel op als voorheen. Dankzij haar rijke historie, werd Potosí in 1987 opgenomen op de werelderfgoedlijst van UNESCO.

De reis er naar toe

Omdat er op maandag alleen een ochtendbus vanuit Torotoro vertrekt, besloten wij opnieuw één van de collectivo’s te nemen. Dit keer hadden wij geluk en boekten de laatste twee vrije plaatsen in de collectivo die al drie uur klaar stond voor vertrek.

Na een rit van vijf uur liepen we naar het busstation in Cochabamba. Hier informeerden we bij de drie grootste busmaatschappijen naar de prijs voor de nachtbus. Met 50 bolivianos (€6,15) bood El Dorado ons de beste prijs en dus vertrokken we om acht uur ’s avonds naar Potosí. Dankzij een kleine vertraging, arriveerden we hier niet al te vroeg en namen we voor 20 bolivianos (€2,50) in totaal een taxi naar het stadscentrum. Rondom het Plaza 10 de Noviembre zochten we, met behulp van MAPS.ME, naar een goedkoop hostel.

Onze accommodatie

Omdat we in Torotoro geen gebruik van het internet hadden kunnen maken, arriveerden we zonder reservering in Potosí. Met behulp van MAPS.ME (dat dollartekens naast alle accommodaties toont), kozen we voor het Hostal la Casona Potosí. Dit bleek achteraf gezien de juiste keuze. Niet alleen ervoeren we de ruime kamer, het gratis ontbijt en de schone douches als prettig – ook was het met 50 bolivianos (€6,15) per persoon per nacht de goedkoopste accommodatie die op Booking.com werd aangeboden. Wie geen zin heeft om iedere avond uit eten te gaan, kan daarnaast tussen 14:00 en 21:00 gebruik maken van de gedeelde keuken. Ideaal!

Wat is er te doen?

Wie naar Potosí reist, ontkomt niet aan een bezoek aan de mijnen. Na enig onderzoek op TripAdvisor, kozen wij voor Koala Tours. Hun tours vertrekken zowel in de ochtend als de middag en bestaan uit een maximum van acht personen. Wie deel wil nemen, betaalt 130 bolivianos (€16,25) per persoon.

Cerro Rico
Omdat Koala tours een mijn bezoekt waar nog gewerkt wordt, wordt je geacht snel te handelen tijdens de tour. Het is daarom verstandig om zo weinig mogelijk mee te nemen: geld, een fototoestel, een mondmasker (voor 1 boliviano te koop in de apotheek) of shawl tegen het stof en eventueel een fles water. Een broek, shirt, laarzen en helm met lamp ontvang je van het tourbureau. Afhankelijk van de animo, wordt de tour in het Engels of Spaans gegeven.

De markt
Voordat we de mijnen in gingen, maakten we een stop bij de mijnwerkersmarkt. Hier telden we als groep 20 bolivianos (€2,50) per persoon neer, zodat we gezamenlijk enkele spullen voor de mijnwerkers konden kopen. Doordat zij voor zichzelf, en niet voor een bedrijf, werken, moeten zij al hun benodigdheden zelf kopen. In ruil voor fris, dynamietstaven of cocobladeren, vinden zij het geen probleem om een praatje te maken of op de foto te gaan.


De mijn
Nadat we uitgewinkeld waren, reden we naar de Cerro Rico-mijn. Onder leiding van een gids en een hulpgids (die toeristen die de mijn eerder willen verlaten onder zijn hoede neemt), brachten we er zo’n twee uur door. Een uitdaging? Jazeker. Het eerste half uur moet je niet alleen wennen aan de hoogte en de hoeveelheid stof, maar dien je er daarnaast voor te zorgen dat je niet overreden wordt door één van de karren. Gebukt, in het donker en achter iemand die niet snel genoeg is, is het niet altijd makkelijk om je snel genoeg uit de voeten te maken. Na een half uur betreed je daarom ook een rustiger gedeelte van de mijn. Hoewel het hier dieper, nauwer en ook warmer is, is het wel de perfecte gelegenheid om rustig met enkele mijnwerkers in gesprek te gaan en de informatie van de gids in je op te nemen. Omdat deze laatsten vaak voormalige mijnwerkers zijn, zijn zij uitermate geschikt om groepen door de mijnen te leiden.

Wist je dat de mijn de belangrijkste bron van inkomsten is in Potosí? Ondanks het gevaar en de lage levensverwachting (tussen de 45 en 55 jaar), is het voor veel inwoners de enige mogelijkheid om hun familie te onderhouden. Een mijnwerker werkt namelijk niet voor een bedrijf of de overheid, maar voor zichzelf. Individueel (of in groepsverband) koopt hij het recht om in een specifiek deel van de mijn te graven en vervolgens betaalt hij zowel belasting aan de mijncoöperatie als de overheid over de uitgegraven mineralen. De mijn is altijd geopend en de mijnwerker bepaalt zelf wanneer en hoe lang hij werkt. Wie dat goed doet, verdient als mijnwerker een bovengemiddeld (€250 per maand) salaris.

Hoe lang de mijnen in Potosí nog geopend blijven, durft onze gids niet te zeggen. “Tien tot vijftien jaar”, gokt hij. En wat dan? Wordt Potosí een spookstad of kan het toerisme de stad nog (even) redden? In de mijnen vertelt Pedro (19) ons zijn verhaal. Als oudste van vier zonen, onderhoudt hij zijn familie en zieke vader. Met het geld dat hij verdient, gaan zijn broers naar school en hoopt ook hij weer naar school te kunnen gaan. Daarvoor moet hij genoeg verdienen om het lesmateriaal en een uniform te kunnen kopen. De scholen in Bolivia zijn gratis. Als we afscheid nemen, wensen we hem het beste toe. Het werk in de mijnen is zwaar en de omstandigheden zijn niet veel beter dan vroeger. In totaal stierven er al acht miljoen mensen in de mijnen in Bolivia. “Genoeg om een brug van lichamen van hier naar Spanje te bouwen”, vertelt de gids.


Hoeveel heeft het ons gekost?

In Potosí spendeerden we €26,40 per persoon per dag. Van dat geld ging €6,25 naar de accommodatie, €8,80 naar het eten en drinken, €0,65 naar het vervoer en €10,70 naar alle overige kosten.

Daarbij is het bedrag dat we aan eten en drinken uitgaven niet reëel. We kochten al verschillende zaken ter voorbereiding op het duurdere Argentinië en moesten één maaltijd opnieuw koken omdat de lamp in de keuken van het hostel boven ons eten explodeerde.

Ook de overige kosten vielen hoger uit dan verwacht. In plaats van de goedkoopste tour (80 bolivianos inclusief cadeaus), boekten wij een duurdere tour (150 bolivianos). Deze was overigens elke cent waard.

Gaan omdat…
De tour door één van de mijnen indrukwekkend is. Voor wie niet bang of claustrofobisch is aangelegd, is het een absolute aanrader. Doe van te voren wél onderzoek naar het juiste tourbureau. Op sommige plekken kom je namelijk meer toeristen dan mijnwerkers tegen. Koala Tours is in ieder geval een aanrader!

Voorbij gaan omdat…
De hooggelegen stad voor koude nachten zorgt. Kleed je warm aan voordat de zon ondergaat en neem wellicht een extra slaapzak mee.

Donderdag 21 juni 2018

Tupiza

Helemaal in het zuiden van Bolivia ligt Tupiza. Een stad met nog geen 25.000 inwoners, die wordt omgeven door de bergen van de Cordillera de Chicas. De meest populaire activiteit voor toeristen in Tupiza is paardrijden. De rode rotsen, cactussen en het droge klimaat, vormen de perfecte omgeving hiervoor.

De reis er naar toe

In Potosí betaalden we 15 bolivianos (€1,85) voor een taxi naar het busstation. Omdat we van tevoren navraag hadden gedaan naar de prijs van een busticket naar Tupiza, betaalden we geen 50 (€6,25) maar 30 bolivianos (€3,75) bij Boquerón. Hoewel de bus uiteindelijk een half uur te laat (om 08:30) vertrok, arriveerden we vier en een half uur later toch in Tupiza. Precies op tijd voor de lunch.

Eettip
Na zes maanden reizen was het een waar genot om de zelfgemaakte friet in Restaurante Pastipizza te eten. Begrijp me niet verkeerd: in Ecuador kunnen ze er ook wat van! Maar voor slechts 10 bolivianos (€1,25) is de portie en de kwaliteit die je hier krijgt niet te evenaren.

Onze accommodatie

Via Booking.com boekten we een tweepersoonskamer met gedeelde badkamer in Hostal Los Salares. Hier betaalden we €7,35 per persoon voor een kamer met gedeelde badkamer. Hoewel het hostel buiten het stadscentrum lag (aan de andere kant van de rivier), was dat geen enkel probleem. De stad is zo klein, dat alles gemakkelijk te belopen is.

Wat is er te doen?

Toeristen die naar Tupiza reizen, komen er voor twee zaken: paardrijden of het boeken van de Sud Lipez Salar Tour. Omdat wij voor dat laatste kwamen, spendeerden wij hier slechts één dag.

Hoeveel heeft het ons gekost?

In één dag spendeerden we in Tupiza €18,80 per persoon. Daarvan ging €7,35 naar de accommodatie, €6,25 naar het eten en drinken, €4,95 naar het vervoer (de taxi naar het busstation in Potosí en de bus naar Tupiza) en €0,25 naar alle overige kosten (twee rollen toiletpapier).

Gaan omdat…
De tours naar de zoutvlakte vanuit Tupiza beter schijnen te zijn dan vanuit Uyuni. In plaats van drie dagen, ben je vier dagen onderweg. Dat wat je meer betaalt is het absoluut waard.

Voorbij gaan omdat…
Je de tour al gemaakt hebt of niet wilt maken. Voor 150 bolivianos (€18,75) kun je ook drie uur lang paardrijden, maar persoonlijk vonden wij dat het geld niet waard.

Vrijdag 22 tot en met maandag 25 juni 2018

Vierdaagse Sud Lipez Salar Tour

De drie tot vierdaagse tour door het Eduardo Avaroa Nationaal Park en de Salar de Uyuni kan in Bolivia vanuit Tupiza en Uyuni en in Chili vanuit San Pedro worden geboekt. Hoewel de tour vanuit Tupiza beter wordt gewaardeerd dan de tour vanuit Uyuni, is het afhankelijk van je reisplannen wat de beste optie voor je is. Omdat een bezoek aan het Nationale Park (waarin onder meer de Laguna Verde en Colorada te vinden zijn) niet mogelijk is zonder het boeken van een tour of het huren van een auto, kiezen de meeste toeristen voor het boeken van een tour. Hoewel dit duurder is dan de meeste tours in Bolivia, is het dit – dankzij het prachtige en gevarieerde landschap – zeker waard.

Boeken

Omdat wij besloten hadden om de tour in Tupiza zelf te boeken, had ik in eerste instantie alleen een overnachting in een hostel geboekt. Na deze boeking besloot ik echter ook wat vooronderzoek te doen op TripAdvisor. Al snel vond ik een organisatie die mij aansprak: Turistur Los Salares. Wat bleek? Dit bureau werd gerund door de eigenaren van het hostel dat ik had geboekt. Omdat zij geen tourbureau in het centrum hebben, besloot ik vanuit Potosí alvast een email te sturen. Wij wilden vrijdag vertrekken en vroegen ons af of er nog andere gegadigden waren voor de tour? Hoe meer mensen, hoe goedkoper de tour namelijk is. En gelukkig waren er gegadigden. Samen met een Frans echtpaar en hun zoon van twaalf konden wij vrijdag vertrekken.

Dag 1
Om ervoor te zorgen dat wij de andere tours vóór zouden zijn, vertrokken wij direct na het vroege ontbijt. Hoewel we de eerste dag een lange afstand naar het nationaal park af moesten leggen, was de rit geen moment saai. Een bezoek aan de Ciudad del Encanto sloegen wij, in overleg, over. In plaats daarvan zochten wij een fijne plek op om rustig te lunchen en maakten we onze eerste stop bij de San Antonio Ruinas.

Deze verlaten spookstad was ooit het thuis van de Inca’s en de slaven die door de Spanjaarden vanuit Afrika naar de stad werden gebracht om in de mijnen te werken. Omdat deze laatsten stierven vanwege de hoogte, kwamen de Spanjaarden uiteindelijk tot een overeenkomst met de Inca’s, die tegen een vergoeding bereid waren te gaan werken in de mijnen. Tegenwoordig rest er niets meer dan de ruïnes van de stad en de ingang tot de mijnen. Om de gemeenschap te steunen, betaal je hiervoor 15 bolivianos entree.


Pas tegen de avond (rond vijf uur) bereikten we het Eduardo Avaroa Nationaal Park, waarvoor we 150 bolivianos (€18,75) entreegeld betaalden. Nadat we allemaal betaald hadden, reden we door naar ons hostel in Quetena Chico. Hier deelden we met zijn vijven één kamer.

Tip
De nachten in het park zijn bijzonder koud. Zorg ervoor dat je een warme slaapzak meeneemt of er één bij het tourbureau leent. Omdat wij er geen hadden, sliepen we met onze kleren, muts en handschoenen aan.

Het Eduardo Avaroa Nationaal Park

Op een hoogte, variërend van 4.200 tot 5.000 meter, ligt het Eduardo Avaroa Nationaal Park. Het park, dat 714.745 hectare groot is, is gelegen in het uiterste zuidwesten van Bolivia en grenst aan zowel Argentinië als Chili. Om het park te bezoeken, dien je de entree van 150 bolivianos (€18,75) te betalen. In ruil hiervoor rijdt je een dag lang door een spectaculair landschap. Een bezoek aan het beroemde Laguna Verde en Laguna Colorada (waar je drie soorten flamingo’s kunt spotten), vallen hieronder. Naast lama’s en alpaca’s (die door de inwoners van Quetena Chico en Quetena Grande worden gehouden), vind je hier onder meer de vos, de cuvierhaasmuis (viscacha) en de vicuña.

Dag 2
Na een lange eerste dag in de auto, hadden we de tweede dag een druk programma. Doordat de zon zich achter de wolken verschool was het vrij fris, en het feit dat we alweer om half acht in de auto zaten hielp daarbij niet mee. Pas na een bad in de Aguas Termales (waarvoor je slechts 6 bolivianos betaalt), begin je je voeten weer te voelen. Voordat we hier echter van konden genieten, bezochten we eerst het Laguna Hedionda, Kollpa Laguna en de Desierto de Dali. Na het bad, waar we door de hoogte niet langer dan twintig minuten in mochten zitten, kleedden we ons weer aan en reden we naar het uiterste puntje van het park: Laguna Verde. Doordat we hier door de kou (en de wind) niet al te lang konden blijven, reden we weer terug naar de Aguas Termales, waar het inmiddels een stuk drukker was en we binnen plaats namen voor de lunch.

Na de lunch reden we verder naar de geisers en de laatste stop van deze dag: de Laguna Colarada. Niet alleen de prachtige kleur van het meer, maar ook de flamingo’s, vormen een prachtig plaatje. Omdat we vanuit hier nog minimaal twee uur moesten rijden naar ons hostel in Villa Mar, vertrokken we rond vier uur. Op tijd om nog te kunnen genieten van de thee met koekjes en het heerlijke avondeten alvorens we in slaap vielen.


Dag 3
Omdat de oorspronkelijke route op de derde dag moeilijk begaanbaar was, namen we een alternatieve route. Deze voert langs verschillende rotsformaties die, net als in Torotoro, door aardverschuivingen zijn ontstaan. Naast de Laguna Negra, bezochten we de volgende formaties: El Camello, Italia Perdida, Valle de Rocas en Cañon Anaconda. Hiervan waren El Camello (in de vorm van een kameel) en Italia Perdida de beste. Beiden konden beklommen worden en de tweede bood zelfs een prachtig uitzicht over het park.

Uitgeput na twee lange dagen, besloten we om het Cementerio de Momias na de lunch niet te bezoeken en in plaats daarvan naar het hostel in Villa Candalaria te rijden. Hier genoten Noëlle en ik niet alleen van onze tweepersoonskamer, maar ook van een warme douche.


Uyuni

Op een hoogte van 3.650 meter, uitgestrekt over een oppervlakte van ongeveer 10.500 vierkante meter, liggen de zoutvlaktes van Uyuni. Het landschap, dat een populaire toeristische trekpleister is, is ontstaan na de opdroging van een meer. Naast een eindeloze hoeveelheid zout, vind men in het gebied ook twee rotseilanden. Naast Isla del Pescado (waar de tours naar toe rijden voor de zonsopgang en het ontbijt), vind je hier ook het Isla Incahuasi.

Dag 4
Om op tijd het Isla del Pescado in de Salar de Uyuni te bereiken (voor het zien van de zonsopgang), vertrokken we al om half zes in de ochtend. Na ongeveer een uur rijden bereikten we onze bestemming, betaalden we 30 bolivianos (€3,75) entree en beklommen we de berg. Na een uur liepen we naar beneden, waar een heerlijk ontbijt (bestaande uit cornflakes en vers gebakken cake) op ons wachtte. Nadat iedereen zijn buik vol had gegeten, vertrokken we naar het midden van de Salar voor het maken van (grappige en originele) foto’s. Santos, die inmiddels een expert is in het maken van dergelijke plaatjes, verraste ons met het ene na het andere idee. Nadat iedereen de batterijen van zijn/haar camera leeg gefotografeerd had, vertrokken we in de richting van Uyuni.

Omdat we geen van allen het zoutmuseum wilden bekijken of gaan winkelen, stopten we al rond elf uur voor de laatste lunch. Omdat de tour normaal pas om twee uur zou eindigen, bracht Santos ons nog naar het Cementeri de Trenes, dat op drie kilometer afstand van Uyuni ligt. Uiteindelijk werden we rond half één bij het busstation afgezet en namen we afscheid van Santos, Cecelia en het Franse gezin. Terwijl we naar het hostel liepen, spraken we over de fijne vier dagen die we hadden gehad. Niet alleen het landschap was prachtig geweest – ook hadden we ons geen beter gezelschap kunnen wensen.


Hoeveel heeft het ons gekost?

Voor de tour met vijf personen betaalden wij 1.150 bolivianos (€142,40) per persoon voor vier dagen en drie nachten. Daarbij kwamen nog de volgende verplichte kosten: de entree voor het nationaal park van 150 bolivianos (€18,75), de entree voor de San Antonio Ruinas van 15 bolivianos (€1,85) en de entree voor Isla del Pescado van 30 bolivianos (€3,75). Optioneel waren de kosten voor de Aguas Termales van 6 bolivianos (€0,75) en één warme douche voor 10 bolivianos (€1,25). Omdat we de Ciudad del Encanto (10 bolivianos) en het Cementerio de Momias (15 bolivianos) niet bezochten en één dag niet douchten, waren we iets goedkoper uit.

In totaal heeft de gehele tour (inclusief een fooi van 50 bolivianos per persoon) ons €176,35 gekost. Wanneer we daar het avondeten en de accommodatie van de vierde dag (ongeveer €9,50) erbij rekenen, komt dat neer op een gemiddelde van €46,45 per dag.

Gaan omdat…
We deze trip niet alleen beschouwen als hét hoogtepunt van Bolivia, maar ook als één van de hoogtepunten (top vijf) van onze wereldreis. De landschappen zijn werkelijk adembenemend en dankzij het afwisselende natuurschoon verveelt de rit in de auto geen moment.

Turistur Los Salares niet alleen een uitstekende gids leverde, maar ook een uitstekende kokkin. Het eten was lekker, ruim voldoende en gevarieerd. Dankzij de uitgebreide maaltijden en snacks tussendoor, hebben we geen moment honger geleden.

Waar bij veel organisaties betaald moet worden voor een Engels sprekende gids, dat bij ons niet het geval was. Santos, de chauffeur en gids, sprak zowel Spaans als Engels.

We dankzij de punctualiteit en planning van onze gids, vaak de eersten (of de enigen) bij een bezienswaardigheid waren. Niet alleen werd de planning naar onze wensen aangepast – we kregen overal de tijd die we nodig hadden en onderweg werd er regelmatig gestopt voor een extra fotomomentje.

Voorbij gaan omdat…
De nachten in het zuidwesten van Bolivia ontzettend koud zijn. Zomer of winter – je dient rekening te houden met temperaturen tussen de -15 tot -25 graden Celsius.

Dinsdag 26 juni 2018

Uyuni

Op grote hoogte, nabij de stad Uyuni, liggen de op één na grootste zoutvlaktes van de wereld: Salar de Uyuni. Vanuit La Paz kun je de bus nemen naar Oruro. Vanuit hier is het nog ongeveer zeven uur met de trein naar de stad Uyuni. In Uyuni kun je per jeep de zoutvlaktes bezoeken. Er zijn verschillende trips mogelijk: van een paar uur tot een paar dagen. Wie de zoutvlaktes gedurende het winterseizoen bezoekt, kan rekenen op regen. Hoewel dat niet altijd leuk is, zorgt dat wel voor het beroemde spiegelende effect.

De reis er naar toe

Omdat wij de vierdaagse tour naar de Salar de Uyuni vanuit Tupiza boekten, eindigden we in Uyuni. Hoewel dat prettig is wanneer je vanuit Argentinië bent komen reizen, moesten wij alsnog terug naar Tupiza om, via Villazón, Argentinië te betreden. Hoewel we met onze gids en kokkin terug hadden kunnen rijden, besloten we twee dagen in Uyuni te blijven om uit te rusten.

Onze accommodatie

Voor €6,45 per persoon boekten we een tweepersoonskamer (met stapelbed) en gedeelde badkamer in Residencial La Cabaña. Niet per se een aanrader wanneer je bedenkt dat de keuken zeer minimalistisch is en je slechts met één apparaat verbinding mag maken met de wifi.

Wat is er te doen?

Wie naar Uyuni reist, doet dat enkel en alleen om de zoutvlaktes te bezoeken. Kom je juist terug van een tour en heb je behoefte aan een paar dagen rust en (via de wifi) verbinding met het thuisfront? Dan kun je beter verder reizen. Omhoog naar het noorden of, zoals wij, terug naar Tupiza. Niet alleen is deze laatste stad gezelliger – er zijn ook meer mogelijkheden om de omgeving te voet, per fiets of te paard te verkennen.

Hoeveel heeft het ons gekost?

In totaal gaven we in Uyuni €12,15 per persoon per dag uit. Daarvan ging €6,45 naar de accommodatie, €2,60 naar het eten en drinken en €3,10 naar het vervoer (de bus naar Villazón).

Omdat we ons twee dagen in onze kamer opsloten met Netflix, zelfgemaakte pasta en broodjes, is dit overzicht niet heel reëel. Houd daarom rekening met hogere eet- en drinkkosten.

Gaan omdat…
Je weinig tijd hebt en toch de beroemde zoutvlaktes wil bezoeken. Heb je meer tijd, dan zou ik persoonlijk de meerdaagse trip vanuit Tupiza aanraden.

Voorbij gaan omdat…
De meerdaagse tours vanuit Tupiza hoger gewaardeerd worden. Er rijden minder auto’s over deze route en het landschap rondom Tupiza is zeker de moeite waard.

Kosten

Onze inschatting van het budget dat we in Bolivia nodig zouden hebben was goed. Uiteindelijk kwamen we uit op een bedrag van €23 per persoon per dag voor een verblijf van eenentwintig dagen.

Kies je er net als wij voor om in tweepersoonskamers te overnachten, soms zelfs te koken en soms uit te gaan eten, per bus naar de volgende bestemming te reizen en af en toe een tour te boeken? Dan zou je met onderstaand budget prima uit de voeten moeten kunnen. Besluit je de Sud Lipez Salar Tour niet te boeken? Dan kun je uitgaan van €20 per persoon per dag.

SoortDagbudget
Accommodatie€5
Eten en drinken€7,50
Vervoer€2,50
Overigen€5
Sud Lipez Salar Tour€45
Totaal€25

Let op
Wij gingen in 2018 op reis. Het kan zijn dat de kosten inmiddels heel anders zijn. Het is daarom verstandig om van tevoren zelf nog aanvullend onderzoek te doen naar de te verwachten kosten voordat je je budget opstelt.

Meer lezen?

Ga dan terug naar Peru of verder naar Argentinië.