Gelegen in Zuid-Azië, wordt Nepal omringd door twee buurlanden: India en Tibet (China). Het land, dat een oppervlakte van 147.181 km² heeft, kan onderverdeeld worden in drie zones: het laagland in het Zuiden, heuvels en lage bergen in het midden van het land en de Himalaya in het Noorden. In Nepal liggen acht bergen die hoger dan 8.000 meter zijn (wereldwijd zijn dat er veertien), waarvan de Mount Everest niet alleen de hoogste (ter wereld) is, maar ook de bekendste. Kathmandu is de hoofdstad van het land. De drie religies die door de meeste Nepalezen wordt aangehangen, zijn het hindoeïsme (verreweg de meerderheid), het boeddhisme en de islam. De officiële taal van het land is Nepalees.
Route
Kathmandu (1), het Annapurna Circuit waarbij we vanuit Besisahar via Nagdi, Jagat, Dharapani, Chame, Pisang, Manang, Yak Kharka, Thorong High Camp, Muktinath, Jomsom en Tatopani aandeden (2), Pokhara (3), Lumbini (4), Nepalgunj (5), Thakurdwara (6) en Nepalgunj (7).
In totaal brachten wij vierentwintig dagen door in Nepal. Buiten het Annapurna Circuit, waarbij we in tien dagen vanuit Nagdi naar Jomsom liepen, legden we 961 kilometer af. Dit deden we allemaal per bus. Gemiddeld komt dat neer op 69 kilometer per dag en 120 kilometer per reisdag.

Foto impressie
Onze ervaring
Veiligheid
Hebben wij ons op momenten onveilig gevoeld in Nepal? Ja. Was dat nodig geweest? Nee. Want op de enorme kou op de Thorong La pas (-25 graden) na, hadden wij eigenlijk niets te vrezen. De Nepalezen zijn namelijk bijzonder vriendelijk, behulpzaam en eerlijk. Wie echter van plan is het Annapurna Circuit te gaan lopen, dient zich (in tegenstelling tot ons) wél goed voor te bereiden. Want in ieder geval tijdens de wintermaanden – wij staken op 2 januari de pas over – kan het hier enorm koud worden. Zonder warme slaapzak, warme kleding en een goede gids, kan het nog wel eens een riskante onderneming worden.
Vervoer
Zowel binnen als buiten de stad is de bus een makkelijk en goedkoop vervoermiddel. Wie, net als de Nepalezen zelf, gebruik maakt van de lokale bussen betaalt een schijntje. Denk daarbij aan ongeveer 50 tot 100 Nepalese roepies (€0,37-€0,73) per uur. Is jouw bestemming een specifiek adres? Dan is het verstandiger om een taxi in plaats van een riksja te nemen. Deze eerste is vaak een stuk goedkoper.
De low-budget reiziger die voor de goedkoopste vervoersoptie heeft gekozen, hoeft niet te rekenen op een comfortabele rit. Waar kun je dan wél op rekenen?
- Dat de bus overvol is. Hoe meer passagiers er immers mee rijden, hoe meer er verdiend wordt. Met een houten plank, die over het gangpad op de stoelen wordt gelegd, kan er gemakkelijk nog een zitplaats worden gecreëerd.
- Dat jouw gereserveerde plaats wel eens bezet kan zijn. Heb jij van te voren een kaartje gekocht? Dan kan het zijn dat je een onwillige Nepalees van jouw zitplaats moet zien te bewegen. En dat gaan niet altijd zonder slag of stoot. Pas als jij voet bij stuk houdt, vertrekken ze morrend naar achteren.
- Dat je af en toe doodsangsten uitstaat. Dicht langs de afgrond rijden? Of een andere auto inhalen, vlak voor een scherpe haarspeldbocht? In Nepal is dit eerder een regel dan een uitzondering.
- Dat de deur gedurende (een groot deel van) de reis open blijft staan. Wie zich hier (met een muts en een jas) op kleedt, heeft daar echter weinig last van.
- Dat de kans dat je misselijk wordt, groot is. Hoewel de bus in zijn geheel flink heen en weer gaat, is het wiebelen in het achterste gedeelte nog een tandje erger dan vooraan. Maar geen nood. Omdat dit de Nepalezen zelf ook vaak overkomt, zijn er bijna altijd wel kotszakjes aanwezig.
- Dat het onmogelijk is om te voorspellen hoe laat de bus arriveert, hoe lang de bus er over doet en wanneer de bus de plaats van bestemming bereikt. Wie haast heeft, kan beter geen lokale bus nemen. Onderweg zijn er verschillende plas- en eetpauzes en er wordt redelijk wat tijd besteed aan het ronselen van last-minute passagiers.
Bevolking
De bevolking alleen al is een reden om het land te bezoeken: vriendelijk, behulpzaam en eerlijk. Omdat veel van hen afhankelijk zijn van het toerisme, weten ze hoe belangrijk het is om toeristen eerlijk en met respect te behandelen. Hoewel je in Nepal altijd kunt onderhandelen over de prijs, is de kans dat je door een Nepalees wordt afgezet zeer klein.
Schoonheid
Dankzij haar veelzijdigheid (steden met tempels, jungle en gebergte) is Nepal zeker een interessante bestemming. Daarbij dien je wel door de hoeveelheid afval, dat in veel dorpen gewoon op straat ligt, heen te kijken. Hoewel sommige Nepalezen steeds milieubewuster worden (en daardoor liever geen plastic tassen verstrekken of het gebruik van plastic waterflessen ontmoedigen), zijn er nog steeds veel meer Nepalezen die hun afval gewoon uit het raam van de bus op straat gooien.
Gaan of overslaan?
Ben je altijd al nieuwsgierig geweest naar de geboorteplaats van Boeddha of wil je dolgraag eens een tijger in het wild zien? Wie zowel van cultuur als natuur houdt, zit in Nepal goed. De grootste aantrekkingskracht die het land echter op toeristen uitoefent, is dat van een land waar men kan wandelen én klimmen. Net als voor veel anderen, was ook voor ons het Annapurna Circuit dan ook de belangrijkste reden om een vliegticket naar Kathmandu te boeken. En hoewel ik mij tijdens het wandelen regelmatig afvroeg waar ik aan begonnen was, ben ik achteraf blij dat ik het geflikt heb. Die trots, de vriendelijke bevolking en het heerlijke eten, compenseerden uiteindelijk een hoop kou en spierpijn. Dus heb jij doorzettingsvermogen en ben je niet bang voor een uitdaging? Dan is mijn advies absoluut: gaan. Je zult je veilig én welkom voelen.
Blogs
Onze reis
Donderdag 21, vrijdag 22 en zaterdag 23 december 2017
Kathmandu
De Kathmandu vallei bestaat naast de hoofdstad van Nepal, Kathmandu, uit nog twee koningssteden: Patan en Bhaktapur. Samen vormen ze een trekpleister voor toeristen die de vele monumenten, tempels en paleizen komen bezoeken, toeristen die zich voorbereiden op trek- en klimtochten en boeddhistische en hindoeïstische pelgrims. Één van de populairste beziens-waardigheden, die tevens is opgenomen op de werelderfgoedlijst van UNESCO, is het Durbar plein in Patan. Naast het Durbar plein brengen ook veel toeristen een bezoek aan de Swayambhunath (een stoepa die ook wel de apentempel wordt genoemd), de Boudhanath (de grootste stoepa van Nepal én de heiligste Tibetaanse tempel buiten Tibet) en Pashupatinath, waar veel tempels liggen die gewijd zijn aan de god Shiva. De tempel van Pashupatinath zelf is niet toegankelijk voor niet-hindoes, maar vormt wel een mooi schouwspel van apen en pelgrims die er rijst en sinaasappels komen offeren. Naast de tempel komen veel toeristen hier kijken naar de crematies die plaatsvinden aan de oevers van de rivier Bagmati. Na de crematie worden de resten in de heilige rivier gegooid.
De reis er naar toe
Met Turkish Airlines vlogen we vanuit Amsterdam, via Istanbul, naar Kathmandu. Dankzij ons visum, dat we van te voren in Nederland al hadden geregeld, konden we direct in de rij van de douane aansluiten. Toen we ook onze tassen hadden ontvangen, besloten we een taxi naar ons hostel in Thamel te nemen. Voor een rit van vijf kilometer betaalden we vijfhonderd roepies (€3,65). Dit komt overeen met het normale Nepalese taxitarief. Daarbij betaal je een starttarief van 250 roepies (€1,85) en 47,5 roepie (€0,35) per kilometer.
Tip
Om het echte Nepal te ervaren, neem je de gezamenlijke taxibussen die overal in de stad stoppen. Vanaf 15 roepies heb je al een plekje (op de schoot van een local). Vraag de Nepalezen om hulp om er zeker van te zijn dat je de juiste bus neemt en op tijd uitstapt.
Onze accommodatie
Van te voren boekten we via Booking.com een privékamer voor twee personen met een gedeelde badkamer en toilet in het Nirvana Peace Home. Hiervoor betaalden we ongeveer €2,50 per persoon. Wie niet veel waarde hecht aan een (warme) douche, zit hier prima op zijn plek. Het hostel ligt op loopafstand van verschillende restaurants.
Wat is er te doen?
Wie niet, net als ons, dwalend door de stad een halve dag verspilt, kan in een paar dagen veel zien. Wij besloten daarentegen alleen de belangrijkste bezienswaardigheden te bezoeken en daarnaast onze trip naar het Annapurna Circuit te regelen.
Pashupatinath en Swayambhunath
Gewapend met een plattegrond besloten we naar Pashupatinath te lopen. Omdat we daar dankzij ons slechte richtingsgevoel niet in slaagden, namen we uiteindelijk een taxibusje er naar toe. Om binnen te komen betaalden we duizend roepies per persoon (€8,20). Hoewel je ervoor kunt kiezen om zelf over het terrein te dwalen, kun je ook een gids betalen voor een rondleiding van een uur. Wij kozen voor het laatste en betaalden hem daar duizend roepies voor.
Omdat de tijd inmiddels begon te dringen, besloten we niet naar de Boudhanath te gaan, maar direct de bus naar de Swayambhunath te nemen. Net voordat de zon onderging wisten we hier nog een paar plaatjes te schieten. Na een overstap werden we in Sundhara afgezet en wandelden we via de kronkelstraten in Thamel terug naar het hostel.
Durbar Square
De volgende dag besloten we de lokale bus in Ratna Park naar Patan te nemen en daar het wereldberoemde Durbar Square te bekijken. Aangezien we ook hier 1.000 roepies per persoon moesten betalen (bijna de helft van ons dagbudget), besloten we geen gids te nemen. Bij veel zaken stond een engelse uitleg, maar als je het kunt betalen is een gids natuurlijk wel een pré. Hoewel het plein mooi was, stond alles in de steigers vanwege de aardbevingen die in 2015 plaatsvonden. Gezien de overheid alles met de oorspronkelijke materialen aan het restaureren is, kost dit veel tijd. Voor ons deed dit wel een beetje af aan de schoonheid van dit eeuwenoude plein en besloten we – ook vanwege de hoge entreeprijs – het Durbar Square in Kathmandu over te slaan.

Hoeveel heeft het ons gekost?
Kathmandu was aan de prijzige kant vanwege de vele bezienswaardigheden. Voor de belangrijkste betaal je een behoorlijke prijs, waardoor wij besloten om niet alles te bekijken. Als je alles in een paar dagen wilt bezoeken (en daarbij ook een gids wilt nemen) is een dagbudget van €20,00 per persoon niet voldoende. De accommodaties en het vervoer daarentegen zijn hier wel heel goedkoop, en compenseren de kosten van de bezienswaardigheden enigszins.
Gaan omdat…
Het nemen van de lokale bussen een absolute aanrader is voor iedereen die een stukje van het echte Nepal mee wilt pikken. Niets doet je hier meer thuis voelen dan met twintig andere Nepalezen opgevouwen in een busje door de stad te rijden. Daarnaast is het ook nog eens super goedkoop!
Pashupatinath, waar 24/7 crematies plaats vinden, een absoluut hoogtepunt is. Betaal de entree van 1.000 rupees, neem een gids (die je mag betalen wat jij wilt), en leer iets nieuws over de Nepalese geschiedenis en gebruiken.
Voorbij gaan omdat…
Hoewel Thamel vele leuke eettentjes bevat, het ook dé toeristische hotspot is. Lokale bewoners (vaak geen Nepalezen) kunnen je hier lastig vallen en geld van je vragen. Door toeristen geld af te troggelen, doen zij de Nepalese bevolking – die uiterst correct en vriendelijk is – geen eer aan.
Als je niet van drukte en lawaai houdt, zit je in Kathmandu op de verkeerde plek. Het is een echte hoofdstad, vol verkeer, getoeter en uitlaatgassen.
Chitwan Nationaal Park
Chitwan National Park is het oudste nationale park van Nepal en staat op de werelderfgoedlijst van UNESCO. Vanuit Kathmandu kun je het park bereiken via Sauhara of Meghauli. Het park biedt een grote variatie aan flora en fauna. Naast vogels en vlinders leven er meer dan zestig soorten zoogdieren in het park dat bestaat uit droge grasvlakten, moerassig terrein en uitgestrekte bossen. Als je het park bezoekt bestaat de kans dat je de gepantserde neushoorn gaat zien.
Vanwege het seizoen werd ons in Kathmandu aangeraden om eerst de Annapurna trekking te doen en vervolgens naar Chitwan National Park te gaan. Anders zou het wellicht (vanwege het weer) niet meer mogelijk zijn om de Thorong La pas over te steken. Omdat we sowieso het Bardia National Park wilden zien, besloten we het Chitwan National Park helemaal over te slaan, en vanuit Pokhara naar Lumbini verder te reizen.
Zondag 24 december 2017 tot en met donderdag 4 januari 2018
Het Annapurna Circuit
Het Annapurna circuit is een route van twee tot drie weken die start in Besisahar en eindigt in Nayapul. Het hoogste punt van de route is de Thorong La pas die op een hoogte van 5.416 meter ligt. Om hoogteziekte te voorkomen is het verstandig om gemiddeld 500 meter en maximaal 700 meter per dag te stijgen. Tijdens de tocht kom je voldoende dorpjes tegen om te eten en te overnachten. De route zelf is duidelijk aangegeven, waardoor het niet nodig is om een gids mee te nemen. Voordat je begint heb je wel een vergunning nodig van het ACAP (Annapurna Conservation Area Project) en dien je je aan te melden bij het TIMS (Trekkers Information Management System). Deze laatste instantie houdt bij wie er allemaal op trekking gaat en of iedereen ook terugkomt. Opgeteld betaal je hier €40,00 voor.
De reis er naar toe
Omdat wij in Kathmandu de gehele trekking bij een bureau regelden, werden we volledig begeleid door onze gids vanuit ons hostel in Kathmandu naar onze eindbestemming Pokhara. ’s Ochtends werden we opgehaald door onze gids in ons hostel en samen namen we de taxi naar de plaats waar onze bus naar Besisahar vertrok. Vanwege het late tijdstip was het niet meer mogelijk om de bus naar Nagdi te nemen en daarom verbleven we de eerste nacht in Besisahar. De volgende ochtend namen we de bus naar Nagdi (ongeveer twee uur rijden) en wandelden we naar onze eerste bestemming.
Onze route
We begonnen onze reis in Kathmandu en gingen per bus naar Besisahar (700 meter). De volgende ochtend namen we de bus naar Nagdi (kan ook gelopen worden) en liepen vervolgens naar Jagat (1.310 meter). Vanuit hier liepen we naar en sliepen we in: Dharapani (2.140 meter), Chame (2.600 meter), Pisang (3.000 meter), Manang (3.500 meter), Yak Kharka (4.000 meter), Thorong High Camp (4.800 meter), via de Thorong La pas (5.416 meter) naar Muktinath (3.800 meter) en Jomsom (2.700 meter). Vanwege het weer liepen we niet in twee dagen naar Ghasa en Tatopani, maar namen we in één dag de bus naar Tatopani (1.200 meter). Vanuit hier namen we tenslotte de bus naar Pokhara.

Onze accommodaties
Hoewel alle accommodaties (op één na) gedurende de trek fantastisch waren, was er één hotel dat er voor ons uitsprong: het Tilicho Hotel in Manang. Om aan de hoogte te wennen, mochten we hier ook nog eens twee dagen en nachten verblijven. De eigenaar van het hotel was bijzonder aardig en oplettend. De kamers waren ruim, voorzien van stopcontacten en een eigen toilet. Vanwege het seizoen was er, naast extra dekens, een gratis warme douche en wifi beschikbaar. Gedurende de dag kon men heerlijk in het bovenste gedeelte van het restaurant loungen en eten. Met een beetje geluk voelde je de zon hier op je schijnen. ’s Avonds ging de kachel beneden aan, en liep iedereen rood aan van de hitte. Hoewel het eten hier prijziger was, was het ook van uitstekende kwaliteit. Een absolute aanrader voor onderweg!
Omdat wij in het laagseizoen gingen, hadden wij geen enkel probleem met het vinden van vrije accommodaties. Vooral in het begin verbleven we vaak ergens als enige op dat moment. Wij hebben echter begrepen dat dit in het hoogseizoen heel anders kan zijn: alles volgeboekt, waardoor je verder of terug moet lopen, niet genoeg dekens beschikbaar en lange wachtrijen voor het eten. Houd hier rekening mee als je tussen september en november of in maart of april gaat.
Wat kun je het beste wel en niet meenemen?
Wij vertrokken nauwelijks voorbereid naar de trekking en hebben enorm veel geluk gehad dat we er zonder al te veel problemen doorheen gekomen zijn. Wil je je slagingskansen zo groot mogelijk maken (met name in het koude laagseizoen), zorg er dan voor dat je in ieder geval de volgende zaken meeneemt:
- Warme kleding die van goede kwaliteit is. In de lager gelegen gebieden, vooral als de zon schijnt en tijdens het wandelen, zul je denken dat je ze niet nodig hebt, maar op de hoogst gelegen gebieden kan het verraderlijk koud zijn.
- Twee paar goede handschoenen die je over elkaar kunt dragen, een muts, sjaal en warme sokken. De wind op de Thorong La pas kan gevaarlijk koud zijn. Zelfs met goede handschoenen loop je het gevaar van frostbite. Als het kan, kun je ook twee paar sokken dragen. Dat voorkwam bij mij koude voeten.
- Een warme slaapzak. Niet alle guesthouses hebben dekens die warm genoeg zijn (en in het hoogseizoen hebben ze er misschien niet genoeg). Iedereen gaat er van uit dat je een slaapzak bij je hebt, dus voorkom koude, slapeloze nachten waarin je de neiging krijgt om de gordijnen en tafellakens van je guesthouse te stelen en koop, leen of huur een goede, warme slaapzak.
- Goede wandelschoenen. Zorg ervoor dat je ze van te voren goed hebt ingelopen.
- Een waterfles die je na kunt vullen met water uit de bergen en waterzuiveringstabletten (deze zijn te koop bij een apotheek in Kathmandu).
- Pillen tegen hoogteziekte. Wij namen deze niet mee, en hebben ze gelukkig ook niet nodig gehad, maar aangezien hoogteziekte gevaarlijk kan zijn, is het wellicht verstandig om ze mee te nemen. Ook deze koop je in een apotheek in Kathmandu. Reken er niet op dat andere reizigers er genoeg bij zich hebben om jou uit de brand te helpen als het nodig is. Tijdens onze reis slikte het grootste gedeelte van de wandelaars die we tegen kwamen ze.
- Een lichte rugzak (maximaal zeven kilo). Hoewel wij dertien tot veertien kilo meesleepten, was het (met name in de hoogst gelegen gebieden waar de lucht ijler is) makkelijker geweest als we minder bij ons hadden gehad. Overbodige spullen kun je vaak in een guesthouse in Kathmandu of Pokhara achterlaten. Overbodige spullen zijn met name toiletspullen. Vanwege de kou konden wij nauwelijks douchen, en hadden we dus ook eigenlijk niets nodig. Daarnaast droegen wij twee weken lang dezelfde kleren, die wij tussendoor in Manang één keer wasten. Iedereen stinkt tijdens de trekking en het is een van de laatste zaken waar je je dan druk om maakt.
- Een hoofdlamp. De stroom valt regelmatig uit en op de dag dat je de pas oversteekt, begin je in het donker. Een hoofdlamp vooorkomt dan een hoop ellende. Voldoende contant geld. Het is niet mogelijk om geld te pinnen en hoe hoger je komt, hoe duurder het verblijf wordt. Voor een Dhal bat betaal je dan ongeveer 500 roepies (€4,04).
- Eventueel kun je hotpacks meenemen. Wellicht is dat net het beetje extra dat je nodig had om warm te worden.
- Eventueel kun je nordic walking stokken meenemen, maar wij hebben dat zelf niet gedaan en ook niet gemist.
Heb je veel zaken niet zelf of besluit je pas in Nepal zelf om een trekking te doen? Dan kun je altijd nog inkopen doen in Kathmandu of Pokhara. Hier kun je ook nog heel veel zaken, die je later nooit meer gebruikt, huren.
Hoe hebben we het ervaren?
Hoewel ik me tijdens het wandelen zelf (en dan met name wanneer de route bergopwaarts ging) regelmatig heb afgevraagd waar we aan begonnen waren, had ik het in zijn geheel niet willen missen. Ik heb een normale conditie, vind het leuk om te lopen, maar heb altijd moeite gehad met omhoog lopen. Aangezien mijn zusje sneller loopt dan ik, was het voor mij echt een uitdaging om het tempo enigszins bij te houden. Ik had dan ook iedere dag na het wandelen spierpijn, terwijl mijn zusje het stuk fluitend en zonder problemen had afgelegd. Iedere dag wandelden we tussen de vier en vijf uur en kwamen dus rond lunchtijd aan op de plaats van bestemming. Dat betekende dat we na de lunch de hele dag de tijd hadden om een boek te lezen. Hoe hoger we echter kwamen, hoe onaangenamer deze middagen werden. Het was ’s middags al aardig koud en dan lagen we in onze dunne slaapzakken te verkleumen tot dat het tijd was om te eten. Ik zou dus iedereen nogmaals op het hart willen drukken om voldoende warme kleren mee te nemen!
De routes zelf waren, op een paar onduidelijkheden na, redelijk makkelijk te volgen. Omdat wij een gids hadden, hoefden we echter nergens op te letten. Op sommige momenten was het mogelijk om een alternatieve, langere, zwaardere, maar mooiere, route te nemen, maar dat hebben wij geen enkele keer gedaan. Twaalf dagen wandelen leek ons meer dan voldoende, en achteraf hebben we slechts tien dagen gewandeld. Het hoogtepunt was de wandeling over de Thorong La pas, die ongeveer acht uur duurde. Omdat we ons de dag ervoor in Thorong Phedi goed voelden, konden we verder wandelen naar High Camp. Hoewel ons dat de dag erna een pittige, steile klim van bijna twee uur scheelde, deden we op 4.800 meter hoogte, vanwege hoogteziekte, geen oog dicht. Na een korte nacht en een halve kom pap (die we met moeite naar binnen werkten) startten we om 05:00 met wandelen. Binnen vier uur bereikten we, met veel moeite (door de ijle lucht, vermoeidheid en koude voeten die het wandelen bemoeilijkten) de top. De koude wind, die de reden was geweest om zo vroeg te vertrekken, brak uit op het moment dat we een foto namen. Razendsnel pakten we onze rugzakken en renden naar beneden, om te voorkomen dat we het gevoel in onze vingers zouden kwijt raken. Na een half uur namen we opgelucht adem en vervolgden in alle rust onze weg naar beneden. Op 4.200 meter hoogte namen we een welverdiend drankje in het zonnetje en om één uur bereikten we ons hotel in Muktinath. We hadden de zwaarste dag van de trekking overleefd en konden alleen nog maar vooruit kijken naar een welverdiend ontspanningsmomentje in de warmwaterbronnen van Tatopani.

Is het verstandig om een gids en/of porter mee te nemen?
Omdat wij onervaren wandelaars zijn en buiten het hoogseizoen gingen, besloten we een gids mee te nemen. We boekten deze gids bij een reisbureau in Kathmandu en betaalden in één keer voor de gids, de accommodaties met ontbijt, de permits en het vervoer (van Kathmandu naar Besisahar/Nagdi en Tatopani naar Pokhara). Dit bedrag kwam voor veertien dagen neer op €373,00 per persoon. Hiervan was ongeveer €117,00 voor de gids ($10,00 per dag per persoon).
Achteraf waren wij blij dat we een gids bij ons hadden: hij zorgt ervoor dat je altijd een slaapplek hebt voor de nacht (in drukke seizoenen reserveren zij alvast een slaapplaats zodat je zeker weet dat je niet terug of verder moet), weet vaak afkortingen, kan je veel vertellen over de omgeving en de Nepalese cultuur en kan beslissingen nemen op het moment dat je last krijgt van hoogteziekte. Hoewel we hierdoor duurder uitwaren, hebben we ons wel veilig gevoeld en relaxed kunnen reizen. Van een porter hebben we geen gebruik gemaakt. Dit hebben we ook nooit nodig gevonden. Mocht je onderweg toch tegen problemen aanlopen, dan zijn er nog jeep- en porterservices te koop. Let wel op: deze kunnen flink prijzig zijn!
Hoeveel heeft het ons gekost?
In totaal kostte een trekking van veertien dagen met gids ons €528,37 per persoon. Dit komt neer op een gemiddeld dagbudget van €40,64 per persoon per dag. Dit is inclusief het vervoer van Kathmandu naar Nagdi en van Tatopani naar Pokhara, ons verblijf, het eten en drinken en de permits. De kosten voor de gids (loon, verblijf, verzekeringen en fooi) kwam daarbij neer op €19,74 per dag. Wanneer we geen gids zouden hebben genomen, was het totaalbedrag neer gekomen op €20,90. Gezien het bureau er natuurlijk ook op moet verdienen en we zelf wellicht goedkopere accommodaties en ontbijt hadden gekozen, zou je met een (iets) lager budget dan dit moeten kunnen uitkomen.
Gaan omdat…
Wil je jezelf uitdagen? Je kunt het jezelf zo makkelijk of moeilijk maken als je zelf wil. Bepaal hoeveel kilometer je per dag wilt afleggen, of je de langere (mooiere) routes wilt nemen en hoeveel uitstapjes je maakt. Hou daarbij wel rekening met de maximaal aanbevolen stijging per dag om hoogteziekte te voorkomen!
De weg is vrij gemakkelijk te vinden en onderweg zijn er meer dan voldoende slaap- en eetgelegenheden, waardoor je de trekking zonder gids zou kunnen lopen. Wij kozen ervoor wel een gids te nemen omdat we onervaren zijn en we buiten het seizoen liepen.
De slaap- en eetgelegenheden onderweg zijn van goede kwaliteit. Onze gids slaagde er (op één keer na) in om de beste plekken te kiezen. We hebben heerlijk geslapen (vaak met extra dekens) en gegeten!
De trots die je voelt als je de 5.416 meter bereikt, is de klim zeker waard!
Voorbij gaan omdat…
Het te koud is. Wij liepen het circuit tussen 24 december en 4 januari en hebben enorm veel last gehad van de kou: ’s middags was het koud in de kamers en lagen we onder de (extra dekens) te rillen en wachten tot het tijd was om te eten. Naarmate we hoger kwamen, werd het ook steeds kouder tijdens het wandelen. Uiteraard hoeft dit geen probleem te zijn wanneer je in een ander seizoen gaat of wanneer je kwalitatief goede (en warme) kleding aanschaft of huurt.
Vanwege de kou was er nauwelijks gelegenheid om te douchen. Aangezien iedereen in dezelfde situatie zat, geen al te groot probleem.
Wij besloten onze gehele rugzak (voor een wereldreis van bijna negen maanden) mee te nemen. De gids, wiens rugzak slechts zes a zeven kilo woog, had het beter voor elkaar. Tip: Ga ervan uit dat je zo’n twee tot drie keer kunt douchen en je de hele trek dezelfde kleding draagt. Op die manier hoef je zo weinig mogelijk mee te nemen.
Sta je net als ik al te hijgen na het nemen van de trap? Bereid je dan voor op een pittige trip: een groot deel van de route is omhoog en hoe hoger je komt hoe moeilijker het wordt. Hoewel je het Annapurna circuit ongetraind (en zonder ervaring) kunt lopen, zal het niet gemakkelijk zijn. Bereid je voor op spierpijn en een gids die betwijfelt of je de pas kunt oversteken.
Vrijdag 5 en zaterdag 6 januari 2018
Pokhara
De stad Pokhara is de vertrekplaats voor een trektocht door het Annapurna bergmassief dat onderdeel is van de Nepalese Himalaya. Van de tien hoogste bergen in de wereld liggen er drie in dit gebied. Vanuit Pokhara heb je altijd een indrukwekkend uitzicht. Wij eindigden onze trekking hier en konden – na heel veel koude dagen – eindelijk weer genieten van een heerlijk zonnetje.
De reis er naar toe
Vanuit Tatopani reed er een bus naar Pokhara. Op het busstation aangekomen, namen we een taxi naar ons hostel. Al deze kosten vielen nog onder die van onze Annapurna trekking.
Onze accommodatie
Met behulp van Booking.com boekten we een kamer in Bickey’s Homestay. Voor €2,50 per persoon per nacht een fijn verblijf: gelegen aan een rustig straatje, vlakbij het meer en alle leuke restaurantjes en barretjes. De kamer en badkamer waren schoon (en er was warm water!), en de eigenaar ontzettend vriendelijk. Heb je een buskaartje nodig? Bickey haalt het voor je zonder commissie te rekenen.
Wat is er te doen?
In Pokhara hebben wij niets anders gedaan dan uitgerust, gegeten, gedronken en van de zon genoten. Neem een boek, telefoon of tablet mee (veel restaurants bieden gratis wifi), en blijf de hele dag op het balkon of dakterras (met uitzicht op het meer) van een restaurant zitten. Genoeg gerust? Vanuit hier kun je gemakkelijk de bus naar alle andere delen van het land nemen.
Gaan omdat…
Heb je behoefte aan een dag rust, zon en lekker eten en drinken? Ga naar Pokhara. Vooral na een zware trekking, is deze plaats aan het meer een verademing!
Omdat Pokhara bij lange na niet zo groot is als Kathmandu, is het er een stuk minder druk en chaotisch dan in Kathmandu. Vanuit je hostel loop je gemakkelijk naar het meer, waar meer dan voldoende eettentjes en cafés te vinden zijn.
Voorbij gaan omdat…
Het eten niet in al deze eettentjes van goede kwaliteit is. Bekijk TripAdvisor van te voren goed om te kijken waar je lekker kunt eten en drinken. Kies je verkeerd, dan kan dit behoorlijk tegenvallen! De kans dat je een goedkope diepvriespizza voorgeschoteld krijgt in plaats van eentje die nét uit de houtoven komt, is aanwezig.
Zondag 7 en maandag 8 januari 2018
Lumbini
In 563 voor Christus werd prins Siddhartha Gaumana, die later bekend werd als Boeddha, geboren in Lumbini. Dankzij verschillende opgravingen, die teruggaan tot de derde eeuw voor Christus, is Lumbini de belangrijkste archeologische vindplaats van Nepal. Één van de belangrijkste bezienswaardigheden is de Sacred Garden. Op deze plek bevinden zich onder meer de tempel Maya Devi, de Ashoka pilaar en de boeddhistische kloosters. Sinds 1997 staat Lumbini op de werelderfgoedlijst van UNESCO. Dankzij een sterke verbetering van de infrastructuur weten toeristen dit boeddhistische bedevaartsoord steeds beter te vinden.
De reis er naar toe
Vanuit Bickey’s Homestay in Pokhara namen we voor 300 roepies (€2,41) in totaal een taxi naar het busstation. Binnen tien minuten waren we hier, en kochten appel- en kaneelbroodjes voor in de bus. Omdat de goedkoopste bussen de dag ervoor al volgeboekt waren, namen we deze keer voor 750 roepies (€6,02) de luxere, toeristische bus naar Lumbini. Vanwege enkele wegblokkades en een staking, kwamen we een stuk later op onze eindbestemming aan en was het al donker. Gelukkig hadden wij al een accommodatie geregeld en lag deze op loopafstand (dertig minuten) van het busstation.
Onze accommodatie
Met behulp van Booking.com boekten wij een kamer voor €2,00 per persoon per nacht bij de Lumbini Garden Lodge. De locatie van deze accommodatie was perfect: voor wie niet van te voren wil boeken, zijn er genoeg andere guesthouses in de buurt. Eromheen liggen voldoende restaurants en de plek is op loopafstand van de Maya Devi tempel en alle andere bezienswaardigheden. De eigenaar is vriendelijk en behulpzaam, de badkamer schoon, alleen de bedden zijn heel erg hard. Voor wie er naar vraagt, is er wel een extra deken beschikbaar.
Wat is er te doen?
In Lumbini kun je alleen maar tempels bekijken. Hou je niet van cultuur? Dan is Lumbini absoluut niet de juiste plaats voor je. Hou je er wel van? Dan kun je hier je hart ophalen. Alle tempels bevinden zich binnen een gigantisch complex, waar je rustig doorheen kunt wandelen, fietsen of waar je je doorheen kunt laten rijden door één van de vele tuk tuk chauffeurs. Alle tempels zijn gratis te bezoeken, met uitzondering van de Maya Devi tempel, waar Boeddha geboren is. De entree hiervan is slechts 200 roepies (€1,64). Ons advies is om slechts een dag in Lumbini te verblijven. In die dag heb je ale tijd om alles te bezoeken en voor de rest valt er hier niet heel veel te beleven. Er staan slechts vijf restaurants op TripAdvisor en deze zijn het niet waard om een extra dag voor te blijven. Als we een restaurant zouden moeten aanraden, dan zou dat absoluut het Three Vision restaurant zijn.
Hoeveel heeft het ons gekost?
Lumbini is de goedkoopste plaats waar we zijn verbleven: nergens was de accommodatie goedkoper dan hier. Het eten was goedkoop, vervoerskosten hebben we hier niet gemaakt omdat alles op loopafstand lag en de bezienswaardigheden kosten je maximaal 200 roepies.
Gaan omdat…
Je hoeft geen uren door de stad wandelen om de belangrijkste bezienswaardigheden te zien: in Lumbini ligt alles op loopafstand. In een ochtend kun je alles bekijken, waardoor je niet langer dan één dag in de stad hoeft te verblijven.
In vergelijking met Kathmandu en Pokhara vonden we Lumbini goedkoop. De overnachtigingen, het eten, drinken en de bezienswaardigheden waren aanzienlijk goedkoper dan in de overige plaatsen.
Zin in iets lekkers, maar heb je er genoeg van dat de chips vaak te ver over datum is? Ga dan naar de bakker en koop de zelfgemaakte cake. Wij vonden dit een verrassend lekkere traktatie.
Voorbij gaan omdat…
De kwaliteit van de accommodaties en het eten is aanzienlijk slechter dan in de rest van Nepal. Zelfs het best aangeschreven restaurant op Tripadvisor viel tegen. Let daarnaast goed op de houdbaarheidsdatums van de etenswaren die je aanschaft in de lokale winkeltjes. Net als in de rest van Nepal zijn deze bijna altijd over datum, maar er is een verschil tussen chips van 1-2 maanden over datum en chips die een half jaar (of meer) over datum is.
Dinsdag 9 januari 2018
Nepalgunj
Nepalgunj is gelegen in het westen van Nepal en is de hoofdstad van het district Banke. De stad is de grensovergang naar het in India gelegen Rupaidiha. Als je naar het Bardia National Park gaat, kun je in Nepalgunj nog geld pinnen. In Ambasa en Thakurdwara is dat (voor zover wij weten) niet meer mogelijk. Ook het betalen met creditcard was daar (in onze accommodatie) niet mogelijk.
De reis er naar toe
Op dinsdagochtend 9 januari om 06:30 verlieten we ons guesthouse in Lumbini om de bus naar Nepalgunj te nemen. Aangezien deze niet rechtstreeks zou rijden, besloten we ruim op tijd te vertrekken. Aan het eind van de straat namen we voor 50 roepies (€0,41) de lokale bus naar Bhairahawa. Na een uur arriveerden we hier en werden we voor 100 roepies per persoon (€0,81) met een riksja naar het busstation in een ander gedeelte van de stad gebracht. Hier namen we ook voor 50 roepies (€0,41) de bus naar het Butwal Bus Park. Ook deze rit duurde ongeveer een uur. (Er is een bus die rechtstreeks naar het Butwal Bus Park rijdt, en deze vertrekt rond zeven uur.) Vanuit het Butwal Bus Park vertrokken zowel bussen naar Nepalgunj als naar Ambasa/Thakurdwara. Omdat wij geen reservering voor die avond hadden, besloten we naar Nepalgunj te reizen, en de volgende dag rustig de bus naar Thakurdwara te nemen. De bus vanuit het Butwal Bus Park naar Nepalgunj deed er ongeveer zeven uur over en kostte ons zo’n 470 roepies (€3,81) per persoon.
Onze accommodatie
Op Booking.com stond geen enkele accommodatie die was gelegen in Nepalgunj, en daarom besloten we er zonder reservering naar toe te gaan. In de buurt van waar de bus ons afzette, vonden we al snel een zijstraatje met een aantal guesthouses en een hotel. Aangezien we ook nog moesten eten, besloten we bij het Durbar Hotel te gaan slapen, dat ook voorzien was van een restaurant. Voor 400 roepies (€3,24) per persoon hadden we een grote hotelkamer met eigen badkamer. Het eten in het restaurant was lekker en goedkoop, en vanuit hier konden we de volgende dag gemakkelijk de bus nemen naar Thakurdwara.
Woensdag 10, donderdag 11 en vrijdag 12 januari 2018
Bardia Nationaal Park
Vanuit Nepalgunj kun je per bus verder reizen naar Ambasa en Thakurdwara. Vanaf hier is het nog maar een klein stukje naar het Bardia National Park. Samen met het Banke National Park, dat er aan grenst, vormt het Bardia National Park het grootste tijgerreservaat van Azië. In vergelijking met het Chitwan National Park is het Bardia National Park ongerept en minder toeristisch. Ook leven er in dit laatste park meer Bengaalse tijgers, waardoor de kans dat je er hier één tegen komt groter is dan in Chitwan National Park.
De reis er naar toe
Op woensdagochtend 10 januari namen we een gedeeld taxibusje naar Ambasa. Hiervoor betaalden we 200 roepies (€1,62) per persoon. Na ongeveer twee uur waren we op de plaats van bestemming en moesten we voor 250 roepies (€2,03) per persoon nog een riksja naar onze accommodatie nemen. Het is vanuit Nepalgunj ook mogelijk om een rechtstreekse bus naar Thakurdwara te nemen. Dit kostte ons 250 roepies (€2,00) per persoon en van hieruit zou je in principe ook naar je accommodatie kunnen lopen.
Onze accommodatie
Via Booking.com boekten we drie nachten in het Jungle Base Camp. Hier verbleven we bij eigenaar en gids Hukum, zijn vrouw en twee van zijn kinderen. Hukum heeft jarenlange ervaring als gids, kweekt zijn eigen biologische groente en laat je je – samen met zijn vrouw – helemaal thuis voelen. Om ervoor te zorgen dat elke gast de aandacht krijgt die hij/zij verdient, neemt hij slechts een boeking per dag aan. Gasten worden ondergebracht in een grote kamer, met heerlijk bed, en eigen badkamer. Een warme douche is er (nog) niet beschikbaar, maar Hukum zorgt voor een emmer heet water, zodat je je in ieder geval kunt wassen. Wifi is beschikbaar bij de receptie/in het restaurant, maar niet in de kamer. Alles is open, dus als het in de wintermaanden te koud is, wordt er een vuurtje gemaakt. Drie maal per dag kookt Hukums vrouw een heerlijke maaltijd voor een totaalprijs van 850 roepies (€6,82) per persoon per dag. (Dat is 250 roepies voor het ontbijt en 300 roepies voor lunch en diner.) Een nacht in de accommodatie kost 1.000 roepies (€8,03) per kamer. Door de gastvrijheid van Hukum en zijn vrouw hebben wij enorm genoten van ons verblijf en wij zouden het dan ook aan iedereen willen aanraden.
Let op
Omdat wij er in het laagseizoen waren, was het relatief rustig in het park. We zaten meestal alleen op een spotplek, soms met een ander gezelschap en maximaal met drie gezelschappen op dezelfde plek. In het hoogseizoen kan het voorkomen dat er vijftig mensen op dezelfde plek zitten te wachten, in de hoop een tijger te zien.

Wat is er te doen?
We hadden twee volle dagen te besteden in het Jungle Base Camp, en besloten die dagen op wandelsafari te gaan. Nadat we de eerste dag heerlijk rondom het vuur met een boekje hadden doorgebracht, vertrokken we de volgende ochtend om 07:00 te voet naar het park. Na anderhalf uur wandelen had Hukum een plek gevonden om te wachten of de tijger zich zou vertonen. Geduldig vleiden we ons op de grond en wachten – samen met een koppel uit Oostenrijk en hun gids – op het moment waar iedereen toch voor komt. Twee dagen lang zag onze dag er tussen 07:00 en 17:00 zo uit: wandelen en wachten, wandelen en wachten en wandelen en wachten. De eerste dag, net na de lunch, was de druk van de ketel af, want op ongeveer twintig meter afstand liet de tijger zich zien. Geschrokken door onze reacties – of voortgedreven door de jacht – maakte de tijger zich net zo snel weer uit de voeten en was er geen tijd om een foto te maken. Helaas zagen we de rest van de momenten geen tijger of neushoorn (meer) en moesten we ons tevreden stellen met de vele herten, apen en vogels die het park telde. Naast deze dieren zagen we ook nog een aantal pauwen, een jakhals en een python.
Let op
Zorg ervoor dat je voldoende contant geld meeneemt, want in Ambasa en Thakurdwara kun je niet pinnen. Bij onze accommodatie was het ook niet mogelijk om met een creditcard te betalen.
Hoeveel heeft het ons gekost?
De kosten van een safari (die de hele dag duurt) waren 3.500 roepies (€28,09) per persoon per dag. Deze kosten zijn inclusief de entreeprijs van 1.000 roepies voor het park. Het is naast een wandelsafari ook mogelijk om een jeepsafari te doen. Het voordeel is dat je dan een grotere oppervlakte kunt bestrijken, maar de kosten liggen hoger en zijn alleen interessant voor grotere groepen. Hoewel je met de jeep de jungle in gaat, parkeer je nog steeds tegelmatig de auto, om vervolgens – net als wij – op een plek te wachten tot dat de tiger zich laat zien. Voor zo’n jeepsafari betaal je volgens Hukum ongeveer 9.000 roepies (€72,23) voor een halve dag en 12.000 roepies (€96,31) voor een hele dag. Daar komt in beide gevallen nog de entreeprijs van 1.000 roepies (€8,03) per persoon bovenop.
In totaal betaalden wij voor drie dagen en drie nachten dus €12,04 per persoon voor de accommodatie, €20,47 per persoon voor het eten (en nog een paar flessen water) en €56,18 voor de safari’s. Dat komt neer op een totaalprijs van €88,69 en €29,56 per dag.
Gaan omdat…
De jungle is weer een geheel nieuwe omgeving, en zeker de moeite van een bezoek waard.
Wil je een tijger in het wild zien? Dan heb je in Nepal – met een aantal van 64 tijgers – in het Bardia National Park de meeste kans.
De rust en gastvrijheid in Thakurdwara laten je helemaal tot rust komen en zorgen voor een vertrouwde sfeer die voelt als thuis.
Voorbij gaan omdat…
Als je een tijger of neushoorn wilt zien, wordt je geduld behoorlijk op de proef gesteld. Het grootste gedeelte van de dag zit je te wachten tot er iets gebeurd, en dat kan letterlijk slaapverwekkend zijn.
Reisinformatie
Een visum voor Nepal is verplicht. In Nepal wordt er betaald met Nepalese rupees. De GGD raadt inenting tegen Hepatitis A, DTP en buiktyfus aan. Verblijf je er langere tijd, dan kan het zijn dat je meer inentingen nodig hebt. Malaria, en verschillende andere ziektes die overgebracht worden door muggen, komen in Nepal voor. Het is daarom belangrijk om antimugmaatregelen te nemen. In Nepal gelden er veiligheidsrisico’s.
Visum
Voor Nepal kun je zowel van te voren in Amsterdam als in Kathmandu zelf een visum regelen. Je kunt een visum aanvragen voor 15, 30 of 90 dagen. Dit doe je door een formulier aan te vragen via de email bij het consulaat. Vervolgens ga je met je paspoort, dit formulier, één pasfoto, contant geld (pinnen is niet mogelijk) en een bewijs van je reisdata (bijvoorbeeld een boekingsbevestiging of vliegticket) naar het consulaat. Voor €2,50 extra is je visum direct klaar. Het visum is vervolgens tot zes maanden na uitgifte geldig en gaat in op het moment dat je Nepal binnenkomt. Het consulaat raadt aan om het visum van te voren in Nederland te regelen. Hoewel het in Kathmandu zelf iets goedkoper is, zijn de wachtrijen vaak heel erg lang. De kans is dan groot dat je bagage ondertussen van de band gehaald wordt en wellicht kwijt raakt in de chaos van het vliegveld. Ga je met meerdere personen naar Nepal? Dan is het mogelijk dat één persoon de visums regelt.
Let op
Bij aankomst in Nepal bleek dat het aanvragen van een visum snel en gemakkelijk ging. Hiervoor betaal je ongeveer de helft van het bedrag dat we in Nederland betaalden. Doordat wij al een visum hadden, konden we in een andere rij aansluiten en waren we vrij snel langs de douane beambte. Helaas moest iedereen daarna nog een keer langs de metaaldetector, wat vrij lang duurde. Toen we hier doorheen waren, begon de bagageband net te lopen en hebben we vervolgens lange tijd op onze tassen gewacht. Ongeveer twee uur na het landen, arriveerden we in ons hostel in Thamel. Denk eraan het bewijs van je bagage te bewaren als je het vliegveld verlaat. Ze controleren namelijk of je niemand anders zijn bagage meeneemt.
Budget
Wil je weten wat een low-budget backpack vakantie naar Nepal ongeveer kost? Ik heb onze gemaakte kosten hieronder bijgehouden, zodat je deze informatie wellicht kunt gebruiken voor een eigen reis naar Nepal. De kosten zijn op basis van een reis voor twee personen, maar zijn genoteerd per persoon.
- Vliegtickets: €403. We vlogen vanuit Amsterdam naar Kathmandu met Turkish Airlines en hadden een tussenstop in Istanbul. (Let op: Omdat wij vanuit Nepal verder naar India reisden, vlogen we vanuit India (New-Delhi) verder naar Nieuw-Zeeland (Auckland). Dit ticket kostte ons €445,00.)
- Visum: €62,50. Voor een visum van 30 dagen betaal je €60 en €2,50 om er voor te zorgen dat het visum direct in orde wordt gemaakt, zodat je dit niet op een later moment hoeft af te halen. (Als je dit in Nepal aanschaft is het aanzienlijk goedkoper.)
Annapurna Trekking (dertien dagen)
- Annapurna Trekking: €382. Voor een trekking van dertien (oorspronkelijk veertien) dagen, inclusief vervoer, accommodatie (tweepersoonskamer met gedeelde douche/toilet), ontbijt, vergunningen en gids.
- Eten en drinken: €109,90. Dit komt neer op €8,45 per persoon per dag voor lunch en diner.
- Fooi voor de gids: €24,60. Dit zijn 6.000 rupees voor twee personen. Dat komt neer op ongeveer €3,80 per gezelschap per dag.
- Overige uitgaven: €19,10. Dit komt neer op €1,45 per dag. Hieronder vallen: de kosten voor de bus van Jomsom naar Tatopani (€6,15) in plaats van lopen, de entree tot de hotspring in Tatopani (€1,20), een paar warme sokken (€4,50) en de kosten voor het pinnen en wisselen van geld (€7,25).
- Totale kosten: €535,60. Dit komt neer op €41,20 per persoon per dag.
Overige dagen (elf dagen)
- Accommodatie: €32,60. Dit komt neer op €3,25 per persoon per dag (omdat we ook één nacht in het vliegtuig doorbrachten). Hierbij verbleven we altijd in een tweepersoonskamer, soms met gedeelde en soms met eigen badkamer.
- Eten en drinken: €71,30 Dit komt neer op €6,50 per persoon per dag. Vaak aten we slechts twee keer per dag: lunch en diner. Op dagen dat we lang in de bus zaten, aten we meestal ontbijt en diner. Onderweg stilden we onze honger met koekjes en chips.
- Vervoer: €21,80. Dit komt neer op €2 per persoon per dag. Daarbij reisden we bijna altijd met de lokale bus. Af en toe moesten we een taxi of riksja nemen, die een stuk duurder zijn.
- Overige uitgaven: €99,70. Dit komt neer op €9,05 per persoon per dag. De kosten worden met name omhoog getrokken door de twee dagen die we in Bardia National Park op safari gingen. Daarnaast hebben we ook een aantal nieuwe zaken aangeschaft: twee waterflessen een een nieuwe kleine rugzak.
- Totale kosten: €225,45. Dit komt neer op €20,50 per persoon per dag.
Gepland en gerealiseerd budget
Voor Nepal hadden we rekening gehouden met een totaal dagbudget van €20. Daarbij was €2 gereserveerd voor de accommodatie, €10 voor het eten, €3 voor het vervoer en €5 voor alle overige kosten.
Uiteindelijk is het ons niet gelukt om binnen budget te blijven. Dit komt doordat we besloten om de Annapurna Trekking via een bureau te boeken (met gids) en niet op eigen houtje te gaan. In totaal hebben we in Nepal €761,05 uitgegeven. Dat komt neer op €31,70 per persoon per dag. Dat betekent dat we €281,05 teveel hebben uitgegeven.
Let op
De kosten van het wisselen van geld en het opnemen van geld bij de automaat heb ik bij de overige kosten meegerekend. In totaal komen deze kosten neer op €10,30 per persoon. Dat is ongeveer 1,35% van het totaalbedrag.
Meer lezen?
Ga dan verder naar India.


















